Multimediale thriller blijft steken in mist

Theater..

Vanaf de allereerste minuut zoekt de multimediale voorstelling Cold Case in alles de suspense van een detective. Als in een film rolt de titel over een doorzichtig voordoek, verwijzend naar onopgeloste, ernstige misdrijven én een gelijknamige politieserie op Net 5. Op de vloer ligt een lijk met rondom sporen van rechercheonderzoek. Genummerde bordjes markeren de plek van 's mans schoenen, zijn colbertje, sokken, een koffiekopje. Op de achterwand verschijnen de namen van de makers. En op band horen we dramatische, Engelstalige quotes als 'he didn't know yet what had happened to him'.

Tel daarbij op dat het slachtoffer wordt gespeeld door Hans Dagelet, bekend als politiecommissaris uit de tv-serie Russen, en je waant je even in een thriller. Toch wordt een mogelijk spannend verhaal tegelijkertijd door de makers voortdurend achter gehouden. Cold Case gaat over een vent van wie het geheugen zich tijdens een treinreis plotseling heeft begeven, meer krijgen we niet te weten.

De man mag dan - na door zijn jongere alter ego (Juda Goslinga) uit zijn levensloze toestand te zijn getild - als een verknipte spoorzoeker op zoek gaan naar herinneringen, elk vleugje verleden verdwijnt even snel als het komt. De voorstelling is veel meer een abstracte installatie dan een associatieve vertelling, zoals aangekondigd. Daarvoor zijn de verwijzingen te summier, en te zeer ingekapseld in artificiële vormen als geluidsfragmenten en vensterbeelden.

Het helpt ook niet dat de twee acteurs zich niet uitdrukken in tekst, alleen in blikken en beweging. Met verkrampte armen, vertraagde loopjes, wegdraaiende ogen en uit het lood hangende lijven stappen ze behoedzaam door het decor waar oplichtende voetstappen en handafdrukken een levensweg illustreren. Die leidt naar de vlonder vóór het scherm, maar ook het bevroren gegoochel van het tweetal daar, laat de mist niet optrekken.

Op zich hoeft dat niet erg te zijn. De vorm waarin scenograaf Jan Boiten, componist Jacob ter Veldhuis en choreografe Nanine Linning hun abstracte bedenksels gieten, is een op zich intrigerend en karakteristiek weefsel, hecht van beeld, muziek, woord en beweging. Echter net als in hun vorige samenwerkingsproject The Conspiracy blijft de vorm te statisch, te bekend en daarmee te saai. Misschien zou Cold Case beter werken als het publiek om het podium heen had mogen lopen om de man zonder verleden te zien rondspoken in een geïsoleerd heden.

Het einde is vooral een metafoor: de jongen neemt de plaats in van het lijk. Dat suggereert dat het verleden (de jongen) het slachtoffer is van de aanslag op het geheugen van de senior. Daar moeten we het mee doen.

Annette Embrechts


T/m