NET IETS TE LAAT INZETTEN EN VALSIG ZINGEN

Pieter Kramer regisseert Soul, een muzikale komedie over eenzame mensen die hun uitvlucht zoeken in soulmuziek. 'Vet en echt tegelijk.'..

Eerst zie je de basket, de bok en de ringen, de turnmatten en dietypische gymzaalbanken. En hoe langer je kijkt, hoe meer details opvallen:de prijzenkast, een slordige stapel dozen in wat de 'kantine' moet zijn,het prikbord vol los hangende A4-tjes in de gang, de zware deuren naar het'materialenhok'.

Werkelijk aan alles is gedacht: tussen de balken van het plafond zittenzelfs een paar voetballen vastgeklemd waar niemand meer bij kan, en de klokheeft een stalen beschermrekje zodat hij niet kapot kan worden gegooid. Endan zie je als publiek nog niet eens alles. 'Aan de achterkant van de deurzitten jubileumstickers van het vijfjarig bestaan van een of anderesportclub: 1982-1987', vertelt acteur Martijn Fischer die in Soul, denieuwe voorstelling van het RO Theater, de rol speelt van Rob, dehuismeester van dit gymzaaltje dat zo op de nominatielijst kan om geslooptte worden. Maar waar vooralsnog het plaatselijke verenigingsleven groeiten bloeit.

Dat het decor hier lijkt op een televisiedecor is niet zo gek. Soul isde derde grote toneelregie van Pieter Kramer, nu vaste regisseur bij hetRO, maar vooral bekend van televisiesuccessen als Theo en Thea, 30 Minuten,Hertenkamp en de film Ellis in Glamourland. Alles draait hier om details - Kramer: 'Ja dat kleeft aan me' - zoveel is meteen duidelijk.

Zelfs al kom je middenin de laatste repetities in de RoosendaalseSchouwburg De Kring binnenvallen. Even nog vraag je je af of het allemaalwel klopt, dat actrice Jacqueline Blom daar zo aandoenlijk geconcentreerden vol overgave te hard en valsig staat te zingen - soulnummer FamilyAffair - maar al gauw begrijp je dat het zo hoort, als zangpartner Fischerzijn rol onderbreekt en verzucht: 'Het moeilijke is om zo virtuoos mogelijkproberen te zingen en tegelijk amateurisch en achterlijk over te komen.'

Soul moet net als Kramers' Pygmalion en Ja Zuster, Nee Zuster een grotepublieksvoorstelling worden. 'Ik ben niet van het klassieke toneelspelen.Dat laagdrempelige zit in me, en het lijkt me voor spelers óók zo raarom voor een lege zaal te spelen. Ik hou ervan dingen te maken die net alsTheo en Thea op verschillende niveaus begrepen kunnen worden. Die ook nogleuk zijn als je die diepere laag niet ziet.'

Dit stuk, nieuw en geschreven door Ton Kas, gaat over veertien, eenzamemensen die eens in de maand bij elkaar komen, om als uitvlucht uit hunbestaan soul-muziek te maken. Maar het is ook een komedie met lekkeremuziek. Wat je tijdens de repetities nog niet ziet, maar tijdens de try-out's avonds wel: ze gaan er zo in op dat ze zich ook zwart schminken.

Eerste scène: de clubleden druppelen binnen en moeten stuk voor stukhun verhaal kwijt. Ondertussen is huismeester Rob - te grote bril, haarstrak achterover, André Hazes-blouse - druk bezig: de deur van hetmaterialenhok gaat niet open (sleutel kwijt), de stoppen slaan steeds door,het dak lekt. En niemand die ook maar een vinger uitsteekt terwijl Rob -die, zo blijkt, op zijn werk gepest wordt - niets durft te zeggen.

Het zijn allemaal eenzame mensen die langs elkaar heen communiceren,vertelt Martijn Fischer in de kleedkamer. 'Iedereen is heel lang van stofover vrij onbeduidende zaken waarmee ze elkaar claimen en terroriseren.'

Zo heb je Leo, een gefrustreerde taxichauffeur, die zich de hele tijddruk maakt om het feit dat bumperkleven en hard rijden wel worden bestraft,maar mensen die met 90 links rijden niet. 'De tekst is heel goede komedie',zegt Jacqueline Blom. Zelf speelt ze Annechien, 'tegen de vijftig en ikdenk wel alleenstaand'. Zij is samen met Rob de geestelijke moeder diealles regelt, de consumptiebonnen, de kostuums, de wc-rollen, de jaarlijksevleesfondue, 'en wil daarmee ook wel een zekere macht uitoefenen'.

Levensecht is het allemaal. 'Ja het zou ook zo een aflevering van 30Minuten kunnen zijn', beaamt Pieter Kramer, 'of een aflevering van Langleve de Vereniging van tv-maker Michiel van Erp.'

Inspiratiebron voor de voorstelling is niet voor niets een documentaire,Paris is burning, over mensen in Harlem die geen cent te makken hebben endie in het weekeinde meedoen aan de balls, wedstrijden waar je bekers kuntwinnen in de meest opzienbarende categorieën, zoals wie het best - 'hetwaren veel flikkers' - een zakenman na kan doen.

Kramer: 'Zo'n club is een plek waar mensen die verder in hun leven nietsgaan bereiken, een avond in de week kunnen zijn wie ze zouden willen zijn,namelijk iemand van betekenis. In Nederland heb je van die weekends waarinmodale mensen riddertje spelen. In België heb je een cowboydorp, waar jeeen arrangement naartoe kunt boeken. Het lijkt wel alsof de gewone man dooral die regeltjes en troosteloze Vinexwijken steeds meer behoefte heeft aandit soort dingen. Even weg uit hun politiek correcte, saaie leven.'

Dat het uiteindelijk een soul-club werd, die covers brengt van Rock yourbaby tot I'll be there en Papa was a rolling stone, had niet alleen temaken met het feit dat het gewoon lekkere en emotionele muziek is, maarvooral ook vanwege de betekenis van het woord soul. Kramer: 'Dit zijn tochallemaal mensen die bezieling missen en zoeken.'

Keimpe de Jong, die de muziek en muzikanten koos en de arrangementenmaakte, is zelf een kenner op het gebied van de amateurclubs. 'Zelfdirigeer ik elke dinsdagavond in Krimpen aan de IJssel het rock- ensoulorkest Vals Plat. Daar staat de notaris naast de kleuterjuf en dehuisschilder. En dan is het ook elke week weer aan het einde: Zullen wenog even lekker Sexbomb spelen?'' We gaan Soul ook in Krimpen spelen. Rekenmaar dat de zaal vol zit.'

Het deel voor de pauze bestaat vooral uit tekst, het deel na de pauzevooral uit muziek. Tijdens de repetitie van het tweede deel staan alleveertien spelers - acht acteurs en zes muzikanten - op het podium. Bijwijze van achtergrondkoortje staan de actrices Jacqueline Blom, Eva Vander Gucht en Fania Sorel een choreografietje te doen - 'zoals je op demiddelbare school Grease na zou doen'. Blom spiekt hoe het ook alweer moeten zet steeds iets te laat in. Intussen zingt Stijn Westenend BackStabbers, het hele nummer met zijn rug naar de zaal.

Ho! roept Kramer door de muziek heen. Hij staat tegen het podiumgeleund, en geeft iedereen aanwijzingen. Tegen Westenend: 'Dit is jouwshowtje, een klein therapeutisch sessietje. Dus je mag best nog wat meeruitpakken. En zoals je eerst stond, driekwart en profil , dat was beter.'

Kramer geeft vooral aanwijzingen over wie wat waar wanneer moet doen.Niet hoe. 'Het is een heel gedetailleerde voorstelling die het moet hebbenvan de mise-en-scène. Omdat alles simultaan op het toneel gebeurt, en wemet zoveel mensen zijn, hangt alles af van afspraken.'

'Hij is geen regisseur die heel erg ingaat op het acteren', zegt Blomdie ook speelde in The Woman Who Walked into Doors en de Proust-cyclus vanGuy Cassiers, de artistiek leider van RO die in mei volgend jaar vertrektnaar Toneelhuis Antwerpen.

'Bij Cassiers zit er al veel in zijn hoofd. Hij is erg bezig met video,met vorm, en zegt altijd: ik wil dat je niet spéélt. Kramer is zich heelerg aan het uitvinden. Hij is van het klein sociaal drama. Vet en echttegelijk. We zijn nog aan het zoeken hoe je zo over the top kunt gaan dathet nog wel geloofwaardig is. Extreme dingen heel gewoon laten lijken.'

Na de zoveelste onderbreking, zit iedereen een beetje in te kakken. Blomheeft een gaapaanval. Anderen liggen languit op de grond. Gitaristen zittenwat te pingelen. Fischer en Rogier Philipboom lopen te dollen. 'Er moetmeer tempo in komen hoor', roept voorstellingsleider Sidney van Geestineens van achter uit de zaal. 'Anders halen we het echt niet.'

Het is een beetje een Droste-effect. Want de voorstelling zelf gaateigenlijk ook over 'het geklungel in de repetitieruimte', over het steedselkaar onderbreken en verbeteren. Kortom over het 'onkige repeteren', zoalsBlom zegt.

Het is allemaal heel herkenbaar wat daar in dat zaaltje gebeurt, vindtze. 'Bij de eerste repetities ziet het er altijd vrij stompzinnig uit. Datis echt iets wat ik ooit heb moeten leren: gênant durven zijn.

'Een theatergezelschap is wat dat betreft net zo'n club, ook met al diesociale processen.'

Meer over