Brian Dennehy

Nooit was hijzelf de grote filmster, toch herkenden veel kijkers Brian Dennehy meteen

Acteerveteraan Brian Dennehy, die afgelopen woensdag op 81-jarige leeftijd is overleden, was een bekend Hollywoodgezicht uit de jaren tachtig, zonder zelf de grote ster te zijn. Een man die veel film- en televisiekijkers vermoedelijk direct herkenden, zonder precies te weten wie hij was.

De woensdag overleden Amerikaanse acteur Brian Dennehy. Beeld ANP
De woensdag overleden Amerikaanse acteur Brian Dennehy.Beeld ANP

Toen regisseur Ron Howard hem op het hoogtepunt van zijn faam vroeg voor de hoofdrol in de sciencefictionkomedie Cocoon (1985), als de leider van een groep buitenaardsen die zich in een rusthuis voor bejaarden voordoet als mens, liet de acteur op speelse wijze merken hoezeer hij zich bewust was van zijn plek in de filmwereld. ‘Allemaal best, Ronny, maar ik snap niet waarom een superieur en intelligent wezen eruit zou willen zien als ik en niet als bijvoorbeeld Robert Redford.’

Dennehy brak door als sheriff Will Teasle in de eerste Rambo (1982), waarin hij de scepter zwaait over het politiepeloton dat een film lang jaagt op de door Sylvester Stallone gespeelde Vietnamveteraan. Zijn rijzige gestalte – breedgeschouderd en 1,91 meter lang – leverde hem meerdere rollen op als autoritaire leidersfiguren of sporters, maar hij werd er niet toe beperkt. ‘Een beer van een kerel, maar soms meer een teddy dan een grizzly’, beschreef de theaterrecensent van The New York Times zijn voorkomen, naar aanleiding van zijn hoofdrol in Eugene O’Neills theaterstuk The Iceman Cometh (1990).

Een smetje op zijn levensverhaal vormt zijn verzinsel dat hij ooit in Vietnam zou hebben gediend. Hij zou daar diep voor door het stof gaan. Wel diende hij in de periode voor zijn acteercarrière vijf jaar bij de Amerikaanse mariniers, van 1958 tot 1963. Op oude groepsfoto’s was hij zelfs daar de grootste van het stel.

13-jarige Macbeth

Dennehy ontwikkelde zijn liefde voor het vak in het theater. Hij was 13 toen hij op zijn middelbare school in Brooklyn de hoofdrol speelde in Macbeth. Toen hij in de jaren na zijn grootste Hollywoodhits de lol in het acteren voor grote studio’s had verloren (‘filmen was ooit plezierig, je kreeg een eersteklasbehandeling, maar die tijden zijn voorbij’, liet hij destijds optekenen) werd het theater ook de plek waar hij de grootste artistieke waardering genoot. Hij won een Tony Award voor een machtige vertolking die door theaterkenners werd beschreven als de rol van zijn leven, als de beroemde handelsreiziger Willy Loman in Death of a Salesman (1999) van Arthur Miller, een jaar later gevolgd door een Golden Globe voor dezelfde rol in de televisieserie. Een tweede Tony ontving hij voor zijn spel in Long Day’s Journey into Night van Eugene O’Neill (2003).

In een interview met de Amerikaanse nieuwszender CBS bleek ook zijn favoriete aspect van het acteervak gerelateerd aan het theater. ‘De stilte. Het moment waarop je tegenover duizend mensen speelt en niemand geluid maakt. Omdat ze naar je luisteren.’

De ouders van Brian Dennehy, Amerikanen van Ierse afkomst, beoordeelden zijn acteerambities in de jaren zestig als hoogst onverstandig. ‘Iedereen die is opgegroeid in een eerste- of tweedegeneratie immigrantenfamilie weet dat de verwachtingen groot zijn om vooruit te gaan in het leven’, zei Dennehy in 1999 tegen Columbia College Today. ‘Acteren droeg daar in hun ogen op geen enkele manier aan bij.’

Meer over