Drama

Moebius

Met Moebius waagt Kim Ki-Duk zich dapper en vol overgave op onontgonnen terrein

Berend Jan Bockting

Subtiel is de Zuid-Koreaanse film­maker Kim Ki-Duk nooit geweest. Zijn internationale doorbraakfilm The Isle (2000) creëerde controverse vanwege twee scènes waarin vishaakjes een tamelijk gruwelijke hoofdrol spelen. In het verstilde Spring, Summer, Fall, Winter and... Spring (2003) steekt een monnik zichzelf in brand. En in zijn beste film, het bijna woordloze liefdesdrama Bin-jip (2004), zorgen golfballetjes voor fysieke pijn.

Geweld is onontkoombaar in het werk van Kim Ki-Duk (53), al vormt het nooit de essentie van zijn films. Hij gebruikt het dikwijls als symbool om uiting te geven aan de diepste menselijke driften, om de drijfveren achter relaties bloot te leggen, nooit alleen maar om te shockeren. Het zijn mokerslagen, maar binnen de ­context van sterke, soms magisch-realistische verhalen, vallen ze op hun plaats.

In Moebius, zijn achttiende ­speelfilm, ontbreekt die balans. Na een drie jaar durende depressie, waarover hij een even fraaie als ­treurige zelfonderzoekende documentaire maakte (met cruciaal ­citaat: 'Het leven bestaat uit zelf­marteling, sadisme en masochisme), is zijn werk nooit zo hard, donker en lastig te doordringen geweest.

Het verhaal over een vrouw die ontdekt dat haar man vreemdgaat en vervolgens de piemel van haar zoon afhakt, nadat castratie van haar eigen man is mislukt, voelt als de vertelling van een regisseur die Freuds oedipuscomplex iets te letterlijk heeft ­geïnterpreteerd. De scènes waarin hij op alternatieve wijze seksueel opgewonden leert te raken door met een steen over zijn huid te schrapen, vergen het nodige van je inlevingsvermogen.

Zeldzaam radicale cinema is het, ook omdat Kim Ki-Duk zijn acteurs voor het eerst volledig laat zwijgen. Die aanpak onderstreept zijn kracht om verhalen vooral visueel te vertellen en valt te zien als commentaar op filmmakers die alles met woorden willen vertellen maar het timmert zijn freudiaanse theater dicht tot de laatste kier.

Wat rest is verwondering over het bouwwerk. Met Moebius waagt Kim Ki-Duk zich dapper en vol overgave op onontgonnen terrein, maar vraag niet tegen welke prijs.

Meer over