Nederland steunt herstel van Oost-Duits slot

Begin jaren negentig zag het er slecht uit voor Slot Oranienbaum in Oost-Duitsland. De Nederlandse cultureel attaché in Berlijn trof het slot 'in desolate toestand'....

Van onze medewerker

Arne Leffring

DEN HAAG

Erg trots op haar kastelen en paleizen is de DDR-leiding nooit geweest. Veel barokke bouwwerken uit de zeventiende en achttiende eeuw leden een kwijnend bestaan als psychiatrische inrichting. Een enkel slot werd zelfs opgeblazen, uit geldgebrek. Sinds de val van de Muur is in sommige Oost-Duitse regionen bijna een kwart van de beroepsbevolking werkloos geworden. Cultuurbehoud heeft niet altijd even grote prioriteit. Haar historische banden met het welvarender Nederland komen Oranienbaum dan ook van pas.

Het slot in Sachsen-Anhalt profiteert van het nieuwe culturele buitenlandbeleid dat Nederland sinds enige tijd voert. Deze week was voorzitter Th. Weiss van Kulturstiftung Dessau-Wörlitz, de stichting die zowel Oranienbaum als het beroemde kasteel Wörlitz beheert, te gast in Den Haag. Hij ondertekende een overeenkomst met de ministeries van Buitenlandse Zaken en OCW. Den Haag wil de cultureel-wetenschappelijke samenwerking tussen de beide landen intensiveren. Als de 'bruidsschat' na een jaar goed besteed blijkt, is Nederland bereid tot nieuwe bijdragen.

Tot 1673 was Nischwitz een onbetekenend gehucht in het oosten van Pruisen. De komst van prinses Henriëtte Catharina, een dochter van stadhouder Frederik Hendrik, bracht het plaatsje economisch en cultureel tot bloei. Uitgehuwelijkt aan Johan Georg II van Anhalt-Dessau verloochende de vorstin haar afkomst niet. Het stadje werd overspoeld door Hollandse specialisten.

De vorstin bestelde bierbrouwers, glasblazers en tabaksplanters uit haar moederland. Hollandse dijkenbouwers keerden het water in het gebied dat door overstromingen van de Elbe regelmatig blank stond. Een tegenprestatie vroeg de prinses wel van Nischwitz: vanaf 1675 heette het Oranienbaum. Twee zusters van Henriëtte Catharina raakten geïnspireerd en zetten Oranienberg en Oranienstein op de kaart. Hun vader kon tevreden zijn.

De Oranjecultus in Oranienbaum vond eind zeventiende eeuw zijn hoogtepunt in de bouw van een zomerkasteel. Henriëtte Catharina gunde de opdracht aan de Hollandse bouwmeester Cornelis Ryckwaert, leerling van Pieter Post. Ryckwaert ontwierp een drievleugelig gebouw gecentreerd rond het Corps de logis, met vooruitgeschoven onderkomens voor de hovelingen, stallen en schuren. Goudlederen tapijten bedekten de wanden van sommige zalen.

Hoewel Ryckwaert de voltooiing van het slot niet meemaakte - hij stierf net als de echtgenoot van Henriëtte Catharina in 1693 - kan hij worden beschouwd als mastermind. Oranienbaum is een toonbeeld van Hollands classicisme, symmetrisch en zonder de barokke tierelantijnen van het doorsnee-kasteel in deze contreien. Ook de gracht rond het slotcomplex is typisch Hollands. Kennelijk bewaarde de vorstin graag enige afstand tot het volk, een defensieve rol speelde de gracht niet.

De prinses bepaalde dat het plaatsje niet breder mocht zijn dan haar kasteel. In het moderne Oranienbaum zijn de gevolgen te zien: kaarsrechte straten, naar oud-Hollands model. Op het vierkante marktplein, vorig jaar in ere hersteld, verwijst een smeedijzeren oranjeboompje met negen sinaasappels naar de kinderschare van Henriëtte Catharina.

De sinaasappelbomen die de prinses in de Orangerie liet kweken waren beroemd. Zo'n vierhonderd moeten er hebben gestaan, waaronder bomen van zes meter. In de Tweede Wereldoorlog werd in Oranienbaum oorlogstuig ondergebracht en de verhuizing naar Wörlitz bracht de gevoelige planten om zeep. Maar de Kulturstiftung heeft de Orangerie opgeknapt en het aantal citrusplanten opgekrikt tot 186.

De Nederlandse bijdrage maakt het herstel mogelijk van onder meer de trap van het slot, de ledertapijten en de nog te reconstrueren dolfijnenfontijn. Weiss beschouwt het als een eerste stap in een proces dat vele jaren in beslag zal nemen. 'Restaurierung, Wiederbelebung, Innovation', luidt de slagzin waarmee hij het complex nieuw leven wil inblazen.

Dat is hard nodig, want toeristen zien Oranienbaum over het algemeen over het hoofd. Het slot biedt al decennialang onderdak aan het regionaal archief. Pottenkijkers waren lange tijd niet welkom. Het nabijgelegen slot Wörlitz slokt alle aandacht op. Ten onrechte, want ook Oranienbaum kent een 35 hectare groot park, onderdeel van het Dessau-Wörlitzer Gartenreich.

Weiss rekent erop dat het archief binnen twee jaar zal verhuizen. Onaangename verrassingen tijdens het herstel vreest hij niet. 'Elk detail van het slot is gefotografeerd en beschreven, 27 ordners vol.' Wel vraagt hij zich af hoe de Nederlandse gift in Oranienbaum zal vallen. 'Aan mensen zonder werk is zoiets moeilijk uit te leggen.' Hij denkt dus ook aan het scheppen van banen. Parkwachters of koetsiers. 'Het koetshuis als taxicentrale voor Oranienbaum.'

Meer over