LAAT MIJ MAAR VISSEN AAN DE WATERKANT Taj Mahal wil filosoof, boer en muzikant zijn

Henry St. Claire Fredericks, beter bekend als Taj Mahal, is van alle markten thuis. De afgelopen dertig jaar speelde hij blues, reggae, calypso, cajun, ragtime, jazz - alle zwarte muziek die maar denkbaar is....

'ZWARTE CULTUUR IS wel even iets meer dan je pet scheef op je hoofd zetten en Yo Man zeggen.' Taj Mahal draait z'n klep, waarboven in rode letters op zwart Tajino staat, weer naar voren. 'Wel even iets meer', dat is waar het hem z'n hele leven al om te doen is.

De groene salon van hotel Suisse et Majestic, pal tegenover het station van Montreux, is een onwaarschijnlijke plek voor een ontmoeting met Señor Blues. Grote zwarte muzikant, die z'n leven lang heeft gedaan wat hem goeddunkt, in een Zwitsers hotel dat een grandeur uit de oertijd van het toerisme cultiveert.

Buiten verregent het eerste weekeinde van het Jazzfestival van Montreux. Taj Mahal treedt er vanavond op met z'n Phantom Blues Band, dezelfde muzikanten die hem terzijde stonden op Señor Blues, zijn 37ste cd.

Taj Mahal is al door vele wateren gewassen. A wild looking guy who is influenced by people you may never have heard of, like St. Louis Jimmie and Howkie Wolf and Little Walter, zo werd hij in 1966 geïntroduceerd op de hoes van de langspeelplaat van The Rising Sons, de groep die hij samen met Ry Cooder oprichtte.

Nog voordat die ene - overigens lang niet onverdienstelijke - lp met bluesrock verscheen, viel de groep uit elkaar. Taj Mahal ging van toen af zijn eigen weg. Hij speelde de afgelopen dertig jaar blues, reggae, salsa, calypso, cajun, ragtime, pop, jazz, rhythm & blues, soul en alle zwarte muziek die daartussen en daarbuiten denkbaar is. Hij maakte kindermuziek, soundtracks, deed voordrachten op universiteiten, hij speelde gitaar, dobro, duimpiano, slide, banjo, kazoo, harmonica en nog wat ongeregeld instrumentarium.

Taj Mahal groeide uit tot de vleesgeworden crossover, de man die net zo lief een strooien hoed draagt als een baseballcap. Met als gevolg dat zijn publiek hem nog wel eens uit het oog verloor, een uitstapje naar jazzrock met dwarsfluiten liet voor wat het was, z'n omzwervingen door het Caribisch gebied van een afstandje gadesloeg, om pas weer in te haken bij een akoestische countryblues of een funky uitstapje naar de pop.

Visser, filosoof, boer, muzikant - Taj Mahal wil van alle markten thuis zijn. Terwijl de muziekindustrie niets liever wil dan te weten komen wat op de drie puntjes van File under. . . moet worden ingevuld. Blues? Reggae? Soul?

Met z'n gruizige stem legt hij beeldend uit dat je je daar nooit iets aan gelegen moet laten liggen. 'Aan de ene kant van de wereld denken ze dat je een dood hert een week in de grond moet stoppen voordat je het kan eten. Aan de andere kant hangen ze het hert eerst een week in een boom. Wie gelijk heeft? Mij maakt het niet uit. Maar het is goed te weten dat beide mogelijkheden bestaan, dan kun je ideeën uitwisselen.'

Etiketten? Het woord roept een begin van woede bij hem op. 'Het universum omvat meer dan je ooit in hokjes zou kunnen stoppen. Als je alle computers in de wereld met elkaar zou verbinden om de oneindigheid te doorgronden, dan nog zou dat niks opleveren. Categoriseren is maar één methode om iets te doorgronden. Wij proberen op deze planeet iets te begrijpen dat groter is dan onszelf, en kunnen dat alleen in relatie tot wat we zelf hebben geschapen, niet tot wat al bestond. We draaien het om en om, in plaats van gewoon te accepteren dat het er is'

Verbaasd over zoveel domheid slaat hij met zijn hand op de tafel van de groene salon, en verliest zich dan in een bespiegeling over de desastreuze gevolgen van de drieduizend jaar durende overheersing van de westerse filosofie. 'Wat zou er niet tot stand zijn gebracht als Jung en Freud de blik meer naar het oosten hadden gericht, naar Confucius en diens voorgangers?'

Tegelijk beseft Taj Mahal dat zijn afkeer van etiketten een keerzijde heeft. Muzikanten die gelijk met hem waren begonnen hadden nu hun schaapjes op het droge. 'Hier zit ik, dacht ik: de vijftig gepasseerd en nog steeds aan het ploeteren.' Hij plaatst z'n grote handen parallel naast elkaar op tafel. 'De business begrijpt je alleen als je tussen deze lijnen blijft. Ik vond dat ik meer moet doen dan reizen en spelen, ik wil mensen bewust maken van de tradities van de muziek die ik speel.'

Sinds 28 december vorig jaar heeft dat 'meer' gestalte gekregen: Taj Mahal is on line. Hij heeft een site op Internet waar je z'n tourschema kunt vinden, z'n discografie kunt raadplegen, samples kunt horen, biografische notities kunt lezen. En hij heeft een e-mail adres. Om half zes - twee uur voor z'n ochtendkoffie - kruipt hij tegenwoordig achter de computer om de elektronische post door te nemen. Elke vraag wordt beantwoord. Voorlopig nog door hemzelf, maar mocht het te druk worden, dan schakelt hij zoons of dochters in.

Wat ze vragen? Hey Taj, ik had vroeger een mooie platencollectie. Maar de afgelopen jaren stonden in het teken van m'n gezin en de kinderen. Nu kan ik eindelijk naar m'n muziek luisteren. Voor Kerstmis kreeg ik een cd-speler. Hoe kom ik aan die cd's als ik mijn collectie wil completeren?

Taj Mahal vliegt al vertellend met z'n vingers over een denkbeeldig toetsenbord en componeert een antwoord. 'Hey, hoe gaat het met jou. Leuk van je te horen. Bezoek m'n website, daar kun je alles vinden, je kunt er ook bestellen. Tot ziens op het Internet. Groeten Taj.'

Hij ontdekte dat Indiërs die naar de VS kwamen om te studeren, z'n website bezoeken in de verwachting een vertrouwd geluid van thuis aan te treffen. Taj Mahal is verrukt. 'Wauw! Dat brengt hen in contact met de zwarte Amerikaanse cultuur. Ze kunnen via mij bij Lightnin' Hopkins of Robert Johnson terechtkomen. Zo horen ze over de zwarte muziek.'

Onlangs, nadat hij anderhalve week was weggeweest, lagen er bij thuiskomst 75 e-mail hits te wachten. Zuid-Amerika, Rusland, Afrika, Nieuw-Zeeland - overal komen ze vandaan. 'Hey Taj, ik woon in de buurt van Londen. Ik kom kijken als je daar 17 juli speelt.' Of: 'Waarom brengt de platenfirma niet al je werk opnieuw op cd uit?'

Van zo'n e-mail maakt Taj Mahal een print om die door te sturen naar de platenmaatschappij. Uit ervaring weet hij dat die veel vertrouwen in papier stellen. 'Vroeger zat ik daar de hele dag te oreren. Dat maakte misschien even indruk, maar woorden verdwijnen, en papier blijft.'

Ook nu, on the road in Milaan, München of Montreux, leest Taj Mahal z'n e-mail. Hij heeft een laptop bij zich, en verstuurt z'n antwoorden tegen lokaal tarief. Zend, zend, zend, en klaar. Een liedje erover heeft zich nog niet opgedrongen, maar hij sluit niets uit.

Blues tells the news. Zal elektronische communicatie het contact van mens tot mens verdringen? Taj gelooft er niets van. 'Toen we deze tour voorbereidden, dachten ze in Amerika: een dagje hier, een uurtje daar en dan weer terug. Wacht even, zei ik, dit is Europa man. De mensen daar zijn gesetteld, die zijn niet zo jachtig als Amerikanen. Die willen met je praten, een kop koffie drinken, of een glas wijn - ze willen je leren kennen.'

Taj Mahal werd op 17 mei 1942 geboren in New York, als Henry St. Claire Fredericks, en groeide op in het stadje Springfield, Massachusetts. Zijn vader was 'een jazzmuzikant en filosoof', zijn moeder 'een lerares die ook in het gospelkoor zong'. 'Ik kom uit een ontwikkeld gezin', zegt hij. 'Mijn moeder doorliep in de jaren dertig de middelbare school, m'n vader had z'n eigen huis, en allebei m'n grootvaders ook.'

Zijn artiestennaam koos hij al rond z'n veertiende. Waarom? Dat zijn dromen van een voorlijk kind, zegt Taj Mahal. Het paleis van wit marmer met halfedelstenen dat de Indische Sjah Djahan bij wijze van praalgraf voor zijn in het kraambed gestorven vrouw liet bouwen, heeft hij nooit in het echt gezien. Maar wat hij wel weet: de sjah wilde dat na zijn dood voor hem precies zo'n paleis zou worden gebouwd. In het zwart. And there you are.

Zo rond z'n veertiende stond Taj Mahal ook voor het eerst met een gitaar op het podium. Maar het zou nog lang duren voordat hij definitief voor de muziek koos. Na de middelbare school ging hij naar de universiteit van Amherst in Massachusetts om veeartsenij te studeren. 'Het is lastig om van de muziek te leven. En ik hou van dieren.'

Van zijn tournees door Nederland herinnert hij zich (afgezien van een avond rijsttafelen in gezelschap van Simon Vinkenoog, die tot zijn verbazing in verschillende talen meerdere gesprekken tegelijk kon voeren) vooral nog de koeien. 'De koeien op de boerderij waar ik tijdens m'n studie werkte waren zwartbonte Friezen. In Nederland in de buurt van de Duitse grens heb ik hele kudden rode koeien gezien. Rode melkkoeien zie je bij ons niet. Dan zijn het altijd vleeskoeien of Guernsey's.'

Landbouw heeft nog steeds z'n belangstelling. Maar de universiteit heeft hem ook sceptisch gemaakt. 'Muziek kun je op je instinct beoefenen, maar in landbouw en veeartsenij word je beter door te studeren. Tenminste, dat dacht ik. Maar wat ik aan de universiteit vooral leerde, was dat de grote petrochemische industrie heel veel invloed heeft op ontwikkelingen in de landbouw. Naar mijn idee is alleen organische landbouw goed voor de planeet. Gekke koeien, varkenspest - man, de signalen zijn legio maar de mensen luisteren er niet naar.'

Onlangs verhuisde hij van Kuai, een eiland in de Hawaii archipel, naar Pasadena, Californië, 'om dichter bij de muziekindustrie te zitten. Een tijdlang was ik boos op de business, omdat ze niet weten wat er aan de hand is. Maar nu wil ik m'n verantwoordelijkheid nemen. Ik probeer ze daar te krijgen waar ze me kunnen helpen. En het werkt. We verkopen meer cd's; zij blij, ik blij.'

De rust van de Pacific heeft hij verruild voor de hectiek van de westkust. 'Voor mij zijn zowel stad als land belangrijk. Maar als ik mag kiezen, laat mij maar vissen aan de waterkant. Daar hoor je de muziek van het universum. Daar voel je hoe klein je bent, en hoe groot de wereld is, terwijl je in de stad onwillekeurig gaat denken dat alles om jou draait. Dan draai je dol.'

De steden van de Verenigde Staten zijn voor hem al lang geen centra van beschaving meer. 'Beschaving betekent dat vrouwen en kinderen veilig zijn. Dat een vrouw om vier uur 's nachts naar buiten kan als ze de nachtwind wil voelen, dat een kind op eigen houtje naar de kleuterschool loopt. Het leven in de VS is idioot. 'In landen als Nieuw-Zeeland of hier in Zwitserland zijn mensen nog niet bang om anderen te ontmoeten.'

Zwitserland als ideale samenleving? Het aangeharkte, afgestofte Montreux, waar de Maserati's en Ferrari's met nummerplaten uit Quatar bijna tot in de winkels parkeren, waar ze het liefst op elke hap lucht een streepjescode zouden plakken, waar de vissen in het meer rechts voorrang geven, dat Montreux als toonbeeld van beschaving? Het klinkt vreemd uit de mond van een man die de blues propageert, muziek die is geboren uit woede, frustratie en onvrijheid. Alsof harmonie en ultieme veiligheid de meest vruchtbare voedingsbodem voor muziek zouden zijn.

Taj Mahal geeft geen krimp. 'In de Verenigde Staten zie je 's morgens als je de tv aanzet al een stortvloed van schanddaden passeren, nog voordat je je voet op de vloer hebt gezet. Natuurlijk, uit sharecropping en slavernij is de blues ontstaan, ook al had dat niks met beschaving te maken. Die meedogenloze omstandigheden in de delta van de Mississippi hebben muziek voortgebracht. Maar blues is meer dan een klaagzang.'

De Afrikaanse gitarist Ali Farka Touré heeft hem uitgelegd dat je in de blues hoort hoe mensen afgesneden zijn van hun geschiedenis, de traditie niet kennen waaruit ze zijn voortgekomen. 'Het leven in de delta is daar een deel van. Maar de traditie is niet louter bittersweet, er is ook vreugde.'

Die vreugde hoor je in zijn muziek vaak terug. Taj Mahal is de man van de grimas, die tussen zijn tanden een melodietje fluit, uitbundig het koper laat schetteren of nonchalant neuriet bij een duimpiano. 'Een ander kan de droeve liedjes zingen. Ik vind mezelf niet zielig.'

Dat optimisme schrijft hij op het conto van de Caribische tak van zijn afstamming. 'Daar zijn de mensen veel positiever dan in de VS. Barbados, Granada, Jamaica, Trinidad - alle eilanden zijn verschillend, allemaal hebben ze hun culturele identiteit. Zoek je eigen wortels, kijk waar je vandaan komt, misschien Iers en Duits in jouw geval, zoek uit wat dat muzikaal te betekenen heeft en ga daar mee aan de slag. Zeg niet: ik zag Nirvana en wil net als Kurt Cobain klinken. Als je een huis bouwt, begin je niet met het dak.'

Zijn eigen wortels punt Taj Mahal telkens weer bij. Op Señor Blues voorziet hij James Browns Think van knallend koper, met I Miss You Baby brengt hij een ode aan T-bone Walker, z'n eigen Queen Bee krijgt een ontspannen achteroverhangende uitvoering en met de titelsong van Horace Silver neigt Taj ambitieuzer naar de jazz dan ooit tevoren. Een andere opmerkelijke keuze is Mind Your Own Business van Hank Williams. 'Blues heeft een grote invloed op countrymuziek. Al waren ze er geestelijk misschien niet ontvankelijk voor, ze namen wat ze konden gebruiken en maakten er hun eigen muziek van.'

Een zo eclectische muzikant misstaat niet op het festival van Montreux. Franse rap, rockmastodonten, Ierse folk, Charles Aznavour, reggaeveteranen, het Kronos Kwartet - in een tijdsbestek van twee weken maken allen hun opwachting aan de oevers van het meer van Genève.

Het publiek is navenant. Veel hippe, nachtbrakende Zwitsers, die dit jaar de doorbraak van de blote navel en de jongste generatie Nikes vieren. Ze kopen cola met de chipknip, of betalen anders met jazz, de enige munteenheid die hier telt. In de ene zaal wordt woordelijk meegezongen met de Braziliaanse ballades van Jorge Ben, Djavan en Carlinho Brown. De andere zaal luistert in stille bewondering naar de grondstewardessenjazz van Diana Krall en de instrumentaaltjes van Lee Ritenour, een uit de studio ontsnapte gitaargaper.

Het is half twee als het podium eindelijk vrij is voor Taj Mahal. De man van de wereld met hoed en zonnebril op, die z'n nummers in het Frans aankondigt ('ce chanson est ecrit par la plume de Horace Silver'), wordt terzijde gestaan op gitaar, bas, drums, antiek Hammond-orgel, saxofoon en trompet, een entourage waarmee soms de glans van een kleine big band kan worden opgeroepen.

Om kwart voor drie zet Taj Mahal Mr. Pitiful in, z'n eerste toegift. Om drie uur schuift hij z'n hoed op z'n ogen. Morgen weer vroeg op, kijken of er e-mail is.

Taj Mahal speelt zondag op het North Sea Jazz Festival.

Cd:

Señor Blues. Private Music/ BMG 01005 82151 2.

Internet http://www.taj.mo.roots.com

E-mail: taj@hawaiian.

Meer over