Lets radiokoor is fijnzinnig, maar mist bevlogenheid

Dirigent Putnins smeedde de stemmen tot een fijnzinnig geheel, maar Jezus' onrust werd nergens voelbaar. Zulk rommelig spel kun je alleen compenseren met bevlogenheid, en ook die ontbrak.

Merlijn Kerkhof
Dirigent Kaspars Putnins. Beeld
Dirigent Kaspars Putnins.Beeld

Soms zou je wensen dat er een programma was waarmee je vals spelende orkesten een beetje kon helpen. Een soort auto-tuner die slecht intonerende musici corrigeert, die de wankele akkoorden ter plekke rechttrekt. Het strijkorkest Sinfonietta Riga zou er baat bij hebben gehad, woensdagavond in de Grote Zaal van De Doelen. Arvo Pärts klanken van verstilling gedijen bij zuiverheid, en daar was in de Cantus in memoriam Benjamin Britten weinig sprake van.

Niet dat het het orkest was waarvoor de zaal (half)vol was gestroomd. De echte attractie was het Lets Radiokoor. De Baltische staten kennen een bloeiende koorcultuur: het lijkt wel alsof iedereen er zingt (één verklaring: zingen was een vorm van verzet in de Sovjettijd). Het werk van componisten uit Estland en Letland is tegenwoordig overal te horen. Het Lets Radiokoor behoort tot de beste koren en heeft in Kasparis Putnins (betrokken sinds 1992) een ervaren dirigent.

Lets Radiokoor

Klassiek
Lets Radiokoor en Sinfonietta Riga o.l.v. Kasparis Putnins.
Werk van Arvo Pärt en James MacMillan.
1/3, De Doelen, Rotterdam.

Hoewel het niveauverschil met het orkest hoog was, was ook het aandeel van de Letse zangers (elf vrouwen, twaalf mannen) niet volledig bevredigend. In Pärts Nunc Dimittis viel op hoe zeldzaam transparant hun koorklank is, helder met soms een iets nasale toets. De balans en de dictie grensden aan perfectie. Een paar diep donkere bassen zorgden voor intens fundament, de boomlange Putnins smeedde de stemmen tot een fijnzinnig geheel. Maar juist als de noten om iets anders vragen dan een serene klank, gaat het mis. James MacMillans Seven Last Words From the Cross is een van de meesterwerken voor koor uit de jaren negentig en kan heel aangrijpend zijn, maar hier had je het gevoel dat je naar een repetitie luisterde; dat de muziek net werd ingestudeerd en dat de tekst nog niet tot de zangers was doorgedrongen. Jezus' onrust werd nergens voelbaar. Het enige drama kwam van de krasserig spelende strijkers.

Zulk rommelig spel kun je alleen compenseren met bevlogenheid, en ook die ontbrak in deze weinig katholieke uitvoering. Bovendien openbaarde zich een probleem dat je ook vaak bij de Nederlandse koren ziet: zangers die uit het koor treden, klappen dicht. En dan blijken MacMillans noten ineens heel kwetsbaar.

Tot 11 maart reist het koor door Nederland, met andere programma's - onder meer Karlheinz Stockhausens Stimmung (dinsdag 7 maart in de Rotterdamse Laurenskerk) staat op de lessenaars. Maar het is maar goed dat de Seven Last Words de laatste zijn.

Meer over