Misdaad en straf in Nergenshuizen

Fictie Veranderend Zuid-Afrika, in de onlangs vertaalde romans van Damon Galgut en Carel van der Merwe...

De korte misdaadroman De groeve (1995, nu vertaald) van de Zuid-Afrikaanse auteur Damon Galgut leest als een filmscript, en het ís ook verfilmd. Galgut roept met spaarzame taal krachtige beelden op. Een eenzame man doolt in een desolaat landschap in het kale en dunbevolkte zuidwesten van Zuid-Afrika. Hij is op de vlucht, hij draagt een geheim bij zich.

Hij krijgt een lift van een dominee op weg naar een nieuwe standplaats, hij slaat de dominee dood, dumpt het lijk in een verlaten mijngroeve, trekt diens kleren aan en presenteert zich in het dorp dat wacht op een nieuwe dominee. In wezen twee dorpen – een blank en een zwart, het verhaal speelt vermoedelijk vlak na de afschaffing van de apartheid in 1990. In dat dorp Nergenshuizen treft hij de plaatselijke politieman, ook een vreemdeling, zijn tegenspeler.

De hoofdstukken zijn als shots. Soms duren ze een paar bladzijden, soms ook maar een halve. Galgut schetst zijn personages door hun omgeving te beschrijven. Hun dialogen en gedachten houdt hij zeer kort.

Het veranderende Zuid-Afrika, de onzekerheid over de rassenverhoudingen, spelen op de achtergrond mee. Maar je kunt het hele verhaal ook lezen als een metafoor voor dat land in overgang. De groeve is doortrokken van de ongewisse sfeer van vluchten, onbestrafte misdaad, verdenkingen, zwijgzaamheid en dreiging.

In de Zuid-Afrikaanse misdaadroman Nasleep van Carel van der Merwe verklapt de titel al dat de worsteling van het nieuwe Zuid-Afrika met de erfenissen van de apartheid het thema is. Bij Van der Merwe geen poëtische metafoor, maar een traumatisch daderverhaal, geplukt uit de zittingen van de Waarheidscommissie.

Die commissie onder leiding van aartsbisschop Desmond Tutu gaf plegers van misdaden uit naam van het apartheidsregime (en in mindere mate van het zwarte verzet) de kans op amnestie in ruil voor een bekentenis en erkenning van schuld tegenover slachtoffers of hun nabestaanden. Van der Merwe gebruikte verslagen van de hoorzittingen als grondstof voor zijn debuutroman Nasleep (uit 2007, nu in vertaling).

Een ambitieuze roman, waarin de auteur transcripties van verhoren mengt met gebeurtenissen in het leven van oud-militair Paul du Toit in de stijl van een thriller. Uit die verhoren blijkt dat Du Toit niet alleen betrokken was bij oorlogsmisdaden als Zuid-Afrikaanse commando in Angola, maar ook bij de dood van een blanke studentenactivist tegen de apartheid, een jeugdvriend bovendien.

Als hij na het verhoor thuiskomt, heeft zijn vriendin hem voorgoed verlaten. Zijn werkgever ontslaat hem als beurshandelaar. Du Toit vliegt naar Londen, op zoek naar zijn ex-vriendin. Daar huist hij bij andere aan lager wal geraakte blanke Zuid-Afrikanen en vindt een baantje bij een bewakingsdienst. Stukje bij beetje komt daar de waarheid over wat hij heeft gedaan boven water.

Paul du Toit is geen sympathieke hoofdpersoon, gewelddadig, een sluimerend gevaar. Toch weet Van der Merwe gaandeweg empathie met hem te wekken. Zijn verhaal is niet geheel geloofwaardig, maar daar komt Du Toit zelf ook achter. Zijn waarheid is een cliché, een ingeramd idee, daarvan moet hij los zien te komen. Hij kan uiteindelijk niet terug naar Zuid-Afrika, omdat hij niet meer met zijn vroegere maten kan omgaan.

Nasleep speelt zich bijna geheel af in blank Zuid-Afrika. Dat begint op een gegeven moment onprettig aan te voelen. Er ontbreekt een cruciaal element. De confrontaties tussen blank en zwart, de pogingen tot verzoening, de mislukking daarvan, maakten de zittingen van de Waarheidscommissie zo dramatisch. Van der Merwe gaat dit gevaar uit de weg, door louter blanke personages op te voeren.

Wat het verhaal van Nasleep toch boeiend maakt, is de vraag wat politiek en wat persoonlijk was aan de motivatie bij Du Toits misdaad. Tot zijn verbijstering wil de aanklager hem amnestie onthouden omdat hij uit persoonlijke wraak zou hebben gehandeld.

Later bekent zijn ex-vriendin, opgespoord in Londen, dat zij ook andere motieven had om hem te verlaten, niet alleen afschuw over zijn wandaden. Wim Bossema

Meer over