InterviewFleur

Nederland maakte op Oudejaarsavond kennis met Fleur, de Frans zingende sixtiespopsensatie

Fleur (24), geboren als Floor Henkelman, lééft de jaren zestig, al sinds haar 8ste. Haar zangcarrière (denk Françoise Hardy en Sylvie Vartan) kwam daar eigenlijk pas laat bij. Ze treedt op in de digitale versie van ESNS. 

Floor Henkelman, alias Fleur, in haar repetitieruimte thuis in Vessem. Beeld Daniel Cohen
Floor Henkelman, alias Fleur, in haar repetitieruimte thuis in Vessem.Beeld Daniel Cohen

Voor veel tv-kijkers zal het liedje waarmee Matthijs van Nieuwkerk op Oudejaarsavond zijn nieuwe programma begon een eerste kennismaking zijn geweest. Aan de kop van Matthijs gaat door zong de Brabantse Fleur La tribu des trompettes, een nummer in de Franse yéyé-beatstijl van Françoise Hardy uit de jaren zestig. Geen minuutje, zoals we van DWDD gewend zijn, maar helemaal. Want dit was de muziek waar de presentator zoals hij dat formuleerde in het afgelopen duistere jaar ‘absoluut het meest naar geluisterd had. Gewoon omdat ik het nodig had.’

Fleur, die 24 jaar geleden als Floor Henkelman werd geboren en die komend weekend (online) te zien is op Eurosonic Noorderslag, is er daags na de oudjaarsuitzending nog altijd een beetje beduusd van. ‘Toen De Wereld Draait Door stopte, was ik een beetje bedroefd. Ik herinner me als kind dat mijn ouders er altijd naar keken. Het was ook voor mij een droom om daar te spelen, en dat kon nu niet meer.’

Maar Van Nieuwkerk had haar eind vorig jaar verschenen debuutalbum Fleur gehoord en hij vond het volgens de zangeres ‘helemaal te gek’.

Niet zo verwonderlijk, want de opgewekte Franstalige sixtiespop, gezongen met precies de juiste meisjesachtige dictie, blaast iedere sombere gedachte de hersenpan uit. Nederland heeft er eindelijk een zangeres bij die aansluiting vindt bij de klassiek geworden yéyé-muziek van Hardy, France Gall en, Fleurs eigen favoriet, Sylvie Vartan.

‘Dat was de eerste zangeres die ik samen met The Beatles op een foto zag’, vertelt ze aan de telefoon vanuit haar Brabantse woning.

En The Beatles, op hen is ze al sinds haar 8ste gek. ‘Ik ben in de platenkast van mijn vader bij de B blijven hangen denk ik. Vooral Paul McCartney vond ik geweldig, ik denk omdat hij net als mijn vader basgitaar speelt.’

Hoewel de liefde voor McCartney zo ver ging dat ze zelfs ‘meerdere brieven met huwelijksaanzoeken’ aan hem adresseerde, begon ze zelf betrekkelijk laat met zingen. De liefde voor de jaren zestig uitte ze aanvankelijk vooral in kleding en haarstijl.

‘De sixties werden langzaam een obsessie. Alles uit die tijd vind ik mooi. De muziek, de meubels en de kleding. Met de jaren tachtig en negentig heb ik niks. Ik zou me niet comfortabel voelen in de kleding van nu.’

Toen ze zelf haar eerste schreden in de muziek zette, lag het voor de hand dat ze op de jaren zestig geïnspireerde muziek zou maken. Samen met haar net zo door de die periode geobsedeerde vriend, drummer Gijs de Jong, zat ze in de Colour Collection en trok ze de aandacht in de periferie van retroband Mooon.

Toen die band, waarin haar partner drumde, in de studio van Dave von Raven en Arjan Spies van The Kik een plaat opnam, viel ze de twee blijkbaar op.

‘Dave belde me op. Ze wilden een Franstalig liedje opnemen en dachten aan mij. Best, dacht ik. Ik ging naar de studio, zong een liedje in en dacht: daar hoor ik verder niks meer van.’

Maar Dave von Raven belde snel weer. Of ze niet een heel album wilde opnemen. Als Fleur, want dat klonk een stuk internationaler dan Floor.

Dat was een kleine twee jaar geleden. Een platenlabel hadden Von Raven en Spies, die haar manager zou worden, ook al in gedachten: Bickerton. Een Spaanse platenfirma, gespecialiseerd in sixtiespop. ‘Een Nederlandse platenmaatschappij was eigenlijk niet aan de orde.’ Bovendien kende Fleur Bickerton al, want Mooon zat er op en ook andere Nederlandse retro-beatbands als The Tambles en The Kryng.

Dat Bickerton een behoorlijk internationaal netwerk had, bleek al toen in 2019 de eerste single van Fleur verscheen. Mon Ami Martien kreeg een lovende bespreking in het Britse Shindig!, toch een stijlbijbel voor liefhebbers van sixtiespop van toen en nu.

Ook op andere muziekplatforms en sociale media begon rond te zingen dat Fleur beslist een aanwinst was.

Dat beloofde veel voor het album dat voor 2020 in de planning stond, maar daar kwam in maart corona tussen.

‘Ik had in februari net een band om me heen geformeerd waarmee ik zou kunnen gaan touren, maar we hebben uiteindelijk nauwelijks kunnen optreden. Het album Fleur verscheen wel, en mogelijk kan de geplande tour begin dit jaar toch plaatsvinden.

Fleur: ‘Ik hou heel erg van de Franse taal, van Frankrijk als vakantieland en van Franse muziek. Maar spreken doe ik het niet. Ik ben vooral goed in nepfrans.’ Beeld Daniel Cohen
Fleur: ‘Ik hou heel erg van de Franse taal, van Frankrijk als vakantieland en van Franse muziek. Maar spreken doe ik het niet. Ik ben vooral goed in nepfrans.’Beeld Daniel Cohen

Het geeft de zangeres wat extra tijd om de uitspraak van haar Frans bij te spijkeren. Want het was natuurlijk een mooi idee, zo’n Nederlandse zangeres die zich de Franse yéyé-stijl eigen maakt, maar die taal bleek toch een beetje een handicap.

‘Ik hou heel erg van de Franse taal, van Frankrijk als vakantieland en van Franse muziek. Maar spreken doe ik het niet. Ik ben vooral goed in nepfrans. Een taaltje dat Frans klinkt, maar het niet is. Daar kon ik natuurlijk niet mee wegkomen. Dus ben ik eerst al mijn teksten in het Nederlands gaan schrijven, heb ze toen zelf vertaald en heb ze daarna door echte kenners laten checken.’

De aanstekelijke muziek, gespeeld door onder meer Von Raven en Spies, wint door het Frans beslist aan kracht. Regelmatig denk je dat de heren van The Kik weer een parel uit hun archieven vol jarenzestigcuriosa hebben geplukt, maar de liedjes op Fleur zijn allemaal nieuw.

Dat het allemaal toch zo vintage jaren zestig klinkt, met de juiste orgeltjes, tintelende snaredrums en luchtige zang die je van Fleur best binnen het ‘zuchtmeisjes’-genre mag scharen, is het grootste compliment dat je de zangeres kunt geven.

‘Ik voel me echt een kind van de jaren zestig en baal iedere dag toch een beetje dat ik er toen nog niet was. Dat was op school al zo. Ik had eigenlijk niemand met wie ik die liefde kon delen. Nadat ik de platenkast van mijn vader had geplunderd bouwde ik zelf ook wel een collectie op, maar veel recenter dan de platen van Fleetwood Mac en Kate Bush werden mijn voorkeuren niet.’

Pas aan het eind van de middelbare school trof ze gelijkgestemden. Ze ging mode en keramiek studeren, wat haar alleen maar sterkte in het idee dat ook voor design de jaren zestig een gouden periode was.

‘En nu wonen we samen met ons zoontje Ramses. Naar Ramses Shaffy, maar dat zal je niet verbazen. Ons interieur is volledig sixties, Ramses loopt in een Beatles-pyjama en we draaien vooral muziek uit die tijd.’

Als het een vlucht is voor wat Van Nieuwkerk de duistere tijd noemt dan weet Fleur niet beter dan dat ze dat haar hele leven al doet. ‘Het was toch ook een heerlijke tijd. Peace en love, daar moeten we niet zo schamper over doen.’ We mogen haar best een beetje naïef vinden als we maar goed beseffen dat The Beatles natuurlijk gewoon gelijk hadden met All You Need Is Love.

En Matthijs ook als hij zegt dat er geen beter medicijn is tegen zwartgalligheid dan iedere dag na het opstaan even Fleur op te zetten en La tribu des trompettes hard door de kamer te laten schallen.

Fleur: Fleur. Bickerton Records.

Meer over