Reportage

North Sea Jazz Downtown kruipt door het oog van de naald en dat betekent feest

Saxofonist Benjamin Herman zei het zaterdag treffend toen hij met The Quartet-NL het podium van de Doelen had betreden: ‘We zijn door het oog van de naald gekropen.’ Uitgerekend in het weekend dat de hoop van veel festivalorganisaties de grond in werd geboord, beleefde Rotterdam een aangepaste editie van North Sea Jazz.

Trijntje Oosterhuis en het Metropole Orkest, onder leiding van Vince Mendoza, op RTM Stage Ahoy Rotterdam. Beeld Tess Janssen
Trijntje Oosterhuis en het Metropole Orkest, onder leiding van Vince Mendoza, op RTM Stage Ahoy Rotterdam.Beeld Tess Janssen

Gelukkig had de persconferentie van Rutte en De Jong, vrijdagavond, geen gevolgen voor North Sea Jazz Downtown. De concerten van vrijdag tot en met zondag op diverse Rotterdamse podia konden doorgaan. De toegang was toch al beperkt en het publiek moest bij alle concerten zitten.

Wat vrijdagavond Trijntje Oosterhuis er overigens niet van weerhield om aan het einde van haar fraaie concert met het Metropole Orkest het publiek tot opstaan te manen. Anderhalf uur had het aandachtig geluisterd naar repertoire uit het Burt Bacharach Songbook, dat Oosterhuis tot in de puntjes beheerst. Toen het orkest onder leiding van Vince Mendoza Do You Know the Way to San José inzette, kwam daar toch even een aansporing tot burgerlijke ongehoorzaamheid.

Trijntje Oosterhuis Beeld Tess Janssen
Trijntje OosterhuisBeeld Tess Janssen

Mocht ook best even, want Oosterhuis had zich glorieus door het verraderlijk eenvoudig klinkende, maar moeilijke Bacharach-repertoire heen gewerkt. ‘Elke maat is anders’, legde ze de vierhonderd bezoekers uit. Haar versie van A House Is Not a Home blijft een van de betere, het arrangement dat Mendoza voor Alfie schreef fonkelde en eigenlijk zingt Oosterhuis God Give Me Strength veel mooier dan Elvis Costello zelf, die het met Burt Bacharach componeerde.

Het concert van Oosterhuis met orkest was het eerste in de nieuwe zaal naast het oude Ahoy, het RTM Stage, een aanwinst voor de stad waar ook North Sea Jazz veel plezier aan zal beleven. Dit jaar moest de organisatie de capaciteit drastisch beperken en de bezoekers spreiden over podia in de stad. Voor elk van de optredens moesten apart kaarten gekocht worden, zodat je bij de meeste optredens steeds een ander publiek aantrof.

Toch lukte het de organisatie iets van een festivalsfeer te bewaren. Om te beginnen was daar de vertrouwde layout van het blokkenschema. Het was even gek opkijken van namen als Miles Davis en Ray Charles. Maar we zagen het goed. Onder de noemer The Best of the Past waren onder meer hun optredens uit respectievelijk 1985 en 1980 zaterdag te streamen. Beter was het om de stad in te gaan, waar het publiek in De Doelen werd verwelkomd met een glaasje en een buitengewoon enerverend optreden van het kwartet van Benjamin Herman met Peter Beets (piano), Ernst Glerum (bas) en Han Bennink (drums).

Nabou in LantarenVenster. Beeld Tess Janssen
Nabou in LantarenVenster.Beeld Tess Janssen

Ze speelden met een gretigheid die passend was na zo lang noodgedwongen thuisblijven. Het repertoire van Misha Mengelberg was al opbeurend genoeg, maar de komst van Ronald Snijders met zijn dwarsfluit maakte het feest compleet. Zijn mengvorm van traditionele Surinaamse muziek met Afro-Amerikaanse jazz leverde een smakelijke cocktail op waarna Hans Dulfer op zijn tenor nog even voor een paar vurige duels met Herman tekende. Het was zo’n optreden waar North Sea Jazz veel van zijn grote reputatie aan dankt: het combineren van diverse grote namen die allemaal net iets extra’s lijken te willen geven.

Nabou in LantarenVenster. Beeld Tess Janssen
Nabou in LantarenVenster.Beeld Tess Janssen

Dat deed ook de Armeense pianist Tigran Hamasyan in LantarenVenster. Eerst denk je, waarom laat hij zich begeleiden door een elektrische basgitaar, maar dat werd snel duidelijk. Hamasyan laveerde tussen akoestisch en elektrisch, schakelde steeds een tandje bij met hoekige ritmes die zijn drummer Arthur Hnatek verleidden tot een minuten durende drumsolo. Stevig funkend sloot Hamasyan zijn set af, waarna de soepele zangstem van Cécile McLorin Salvant in de Doelen weer een geheel ander soort amusement bood.

Muzikale contrasten zijn altijd het leukst aan North Sea Jazz, en die waren ook in dit toch bescheiden programma opgenomen. Alleen, waar was de jeugd? ‘Wij zijn met z’n allen een paar duizend jaar oud’, grapte Benjamin Herman. Wie in De Doelen om zich heen keek, zag inderdaad veel grijs.

Geen zorgen, in Bird waren zaterdagavond vooral jongeren. Op het podium stond het Belgische Blackwave, dat een dampende hiphop-jazzfunkset serveerde. In de zaal zaten vooral jongeren, die moeite hadden te blijven zitten. Want tjonge, wat een swingend feestje zetten de twee rappers met hun zes begeleiders neer. Zoals alle muzikanten had Blackwave een rotjaar achter de rug, maar tijdens hun eerste optreden in tijden gaven ze alles wat ze in zich hadden. En dat verbond ze met alle andere muzikanten dit weekend elders in de stad. Het plezier, de drang om er ondanks alles toch wat van te maken, was overal voelbaar en maakte dit North Sea Jazz Downtown tot een succes.

Derde Bacharach

In september brengt Trijntje Oosterhuis een derde album met composities van Burt Bacharach uit, vertelde ze haar publiek. Twee jaar geleden had ze dat al min of meer afgesproken toen ze met de componist zelf had vastgesteld dat er nog zo veel materiaal lag dat ze op wilde nemen. Tijdens de lockdown nam ze met dirigent Vince Mendoza op afstand in de VS het album Everchanging Times - The Burt Bacharach Songbook Volume 3 op, dat volgt op twee eerdere albums met Bacharach uit 2006 en 2007.

Meer over