InterviewMona Kareem

Mona Kareem: ‘Met de kracht van mijn verbeelding wil ik vrouwen een uitvlucht bieden. Dat is mijn taak als schrijver’

Schrijver en activist Mona Kareem is de eerste Koeweitse dichter in vijftig jaar Poetry International. Met haar werk wil Mona Kareem vrouwen overal ter wereld een uitvlucht bieden.

Mona Kareem

Vraag Mona Kareem (Koeweit, 1987) wat er van haar zou zijn geworden als ze de literatuur niet had ontdekt en haar antwoord is simpel: ‘Uitbuiting.’ Kareems familie behoort tot de bedoun (niet te verwarren met bedoeïenen), een grote minderheid van meer dan 100 duizend mensen die door de Koeweitse regering als stateloos worden beschouwd.

Tot aan de jaren negentig konden de bedoun, die bij de onafhankelijkheid van Koeweit in 1961 om allerlei redenen registratie waren misgelopen, een redelijk normaal leven leiden. Vanaf de Golfoorlog nam de onderdrukking toe. Vanwege hun vaak Irakese afkomst werden de bedoun als verraders gezien. Ze hadden niet langer recht op een paspoort of een universitaire opleiding.

Mona Kareem is als eerste Koeweitse dichter ooit te gast op het 50ste Poetry International Festival in Rotterdam. Als 15-jarig meisje won ze een poëziewedstrijd en publiceerde ze haar eerste dichtbundel. Tegenwoordig woont de schrijver, journalist en activist in de Verenigde Staten. Na drie dichtbundels in het Arabisch heeft ze zojuist haar eerste bundel in het Engels afgerond.

‘Ik heb het geluk gehad dat ik ben opgegroeid in een huis met drieduizend boeken. Mijn vader was gek op filosofie en literatuur, in tegenstelling tot mijn moeder, die niet kon lezen. Ik herinner me hoe ik als 14-jarig meisje een verhaal schreef over een eiland waar alleen vrouwen woonden. Ik las het aan mijn moeder voor. Zij was diep ontroerd, niet alleen door mijn medeleven met haar, maar ook door de kracht van de verbeelding, dat je in een verhaal een fantasiewereld kon oproepen.’

De rol van de vrouw in de Arabische wereld speelt nog altijd een grote rol in het werk van Kareem. In haar gedicht Kumari richt ze zich tot de Filipijnse huishoudster van een rijke Koeweitse familie: ‘Misschien word je genoodzaakt de zoon te helpen/ zijn seksuele behoeftes te ontdekken/ of je zelfs op te offeren/ vanwege de fysieke gebreken van vader/ in beide gevallen, ren niet naar het politiebureau/ daar komen alle vaders en zonen vandaan.’

Arabische Lente

Kareem was in 2011 een van de initiatiefnemers van een lange reeks protesten in Koeweit, als onderdeel van de Arabische Lente. Duizenden bedoun gingen de straat op om een volwaardig staatsburgerschap te eisen. Kareem werd een bekende persoonlijkheid, tot ongenoegen van de autoriteiten. Nadat zij en haar familie meerder keren waren geïntimideerd, vertrok ze met een perskaart naar de Verenigde Staten. Toen haar visum was verlopen, bleek het onmogelijk om terug te keren. Haar familie heeft ze sindsdien niet meer gezien.

De reis naar de Verenigde Staten beschrijft ze in ‘Sterven als standbeeld’, een even mooi als kwetsbaar gedicht: ‘In zestien uur tijd verlies je je land voor de tweede keer.’ Een subtiele verwijzing naar het feit dat Kareem haar geboorteland nooit echt als ‘haar’ land heeft beschouwd.

De eerste jaren in de VS kreeg Kareem geen pen op papier, tot ze inzag dat haar poëzie persoonlijker moest worden: ‘Ik besloot over de dagelijkse vrouwenwereld te schrijven, en dan niet alleen vrouwen in de Arabische wereld maar overal. Met de kracht van mijn verbeelding wil ik hun een uitvlucht bieden. Dat is mijn taak als schrijver.’

Inmiddels heeft Kareem politiek asiel gekregen en over twee jaar hoopt ze een Amerikaans paspoort te krijgen. Momenteel werkt ze aan haar eerste roman, een semi-autobiografisch verhaal over wat literatuur voor haar betekent: ‘Ik heb nu de afstand om te zien hoe bijzonder mijn relatie met mijn ouders was. Zij hebben mij op het spoor van de literatuur gezet. Dat heeft mijn leven gered.’

Poetry International

Het Rotterdamse Poetry International Festival viert dit jaar zijn vijftigste editie. Van 13 tot en met 16 juni treden tal van internationale dichters, spoken-wordartiesten en musici op. Onder hen Rita Dove, de eerste vrouwelijke Afro-Amerikaanse Poet Laureate ooit. Vrijdagmiddag geven The Last Poets, voorlopers van de Amerikaanse hiphop, een workshop. Zij brachten hun eerste album uit in 1970 en zijn daarmee net zo oud als het festival. Zondag worden de winnaars van De Grote Poëzieprijs en de C. Buddingh’-prijs bekendgemaakt. De 26-jarige Roelof ten Napel is als enige voor beide prijzen genomineerd. Het festival vindt dit jaar plaats in De Doelen, waar het ooit allemaal begon.

Ahmed Aboutaleb, de burgemeester van Rotterdam mocht ter gelegenheid van 50 jaar Poetry International vijftig wereldgedichten bundelen. Een gesprek met Arjan Peters over zijn liefde voor poëzie, die al in zijn kindertijd ontstond. 

Meer over