Ode aan dromers die de dagelijkse realiteit te lijf gaan

Tindersticks heeft een nieuw album. Frontman Stuart Staples ziet The Waiting Room als een nieuwe fase. Gewoon eens lekker uit de bocht vliegen. Door Gijsbert Kamer Foto Ivo van der Bent

Stuart Staples. Beeld Ivo van der Bent
Stuart Staples.Beeld Ivo van der Bent

Stuart Staples, zanger en voorman van het Britse Tindersticks heeft wat te vieren. Hij is net 50, zijn band bestaat bijna 25 jaar en hij is in Amsterdam om het tiende studioalbum toe te lichten. The Waiting Room heet de plaat, die Staples eigenlijk beschouwt als het begin van een nieuwe fase.

'Terugkijkend zie ik dat onze geschiedenis in te delen is in perioden van drie albums. Vooral dat laatste trio platen bleek essentieel. Toen The Something Rain drie jaar geleden verscheen, wist ik het: Tindersticks is weer een echt goede band geworden. Dat gaf een zekere rust bij de voorbereidingen van The Waiting Room.'

Dit tiende Tindersticks-album klinkt vertrouwd en toch anders. Gebleven is de wijnrode bariton van Staples en de wat donkere melancholieke sfeer die de muziek uitstraalt. Staples: 'Die stem kan ik niet veranderen, ik zal altijd een beetje mompelend blijven zingen, zoals Nick Cave dat ooit omschreef. Maar er zit volgens mij meer lucht in de arrangementen. Een Afrikaans tintje in Help Yourself bijvoorbeeld, is iets wat we toen we begonnen nooit hadden aangedurfd.'

Dat begin ligt in Nottingham, 1991. Staples was wat hij zelf noemt een 'echte indie-freak'. Met zijn vrienden David Boulter en Neil Fraser (de enig overgebleven Tindersticks-leden van het eerste uur) plozen ze eind jaren tachtig wekelijks de muziekbladen uit en deden ideeën op voor de vormgeving van hun band .

Tijdloos

'We luisterden ook goed naar de sound van toen veelgeprezen platen. Nick Cave And The Bad Seeds maakten donkere, door piano, orgel en andere bluesklanken gedreven muziek. Daar was niks modieus of geproduceerds aan. Daardoor had het iets tijdloos.'

Een raar stel jonge mannen waren ze wel, zegt Staples. 'Los van Cave, Joy Division en die verrassende dwarsligger Mark E. Smith met zijn Fall, vonden we in de jaren tachtig eigenlijk weinig actuele muziek de moeite waard. Dus luisterden we naar Serge Gainsbourg en Lee Hazlewood. Dat deed echt niemand. O, en dan droegen we ook nog die malle tweedehands pakken van de vlooienmarkt.'

Nee, aan Tindersticks zat niks glamoureus, toen ze in 1992 naam begonnen te maken. 'We waren vooral anders en dat viel op.' De twee titelloze albums, verschenen in 1993 en 1995, werden bedolven onder goede kritieken. De herfstige, zwaarmoedige klanken hadden meteen iets eigens, maar Staples vond dat de band na Curtains - mooi maar te veel van hetzelfde - het roer moest omgooien.

'Ja dat was het eerste drieluik. Het tweede begon met Simple Pleasure, waarmee we de 20ste eeuw afsloten. Er slopen soulelementen in de muziek, die dankzij blazers en hardere gitaren langzaam extraverter werd.' Er volgden nog twee albums, maar na Waiting For The Moon was het klaar met Tindersticks. 'Ja echt. Ik was met mijn familie al lang naar Frankrijk verhuisd, waar ik met vrouw en vier kinderen nog altijd woon. De rest woonde elders. Er kwamen twijfels. Moesten we wel doorgaan, konden we niet ieder voor onszelf iets gaan doen?'

null Beeld  Ivo van der Bent.
Beeld Ivo van der Bent.

De schoonheid waarvoor Tindersticks ooit stond

Dat deden ze. Staples ontwikkelde zich als solo-artiest en verdiepte zich in de filmkunst. 'Tindersticks had nooit meer bestaan als er tien jaar geleden niet een verzoek kwam om ons tweede album integraal in Londen uit te voeren. Ineens zag ik de schoonheid waarvoor Tindersticks ooit stond.'

Niet alle leden deelden Staples' enthousiasme, maar toetsenist David Boulter en gitarist Neil Fraser wilden hem wel volgen naar wat hij nu 'Tindersticks fase drie' noemt, die in 2012 werd afgesloten met The Something Rain.

Een slechte plaat heeft Tindersticks nooit gemaakt, maar The Something Rain is wel een van de allermooiste, vindt Staples nu.

'Muzikaal is die plaat het rijkst en tekstueel het sterkst. De meeste liedjes gaan over verlies en het besef dat naarmate je ouder wordt, je steeds meer met de dood wordt geconfronteerd.' Ze hadden weer recht van bestaan, zegt Staples. De band hoefde niet langer te teren op het verleden. 'Met die gedachte zijn we aan The Waiting Room begonnen.'

Een plaat waarop de gastrollen van twee zangeressen opvallen. De eerste, Lhasa de Sela, was een bevriende Canadese zangeres die zes jaar geleden aan kanker overleed. 'Dit Hey Lucinda namen we samen op voordat ze ziek werd. Ik heb er nooit naar durven luisteren, maar mezelf nu gedwongen. We hebben er een nieuw arrangement aan gegeven. Zie het als een gedenkstuk.'

null Beeld Ivo van der Bent.
Beeld Ivo van der Bent.

Een ode aan de dromers en kunstenaars

De andere zangeres is Jehnny Beth, zangeres van Savages. 'De hele plaat lang voel je een soort spanning, die komt in ons duet We Are Dreamers! tot ontlading. The Waiting Room is een ode aan de dromers en de kunstenaars die de dagelijkse realiteit te lijf gaan.'

De wereld wordt met de dag gruwelijker, meent Staples. 'Je kunt die als kunstenaar benoemen, maar ik neem er liever afstand van. Muziek, literatuur en film kunnen niet alleen troost bieden, maar ook een handvat om met alle oprukkende ellende om te gaan.'

We Are Dreamers! is een van de meest verbeten en felle liedjes die Tindersticks ooit opnam. Staples wilde het kwaad bezweren zoals hij dat nog niet eerder kon. Hij werd door Beth aangespoord steeds feller tegen haar zang in te gaan, wat het duet een zekere dreiging geeft.

De muziek van Tindersticks krijgt na al die jaren een nieuwe dimensie. Staples: 'Na een kwart eeuw mag ik ook wel eens uit de bocht vliegen, toch?'

Tindersticks: The Waiting Room. City Slang/Konkurrent.

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over