Michael Palin

Schrijver, acteur, televisiemaker en reiziger Michael Palin staat aan de vooravond van een 'sabbatical reisjaar'. Maar eerst moet er nog een roman af....

tekst Nell Westerlaken fotografie Wim van de Hulst

ls er iets op Michael Palin is aan te merken, als er één punt van kritiek is te bedenken, een klein karakteristiek smetje op een verder smetteloos blazoen, is het dat hij zo vreselijk aardig is. Altijd maar aardig, al 56 jaar. 'Jajaja, hahaha', hij weet het. Michael Palin is Mr. Nice Guy himself, maar fair is die kwalificatie allerminst, vindt hijzelf. Om zijn eigen woorden te onderstrepen had hij eigenlijk fel, of op z'n minst met bedachtzame ernst kunnen reageren. Maar Palin buigt zich over de tafel, frommelt z'n handen in elkaar, doet een stemmetje, nasaal, het kleine akelige mannetje: 'Yesyesyes, die Palin is zo ver-schrik-ke-lijk aardig, grmpff. Hahaha.'

Aan die ene historische keer dat hij min of meer publiekelijk uit z'n vel sprong, wordt hij dan ook vaak herinnerd. Het was tijdens de opnames voor The Holy Grail, de film die hij in 1974 maakte met het team van Monty Python. Hij werd gevraagd voor de zoveelste keer door de modder te kruipen, en ontstak in woede. De rest van het Python-team keek onthutst toe hoe collega Palin in een voor iedereen ondenkbare, maar alleszins oprechte gemoedstoestand geraakte. Ze gaven hem spontaan een staande ovatie.

'Zo lang aardig zijn niet gelijk wordt gesteld aan leeg, kritiekloos, karakterloos, zonder mening, vind ik het niet erg, maar zo ziet men het vaak wel. Ik vind het daarom geen erg vleiende kwalificatie. Ik ben niet aardiger dan wie dan ook', zegt hij. Glimlachend natuurlijk.

Vleiend of niet, Palin heeft al lang waargemaakt dat hij zijns ondanks het tegendeel is van een man zonder eigenschappen. Het succes van de comedy-serie Monty Python's Flying Circus - Palin was een van de zes schrijvers/acteurs - is dertig jaar na dato nog altijd fenomenaal. De absurde humor van de serie blijkt niet aan tijd of generatie gebonden. De herhalingen van Python zijn altijd wel ergens te zien op een kabelnet, ze worden bekeken door een generatie die nog geboren moest worden toen de serie voor het eerst werd uitgezonden. Het was een van de eerste bbc-programma's trouwens die in kleur werden opgenomen. Het succes gold ook voor de films van het Python-team, of leden van het team, The Life of Brian, The Holy Grail, The Meaning of Life, A Fish Called Wanda.

Zes jaar geleden debuteerde Palin redelijk geslaagd als romanschrijver met het boek Hemingway's Chair. Maar het afgelopen decennium heeft hij vooral een reputatie opgebouwd als 's wereld bekendste globetrotter. Wat David Attenborough is voor de natuurfilm, is Michael Palin voor de reisdocumentaire; altijd zelf in beeld op de meest onwaarschijnlijke plekken, hoewel de eerste vooral graag de biologieleraar uithangt, en de laatste liever wil laten zien wat er om hem heen gebeurt.

In 1988 trok Palin als een twintigste-eeuwse Philaes Fogg in tachtig dagen de wereld rond. Hij reisde vervolgens van de Noord- naar de Zuidpool, daarna langs de landen aan de Stille Oceaan, en voor zijn meest recente reisproject bezocht hij alle plaatsen ter wereld waar Ernest Hemingway ooit verbleef. Een cameraploeg in zijn kielzog, dagboek bij de hand om later uit te werken tot een boek.

De altijd geïnteresseerde, licht naïeve reiziger Palin treedt de wereld dapper tegemoet met een onverwoestbare bescheidenheid en een relativerend gevoel voor humor. Zijn landgenoot en collega-reisschrijver Norman Lewis (1912) bezit dezelfde karaktertrekken. Lewis werd, niet eens tot zijn eigen ongenoegen, geregeld aangezien voor de meteropnemer of de ziekenfondsman.

Het is alleen zijn televisiebekendheid die Palin behoedt voor eenzelfde kleurloze-mussen-imago. Passanten in Amsterdam lijken hem met zijn casual doorsnee-kleding pas bij een tweede blik te herkennen, te oordelen naar de glimlach die dan onmiddellijk doorbreekt op hun gezicht.

Het gesprek begint met een scène die rechtstreeks lijkt ontleend aan een Monty Python-aflevering: interviewer en geïnterviewde krijgen de slappe lach onder de monumentale tafel waaraan de zeeheld Michiel Adriaenszoon de Ruyter ooit zijn historische reizen uitstippelde. Een pen rolt op de grond en Palin kruipt op handen en voeten onder tafel om hem te zoeken. 'Als er nu iemand binnenkomt, zijn we erbij', zegt Palin, die en passant met een ferm klopje de degelijkheid van de tafelpoot controleert terwijl De Ruyter en vakgenoot Tromp streng toekijken vanaf de muur.

Een rondje langs de schilderijen in de Admiraliteitskamer van het Scheepvaartmuseum brengt een typisch Palin-trekje naar boven. Peinzend voor het portret van De Ruyter: 'Opmerkelijk alledaags gezicht eigenlijk. Denk die haren en die snor weg, doe hem een gewoon pak aan en je ziet hem zo op straat lopen.' Waarmee 's lands meest illustere vlootvoogd is teruggebracht tot het type waarvoor Palin al zijn leven lang een fascinatie koestert: de gewone man.

Palin heeft een voor zijn doen rustige tijd achter de rug, was vaak thuis in zijn bescheiden woning in noord-Londen. Hij is bezig met een roman, die eind dit jaar moet verschijnen. 'Daarna weer op reis, met mijn vrouw, misschien wel een heel jaar, zonder camera, een soort sabbatical reisjaar.'

In uw reisprogramma's hopt u van land naar land, het lijkt me niet altijd mogelijk om tijdens zo'n kort verblijf een representatief beeld te geven.

'Ik wil de dingen laten zien die de gemiddelde reiziger opvallen in het land waar ik ben. Niet per se de criminaliteit van het land belichten, of de politiek. Als team kijken we eerst naar het land zelf. Hoe ziet het eruit? Wat is er te zien? We maken tenslotte tv, dus beeld is heel belangrijk. Daarnaast proberen we zoveel mogelijk mensen te ontmoeten met zoveel mogelijk verschillende achtergronden. Mensen van verschillende generaties, mensen die al eeuwen op dezelfde plaats wonen, de oude boer in de bergen, noem maar op. We zijn niet alleen in tijd en geld beperkt, we zijn ook aangewezen op mensen die Engels spreken.

'Maar er is weinig tijd om heel diep te gaan. Daarom willen we in essentie zo direct mogelijk werken. We willen het land voor zichzelf laten spreken, laten zien wat er in het dagelijks leven gebeurt. We gaan niet uit van een script dat helemaal van tevoren vaststaat, hoewel we altijd wel een paar afspraken maken met mensen die we per se willen spreken. Maar we laten niet de man van het verkeersbureau een verhaaltje vertellen over een tempel of zoiets.

'De camera beperkt ons natuurlijk ook. Ik denk dat je wat meer kunt zien en wat dieper kunt graven als je alleen reist met een schrijfblokje of een cassetterecorder. Ik verzamel slechts indrukken. Ik wil bovendien graag laten zien hoe het is om van de ene plaats naar de andere te reizen, de grens over te gaan. Het laten zien van de verschillen is een van de belangrijkste uitgangspunten. Hoe is het in Peru als je uit Bolivia komt, hoe is het in Bolivia na Chili, na Australië enzovoorts. Het is impressionistisch. Aan het einde van zo'n reis mis je wel eens diepgang ja, maar dat kan niet anders.'

U laat landen zien aan een miljoenenpubliek. Dat geeft een enorme verantwoordelijkheid.

'Wat ik natuurlijk vooral laat zien is mijn manier om naar dingen te kijken. Ik probeer een evenwichtige indruk te geven, zo evenwichtig als binnen mijn mogelijkheden ligt. Je moet kiezen, je kunt niet alles laten zien. Soms moet je aspecten tonen die niet positief zijn, maar die wel een reëel deel van het dagelijks leven zijn. In Colombia lieten we een tamelijk onaangename kant van het leven zien. We filmden in een drugswijk. Daarop kwamen heel veel brieven van teleurgestelde Colombianen. Ze voelden zich min of meer beledigd, omdat ze vonden dat hun land op een verkeerde manier werd afgeschilderd. We hebben in die uitzending ook de oude cultuur laten zien, ook de koffieplantages, dus het evenwicht was er wel degelijk.

'De reactie was interessant, want het was me nog nooit overkomen dat een groep mensen die representatief is voor een land zo massaal contact met me zocht. De verklaring is waarschijnlijk dat Colombia een grote, goed opgeleide middenklasse heeft, die weet dat niemand de zaken in de hand heeft. Dan zien ze Palin op tv en denken: dit is de kans om ons imago te verbeteren. Maar dat is niet wat ik doe, ik reis niet om een glossy beeld te geven van een land.

'Het omgekeerde gebeurt ook. In Londen kwam eens een Ethiopiër naar me toe die zei: "We hebben erg genoten van uw reis door Ethiopië in Van Pool tot Pool. Het was de eerste keer dat we ons land op tv zagen zonder dat het ging over oorlog of hongersnood".'

Is het feit dat u wereldwijd beroemd bent soms niet lastig onderweg?

'Soms zijn mensen juist makkelijker te benaderen omdat ze me kennen van mijn reisprogramma's. En er zijn ook grote delen van de wereld waar niemand me kent. Gek hè... haha. Maar over het algemeen vind ik het leuk als mensen op straat naar me toekomen: hé Michael, we vinden het zo leuk wat je doet. Dat is vleiend. Het gebeurt maar zelden dat het te ver gaat.'

Die keer dat hij met mevrouw Palin op vakantie in Zanzibar een groep Britse toeristen tegen het lijf liep in het paleis van de sultan, was hij nog wel bereid even te zwaaien op hun video's, maar toen hij, toch zo aardig als wat, stuk voor stuk met de echtgenotes op de foto moest, werd het hem te veel. 'Dat vonden ze niet zo leuk, maar er is een bepaald punt dat je je gevoel moet volgen, ook al moet je daarvoor anderen teleurstellen. Soms, als ik in een sombere bui over straat loop, is het niet leuk om achter me te horen: Hé Palin, enzovoorts. Dan kun je wel eens beetje... nou ja, een héél klein beetje agressief reageren.'

Zijn stormvaste humeur heeft hij van zijn moeder, zegt hij. 'Mijn vader was nogal kort aangebonden. Snel kwaad, geïrriteerd. Daardoor heb ik vermoedelijk geleerd om confrontaties te voorkomen, zoals hij die had met... met wie dan ook eigenlijk, met obers in restaurants, met de buurman. Ik zag als kind dat dat heel uitputtend was. Niet dat ik me ooit bewust heb voorgenomen om daarom zelf anders te worden. Ik herinner me nog wel dat ik dacht: ik wou dat hij anders was. Ik had als jongen een paar goeie vrienden die vlakbij woonden. Bij hen thuis was het anders, er hing een gemoedelijke sfeer. Als kind vergelijk je die situaties. Het zat me wel dwars als kind, maar we konden toch goed met elkaar opschieten. Ik heb een gelukkige jeugd gehad. Hij was toch mijn vader en niet iemand anders z'n vader.'

Had de Python-club in 1969 enig idee dat de serie zo lang succesvol zou blijven?

'Natuurlijk wisten we dat we something completely different aan het maken waren. Dat was de opzet. Tv was in die tijd nogal conventioneel geworden, formeel zelfs. De comedy-series waren allemaal hetzelfde: paar liedjes, paar sketches, dat was het. Wij wilden allerlei ideeën neerzetten, of stukjes van ideeën, gewoon beginnen middenin een sketch, of aan het eind. Er hoefde geen pointe in te zitten, de stream of consciousness. Het gewone bewustzijn zijn gang laten gaan in een comedy-serie was in die tijd een nieuwe ontwikkeling. Vooral Terry Jones, Terry Gilliam en ikzelf vonden het heel belangrijk dat we met iets anders kwamen, iets nieuws. Dat nieuwe viel op. Men zei aanvankelijk niet: oh wat goed. Nee, men zei: dit is buitenissig, dit is anders, dit is gedurfd. Toen Monty Python de reputatie kreeg non-conformistisch te zijn, moediger dan andere shows, hadden we absoluut geen idee dat het zo lang stand zou houden. We dachten: dat gaat een jaar of twee, drie goed.'

Wat is het geheim van het succes?

'Daar heb ik ook geen sluitende verklaring voor. Variatie is een belangrijk element. Monty Python is gevarieerd omdat het door zes mensen is gemaakt. Sommige stukjes zijn provocerend, andere eigenaardig, vriendelijk. Daarnaast is er de surrealistische animatie van Terry Gilliam. Die mix was belangrijk. Je kunt het niet etiketteren als een show met enkel harde satire, of met alleen surrealistische elementen, of als een aardig programma over het verval van Engeland. De stukjes waren heel verschillend, vandaar waarschijnlijk dat zo veel verschillende mensen ervan houden.'

U bent televisiemaker, reiziger, schrijver, acteur, maar u blijft altijd de ex-Python.

'Ik heb daar geen last van. Ik geloof ook niet dat je je tijdens je leven steeds opnieuw ontdoet van een oude huid. Ik zie het leven meer als een organisch geheel waarin je naar een bepaald punt wijst en kunt zeggen: dat was een mooi moment en dat heeft geleid tot dat en dat. Python was een explosie van energie. Dat duurt een jaar of twee, drie en dan houdt het op. Ik hoef niet te zeggen: oh God, kijk eens wat ik deed toen ik jong was, ik schaam me dood. Nee, ik ben er nog steeds trots op.'

In Monty Python nam u vaak de rol van de kleine man voor uw rekening.

'Ik ben er de persoon niet naar om de lakens uit te delen en tegen anderen te schreeuwen, het type dat John Cleese zo goed neerzet. Ik ben de man op de achtergrond van het schilderij.'

Zijn blik glijdt langs de zeventiende-eeuwse doeken in de Admiraliteitskamer. 'Dat mannetje daar.' Hij wijst op een oorlogstafereel. Een soldaatje rent achter de troepen aan. 'Niemand ziet ooit zijn gezicht. Hém wil ik optillen, hem wil ik laten zien, daar heb ik plezier in.'

Palin senior was ingenieur, maar slaagde er niet in om zich in staalstad Sheffield te ontworstelen aan het middenkader. Michael groeide op in een doorsnee-gezin. Redelijke welstand. Zijn voorliefde voor de gewone man heeft met zijn jeugd te maken, zegt hij. 'Mijn vader was nooit de centrale figuur. Hij was nooit degene die de touwtjes in handen had of de zaak in beweging bracht. Er was altijd iemand anders naar wiens pijpen hij moest dansen. Ja, dat zou een reden kunnen zijn voor mijn fascinatie voor dit soort personages.'

Ook na de serie, in de films, bleef hij tekenen voor de rol van kleine man. 'Helden konden me nooit zo boeien. Ik vind het karakter van de anti-held nu eenmaal interessanter. Dat soort mensen wordt vaak genegeerd. In mijn kindertijd waren er veel van die mensen om me heen. De melkboer, de ober, de conducteur op de bus, mensen die er gewoon zijn. Meestal blijven ze op de achtergrond, ze treden maar af en toe uit de schaduw. Ik hield toen al van dit type mensen, omdat ze zo echt waren. Ik wil ze een stem geven. Peter Sellers, van wie ik een groot bewonderaar ben, had dat ook. Hij speelde graag de kleine functionaris die heel even dwars gaat liggen voor de groten en de machtigen.

'Ik had als kind nooit een beeld voor ogen van de perfecte mens, want zo worden helden graag gezien. Perfectie is nu eenmaal geen onderdeel van de realiteit. Ik zag wel dat in iedereen een klein oplichtertje huisde. Iedereen heeft wel een moeilijke kant of een vreemd trekje.'

De hoofdpersoon in uw roman Hemingway's Chair is ook zo'n man. Hij raakt geobsedeerd door Ernest Hemingway, de held, de macho, de man die alles lijkt te vertegenwoordigen wat hijzelf niet heeft. U heeft een tv-serie gemaakt en een boek geschreven over de plaatsen die de schrijver heeft bezocht. Bent u zelf gefascineerd door Hemingway?

'Ik beschouwde hem als een bruikbare tegenhanger van de hoofdpersoon in mijn roman, een gewone man met een gewone baan zoals zoveel mensen. Geen mislukkeling, geen succesvol type. Die man raakt gefascineerd door iemand van wie hij denkt dat hij heel bijzonder is, Hemingway. Dat had vooral te maken met de manier waarop hij overkwam op andere mensen. Hij had zijn eigen legende gecreëerd. Hij hield van zijn eigen mythe: iemand die met wilde beesten vocht, die op marlijn ging vissen, die met vrouwen rondhing.

'Zelf heb ik nooit geloofd dat Hemingway ook echt zo was. Hoe meer ik over hem las, hoe meer ik hem kon terugbrengen tot zijn ware proporties. Hij had gedurende heel zijn leven zelfmoordneigingen, hij twijfelde zeer aan zijn literaire kwaliteiten, dat soort dingen. Hij probeerde zichzelf voortdurend te testen. Iedereen kijkt op tegen dat soort mensen - Hemingway, Winston Churchill - om er dan een jaar of tien later achter te komen dat het nogal onaangename personen zijn.'

U houdt van Hemingway-de-legende.

'Ik kon ermee spelen. Ik vond het een spannend idee om mijn hoofdpersoon te laten geloven in die legende. Wanneer het postkantoor waar hij werkt zijn centrale plaats in de gemeenschap dreigt te verliezen, gaat hij zich verzetten op een bijna Hemingway-achtige manier. Die gewone man wordt opeens heel bijzonder. Hij groeit, en gaandeweg het verhaal krimpt Hemingway; hij wordt dan gewoon. Ik verhef in dat boek niet zozeer de kleine man, ik wil ermee zeggen dat in iedereen een potentiële held schuilt.'

Toch zijn uw serie en uw boek niet zonder bewondering voor de schrijver.

'Klopt, maar Hemingway was eigenlijk niet meer dan een excuus om de wereld weer eens rond te reizen. Daar is niets mis mee. Maar ik wilde ook wat over hem laten zien. Of nee, ik wilde wat laten zien over mijn eigen houding ten opzichte van hem, over mijn eigen relatie met Hemingway, en dat is niet de relatie van iemand die hem verafgoodt. Maar eerlijk is eerlijk, het moest ook onderhoudend zijn, het moest ook een blik zijn op de wereld van nu.

'Ik houd van hem als schrijver en zijn gave om anderen de wereld te laten zien. Hij vond dat hij de essentie van een plaats zo zuiver mogelijk moest overbrengen. Met een paar zinnen kon hij een beeld neerzetten. Daar houd ik van, die paar penseelstreken.'

De tv-serie, die in Nederland nog niet is uitgezonden, leverde vaak komische beelden op: anti-macho Palin die in het spoor van de stoere Hemingway op eenden gaat jagen of op marlijn gaat vissen. Het is humor met een dubbele bodem. Door deze aanpak neemt Palin zowel Hemingway als zichzelf op de hak.

Waarom is die zelfspot toch zo typisch Brits?

'Ik denk dat het in zekere mate voortkomt uit het feit dat Engeland een erg gesettled land is. We hebben nooit grote revoluties of invasies gekend. Daardoor is er een soort gemak ontstaan. Het klassenstelsel is min of meer nog intact en elke klasse maakt zich vrolijk om de klasse boven hem. Dat is een manier om met de verschillen om te gaan.

'Het heeft ook te maken met een gevoel van zelfvertrouwen. Je kunt alleen om jezelf lachen als je in wezen voelt: wij zijn eigenlijk wel oké, of ik ben eigenlijk wel oké, ook al ben ik niet perfect. In Amerika geloven ze dat er een bepaalde perfectie bestaat die je kunt nastreven. In Engeland moet je daar niet mee aankomen. Het idee alleen al... hahaha.'

Meer over