boekrecensie

Levendig en gedetailleerd portret van FC Barcelona, met een glansrol voor Cruijff ★★★★☆

In het ambitieuze FC Barcelona geeft de Britse journalist Simon Kuper een sprankelende schildering van de club die van een regionaal boegbeeld uitgroeide tot het meest geliefde voetbalbedrijf ter wereld.

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

In de Sagrada Família of het voetbalstadion Camp Nou zal de gedachte niet bij iedere toerist opkomen, maar de twee architecten van de monumentale, wereldberoemde kathedralen in Barcelona hebben talloze gemeenschappelijke kenmerken. ‘Hij is de Freud of de Gaudí van het spel’, schrijft Simon Kuper in zijn boek FC Barcelona – Het imperium over Johan Cruijff.

Sigmund Freud, de grondlegger van de psychoanalyse, wordt daarna door Kuper niet meer genoemd. Dat zou vermoedelijk ook te vergezocht zijn geweest. De overeenkomsten tussen de Nederlandse voetballer en trainer Johan Cruijff (1947-2016) en de Catalaanse bouwmeester Antoni Gaudí (1852-1926) worden wel nader gespecificeerd, uitgebreid zelfs.

Dat is logisch. Als je doorhebt dat Camp Nou óók een kathedraal is, ga je het vanzelf zien. Volgens een van zijn pupillen, Pep Guardiola, is Cruijff de schepper van het grote Barça. Geestverwant Guardiola nam deze eeuw zelf de renovatie van het bouwsel ter hand, waarna de derde architect de kathedraal perfectioneerde: Lionel Messi.

‘Net als Camp Nou moet de nog altijd niet voltooide Sagrada Família van Antoni Gaudí je door zijn grootsheid imponeren’, schrijft Kuper. ‘En net als het cruijffiaanse voetbal is de kathedraal het voortbrengsel van een geniale gestoorde gek die een hekel had aan rechte lijnen.’

Er is nog meer. Zoals Gaudí in conflict kwam met de plaatselijke handelslieden die zijn werk financierden, ruziede Cruijff met de bestuurders van FC Barcelona. Bied vermaak, waren de laatste woorden die Gaudí tot de werklieden van zijn kathedraal sprak alvorens hij onder een tram kwam. Voor de Europa Cup-finale Barcelona - Sampdoria in 1992 (1-0, doelpunt Ronald Koeman) zei Cruijff iets verwants: ‘Ga het veld op en geniet.’

En net zoals de Sagrada Família functioneert Camp Nou allang niet meer als een puur Catalaanse congregatie, zoals Gaudí’s bedoeling was. ‘Tot de coronacrisis kwamen er per dag ruim 10.000 bezoekers van over de hele wereld, velen van hen gewapend met selfiesticks en gehuld in Messi 10-shirts.’ Tegenover de kathedraal is een Barça-shop, dat ook nog.

Grote woorden

Het zijn grote woorden en de Britse journalist en schrijver Kuper (51) gebruikt ze met genoegen. De huidige neergang van FC Barcelona vergelijkt hij bloedserieus met de val van een ander rijk, dat van de Romeinen. ‘Het voelde een beetje alsof ik een boek schreef over Rome in 400 na Christus, toen de barbaren al binnen de poorten waren.’

FC Barcelona is, het zal duidelijk zijn, een uiterst ambitieus boek, met een lange ontstaansgeschiedenis. In de eerste zin markeert Kuper het begin in 1992, het jaar waarin hij als 22-jarige met een kapot colbert Camp Nou binnenwandelde. De stad en de club zijn sindsdien hard aan hem blijven trekken.

Kuper woont met zijn gezin in Parijs. Hij schrijft onder meer voor de Financial Times en groeide op in Nederland. Dat laatste is belangrijk om te weten. Als jongen raakte hij in de ban van Johan Cruijff, de man die Barcelona vormgaf.

Barça is Cruijffs meest beklijvende creatie, volgens Kuper. ‘De hedendaagse stijl en benadering van de club is grotendeels terug te voeren op zijn hersenspinsels en persoonlijke grillen. Wie inzicht wil krijgen in het hedendaagse Barcelona komt hoe dan ook uit bij Cruijff, de speler, de trainer, de leraar en de persoonlijkheid.’

Gretig en vaak gebruikt Kuper het woord ‘cruijffiaans’ om het voetbal van Barcelona en de opvattingen over het spel te kenschetsen. Zo wordt Cruijff nog groter gemaakt dan hij al was, op aanstekelijke wijze en voortreffelijk gedocumenteerd. En Kuper kan schrijven.

Levendig portret

Het gedetailleerde en levendige portret van de club stelde hij samen aan de hand van tientallen gesprekken met insiders. Barcelona werkte ruimhartig mee, iets wat opmerkelijk genoemd kan worden in een tijd dat de grote voetbalclubs de deuren hermetisch gesloten houden en alleen nog via sociale media communiceren. ‘Ik heb binnen de club nooit de arrogantie en geslotenheid ervaren die bij zelfs de armzaligste profclubs gemeengoed is.’

Het resultaat is een sprankelende schildering van een club die van een regionaal boegbeeld uitgroeide tot het grootste en meest geliefde voetbalbedrijf ter wereld, een weergaloos cultureel, sportief en maatschappelijk fenomeen. FC Barcelona werd in de jaren zeventig FC Cruijff en transformeerde in de nieuwe eeuw in FC Messi. ‘De Messi-strategie van de club – die eruit bestaat de hele werkplek in te richten rond werknemer nummer één – is al vijftien jaar lang het misschien wel meest succesvolle, langdurige man-managementproject uit de voetbalgeschiedenis.’

Maar riskant was het natuurlijk ook, die afhankelijkheid van één voetballer. FC Barcelona gaf hem carte blanche en raakte verslaafd aan Messi. ‘De zwijgzame Argentijn mag dan Cruijffs tegenpool lijken, in werkelijkheid heeft hij de rol van het invloedrijkste individu binnen de club van de Nederlander overgenomen.’

De messidependencia betaalde zich ruim uit, FC Barcelona blééf maar winnen, maar werd ook lui door de solo’s van de Argentijnse tovenaarsleerling. Van lieverlee verloor Barcelona terrein, op talloze gebieden, tot de grote anticlimax van deze zomer: Messi gaf Barça de sleutels van de club terug die hij, jaren geleden alweer, had gekregen en vertrok in tranen naar Paris Saint-Germain.

Voor de deadline van het boek van Kuper kwam dat te laat, maar de voorgeschiedenis van de wereldwijd veelbesproken transfer wordt door hem uitgebreid uit de doeken gedaan in het slothoofdstuk van zijn op en top cruijffiaanse boek. Zijn eindconclusie is pretentieus, maar de juiste: ‘Wat Barça, in ’s werelds meest geliefde sport, heeft neergezet, is een sieraad van de menselijke beschaving.’

Simon Kuper: FC Barcelona – Het imperium. Uit het Engels vertaald door Erik de Vries en Edwin Krijgsman. Nieuw Amsterdam; 368 pagina’s; € 22,99.

null Beeld Nieuw Amsterdam
Beeld Nieuw Amsterdam
Meer over