Museum Het Domein in Sittard richt zich voortaan op eigentijdse kunst Trots, piepjong en klein en toch al toe aan een forse ommezwaai

Trots kondigde het gemeentebestuur van Sittard eind jaren tachtig aan dat museum Het Domein een Nationaal Foto Museum zou huisvesten....

Van onze verslaggever

Arne Leffring

SITTARD

Sindsdien is voor wethouder E. Arets van Cultuur 'matigen' het devies. Het museum heeft de stad nu wel genoeg geld gekost. Naast de 3,8 miljoen gulden die de verbouwing van de negentiende-eeuwse school tot museum, kunstuitleen en filmhuis heeft gekost, wordt Het Domein geholpen met zes ton om de historische collectie in te richten. Net als Museum Het Valkhof in Nijmegen wil Het Domein beide collecties onder één dak brengen. De tientallen potscherven liggen er wat verweesd bij, maar krijgen dit najaar een eigen plek op zolder, belooft de directeur van Het Domein, Stijn Huijts. De afdeling stadgeschiedenis zal in het voorjaar van 1998 gestalte krijgen.

Huijts heeft al zijn energie nodig voor de ommezwaai die Het Domein moet maken naar een klein maar hoogwaardig museum voor eigentijdse kunst. De fotowerken vormen nog altijd de rode draad in de eigentijdse collectie, veel apparatuur is afgestoten. Naar aanleiding van de eerste bestandscatalogus die een dezer dagen verschijnt, stelde hij een expositie samen van recente aankopen, werken die hij nog van plan is aan te schaffen en werken die reeds in het bezit zijn van andere musea. Hora Est of de denkfout van Diederik luidt de cryptische titel van de tentoonstelling. Een knipoog naar de al te dogmatisch werkende kunsthistoricus Diederik Kraaijpoel, legt Huijts uit. 'Hij schrijft zo negatief over kunst.'

Dat negativisme is de museumdirecteur vreemd. Liefdevol haalt hij een recente aankoop van een plank in de expositieruimte. Op zijn beverige pootjes lijkt het dier van Michel Huisman nog het meest op een bange hond. Als Huijts aan de slinger draait, klinkt een radiozender en gaan de negen lampjes op zijn kop branden. Als het mechaniekje stopt, valt de radio uit en rest alleen de stilte die Huisman de twintigste-eeuwse consument wil laten horen.

Dan pas valt op hoe kaal de expositieruimte is gelaten. Er is niets waardoor de bezoeker zich aan de kunstwerken zou kunnen onttrekken, geen galmende commentaarstemmen, gekleurde wanden, of pindakaasvloeren. Wat overblijft is het zachte gezoem van de videorecorder waarop Suchan Kinoshita op de vloer een ritueel voorschotelt. Twee handen van verschillende personen dragen met eetstokjes banale voorwerpen van de ene kant van een vertrek naar de andere. Twee uur lang zweven de handen door het luchtruim, dan begint dit aan een Japans begrafenisritueel ontleende werk opnieuw.

Daarbij vergeleken is de wilde collage van Bjarne Melgaard bijna heiligschennis. De Noor beplakte naaktfoto's van homo-pornoster Joey Stefano, die zelfmoord pleegde, met vellen tekst. Het geheel mag een willekeurige indruk maken, de compositie zit geraffineerd in elkaar. Het statement van Documenta-directeur Catherine David hangt onopvallend tussen de ontblote lichaamsdelen van Stefano. Huijts kan de subtiele kritiek op de filosofische modellen van David wel waarderen, de naaktfoto's kunnen sommige bezoekers minder bekoren.

Figuren als Huisman, Melgaard, maar ook David Hammons en Jimmie Durham, werken met heel verschillende materialen maar drukken dikwijls hetzelfde uit. De koelkast die Durham met stenen bekogelde en Le saint frigo (Heilige Koelkast) noemde, past in die zin in dezelfde categorie als het masker dat Huisman construeerde. De drager van het masker ziet een bos en hoort vogelgekwetter. Maar zijn 'bedorven adem' mag de idylle niet verstoren en wordt door Huisman via een afvoerputje langs de zijkant weggeleid.

Huijts vindt het nog te vroeg om conclusies te trekken over de samenstelling van de collectie. 'Over tien jaar zie je de gaten in de collectie.' Om die zoveel mogelijk te vullen, werkt hij nauw samen met musea in Aken, Antwerpen en Gent, waarvan hij regelmatig bruiklenen betrekt. Hij keek rond op de Biënnale in Venetië en is net terug uit het Spaanse Valencia om een overzicht van de Duits-Argentijnse fotografe Grete Stern naar Limburg te halen. Kassel staat nog op zijn programma, al denkt hij dat de Documenta niet zijn cup of tea is. 'Je moet je rotrennen om alles bij te houden tegenwoordig.'

Toch mag hij hoopvol gestemd zijn. De Mondriaanstichting sprak in 1995 haar waardering uit voor de 'duidelijke keuze' die gemaakt was voor eigentijdse kunst. Het museum kreeg een ondersteunende aankoopsubsidie van 100 duizend gulden voor 1995 en 1996. Het museum voldeed aan de eis dat er uit eigen budget structureel een ton per jaar aan twintigste-eeuwse beeldende kunst en vormgeving moest worden besteed. Het was de subsidieverdeler (het geld komt van het ministerie van OCW) echter nog te vroeg om in de handen te klappen. In de honorering stond: 'Het museum is piepjong en klein en de vraag is of het uit te bouwen is tot iets substantieels.'

De suggestie van de Mondriaanstichting in 1995 dat Het Domein weinig bekend was, vond Huijts erg prematuur. Over de geringe aandacht van de pers kan hij 'wel een beetje boos worden'. 'Er is hier een hoop gelazer geweest. Nu denken ze: ''Laat ze eerst maar eens spartelen, dan komen we daarna wel kijken''. In discussies ergert hij zich toch al vaak aan de opvatting dat kleine musea zich tot regionale kunst zouden moeten beperken. 'De vraag of een kunstwerk internationaal of regionaal is, is niet aan de orde. Kunst heeft daar niet zoveel mee te maken. Voor mij staat de integriteit van een kunstwerk voorop.' Net als Jan Hoet, lid van de adviescommissie van Het Domein, volgt Huijts zijn intuïtie. 'Vaak vallen de dingen vanzelf op hun plaats.'

Hora Est of de denkfout van Diederik. Het Domein Sittard, tot en met 31 augustus.

Meer over