ColumnManon Spierenburg

Manon Spierenburg hoefde niet té veel te missen nu ze doof wordt. Maar toen was daar de podcast

Auteur en scenarist Manon Spierenburg beschrijft hoe het steeds stiller wordt om haar heen.

null Beeld Douwe Dijkstra
Beeld Douwe Dijkstra

Toen ik begon met deze column, reageerden vrienden en collega’s geschokt: doof! Wat erg! Hoewel ze het natuurlijk eigenlijk wel wisten, schrokken ze toch toen ze het keihard zwart op wit zagen staan, want ze vergeten het elke keer. Logisch, want doof kun je niet zien en ik red me lip- en lichaamstaallezend best aardig. Dat komt ook doordat mijn leven erop ingericht is. Was ik een vergadertijger, poplegende of telefonisch verkoper, dan had ik een probleem, maar ik ben schrijver dus ik zit meestal in m’n eentje een beetje voor me uit te mijmeren. Als ik met iemand wil praten, kan dat via de mail of whatsapp; dat valt niet op omdat alleen bejaarden nog bellen. Ik spreek nooit met meer dan twee mensen tegelijk af en de conversatie van mijn paard beperkt zich tot ongegeneerd hooismakken, dus ook daar word ik niet overvraagd.

Goed, feestjes en netwerkborrels zitten er niet meer in, omdat ik daar meestal zo’n sociale ravage aanricht dat ik dat daarna weer wekenlang moet gaan rechtzetten, maar ook dat went. Ik dacht, kortom, dat ik het lekker voor elkaar had, maar toen was daar ineens de podcast. In het begin nog aarzelend, maar de laatste jaren schoten ze als paddestoelen uit de grond. De podcast is de nieuwe musical. Geen onderwerp zo tragisch of Joop van den Ende maakte er een liedje van (Anne Frank: de musical! Turks Fruit: de musical!), en nu is alles ineens podcast. De logica die tot deze luisterartikelen heeft geleid, is makkelijk te volgen: geen hond die meer wil lezen, in de file op je telefoon zitten is een prijzige kwestie geworden en de krant moet met zijn tijd mee. Maar als ik mijn digitale krant open, slaat de frustratie toe: niet te volgen, want te doof. Podcasts hebben intrigerende koppen: ‘Is Gijs Groenteman een onbedoelde racist?’ ‘Een lang interview met Ilja Leonard Pfeijffer’. Een speciaal samengesteld neusje van de zalm van Blendle. Mijn nieuwsgierigheid is meteen gewekt. Wat zou daar allemaal besproken worden? Ik wil het dolgraag weten, maar dat zit er niet in. Nou begrijp ik wel dat ze daar niet speciaal voor mij iets op hoeven te verzinnen, maar er zijn 1,5 miljoen doven en slechthorenden in Nederland. Dat lijken mij toch wel cijfers waar de gemiddelde mediabons zijn neus niet voor ophaalt. Je zou de podcasts natuurlijk kunnen ondertitelen, maar dan schiet het zijn doel voorbij en is het weer een gewoon artikel, maar dan een stuk slechter geschreven.

Volgens mijn geliefde mag ik blij zijn dat ik het niet versta. ‘Allemaal flauwekul’, zegt hij geïrriteerd vanachter zijn papieren krant. Maar dat stelt me niet gerust, want dat zegt hij over de meeste dingen en trouwens, hij houdt niet van vooruitgang. Dus ik heb uw hulp hier dringend nodig: eerlijk zeggen, mis ik iets?

Meer over