dagboekJane Welsh Carlyle (1801-1866)

Met een inktzwart humeur gasten ontvangen

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Jane Welsh Carlyle Beeld Getty
Jane Welsh CarlyleBeeld Getty

Londen, 25 oktober 1855

Lieve hemel, wat een wervelwind van een dag, of beter gezegd: wat een draaikolk! Het ontbijt was net klaar, toen er driftig werd gebeld bij meneer C. en ik hoorde roepen: ‘O kom, kom snel!’

Ik rende met drie traptreden ­tegelijk naar het portaal en zag, wazig als door een waterval, ­meneer C. en Ann in de slaapkamer. Het grote bassin was overgelopen en het water kwam dwars door het nieuwe plafond naar beneden en spetterde op het tapijt. Snel hebben we alle kuipen en teiltjes die we konden vinden op de vloer gezet en ik ben op mijn knieën met sponzen, handdoeken en wat al niet gaan dweilen.

Ondanks deze beproeving, en het inktzwarte humeur dat ik eraan overhield, moest ik ’s avonds mijn vriendelijkste ­gezicht opzetten en gasten ontvangen. Ik blijk zowaar iets van die verduivelde ‘melk van menselijke goedheid’ te bezitten, gezien de verzekering van de arme X. dat ze zich kostelijk had geamuseerd.

Ik heb ernstig hartzeer vanavond, maar ik heb mijzelf beloofd geen miserere van dit dagboek te maken, dus zal ik wat morfine nemen en maar­ ­hopen dat ik ondanks alles in slaap val.

31 oktober

Regen, regen, regen! ‘Dit wordt te gortig’, zoals de boer in Annandale zei, toen het midden in zijn gebed voor een droge oogst ­begon te plenzen.

Jane Welsh Carlyle (1801-1866), Schotse schrijver. Ingekort fragment uit Letters and Memorials. Scribner’s, 1883.

Meer over