Kranten met een luide stem

In serieuze Amerikaanse kranten is de scheiding tussen nieuws en opinie heilig. Maar de commentaren gaan een stuk verder dan die in Nederlandse kranten....

Hans Wansink

MAUREEN DOWD is kampioen columnschrijven van Amerika geworden. Vorige maand ontving de 47-jarige Dowd, sinds 1995 columnist van The New York Times, de Pulitzerprijs voor opiniërende journalistiek.

Haar columns over Monicagate waren een verademing. Ze zette Ken Starr weg als een geilneef die over de rug van Lewinsky aan zijn gerief moest komen. Clinton zelf was een seksverslaafde. Maar de ergste was Hillary.

Maureen Dowd: 'Hillary Clinton weet dat haar man een hond is. Maar Bill en zij hebben hun afspraken. Hij steunde haar in de Whitewater-affaire en tijdens haar afgang bij de hervorming van de gezondheidszorg. Dus zal de presidentsvrouw niet aarzelen om persoonlijk toe te zien op de vivisectie van de vrouw die eens stage liep in het Witte Huis.'

'Het feministische symbool in het Witte Huis', vervolgt Dowd, 'deinst er niet voor terug emmers met vuil over vrouwen uit te storten, ook al vermoedt ze dat ze de waarheid spreken. Monica Lewinsky moet sneuvelen in ruil voor betere voorzieningen voor Amerikaanse vrouwen. Hillary weet dat ze kan rekenen op de medeplichtigheid van de feministen en Democratische vrouwen in het Congres. Zij accepteren de ruil en vinden het niet erg dat er een paar vrouwen door het slijk worden gehaald, als daar meer kinderopvang tegenover staat.'

Toen de toekenning van de Pulitzers op de redactievloer van de Times bekend werden gemaakt, waren er lovende woorden van hoofdredacteur Joe Lelyveld. 'Ik word niet geacht een opinie te hebben over opinieschrijvers, maar ik heb een opinie over deze. En ik denk dat ze de origineelste stem is die in jaren op de Amerikaanse opiniepagina's is gehoord.' Let op het eerste deel van het citaat en op het antwoord van Dowd. 'Ik wil Joe bedanken, maar vooral Arthur. Hij gaf me deze column terwijl ik niet eens een standpunt heb over NAFTA, GATT of de NAVO.'

Arthur is Arthur Sulzberger jr., de zesenveertigjarige uitgever van The New York Times, zoon van de vorige uitgever en grootaandeelhouder in het bedrijf. De scheiding tussen nieuws en opinie is heilig, die tussen redactie en commercie een stuk minder. Vandaar dat hoofdredacteur Lelyveld de baas van de nieuwskrant is, maar niks te vertellen heeft over de opiniepagina's.

Nieuws en opinie zijn ook fysiek van elkaar gescheiden. In de newsroom, een doolhof op de derde en vierde verdieping in het Timesgebouw in het hartje van Manhattan, krioelen duizend redacteuren in krap bemeten nissen en hokjes door elkaar. Op de tiende verdieping, tegenover de bibliotheek, zetelt in ruime, stijlvolle kamers de twaalfkoppige editorial board: de redacteuren van de opiniepagina's en de schrijvers van de commentaren en columns.

De commentaren en de brieven staan in elke Amerikaanse krant op de linkerpagina, de columns en opiniestukken op de rechter. De commentaren en de brieven zijn er altijd geweest, zij vormen de ruggengraat van elke zichzelf respecterende Amerikaans krant. De columns en opiniestukken zijn van recenter datum, bij The New York Times sinds 1970. Toen vond uitgever Sulzberger sr. dat er diversiteit in de meningsvorming moest komen, door het inschakelen van andersdenkende columnisten. Spectaculair was het aantrekken in 1973 van William Safire, schrijver van de redevoeringen van de Republikeinse president Richard Nixon, de grote vijand van het clubblad van het gematigd-progressieve, Democratische establishment.

Philip Boffey is de tweede man van de opiniepagina's van de Times. Hij vertelt dat aan de commentaren van de krant nog steeds invloed wordt toegekend, want het is op de tiende verdieping een komen en gaan van congresleden, generaals en vooral kandidaten voor de talrijke nationale en lokale politieke ambten. Een felle actie van de commentatoren voor hervorming van de financiering van verkiezingscampagnes haalde het net niet in het congres, al werd een handvol verlichte Republikeinen overtuigd. Het pro-euthanasiestandpunt van de Times is in Amerika nog lang geen gemeengoed.

Voor Boffey en zijn collega's bij andere Amerikaanse kranten is het volkomen vanzelfsprekend dat een krant de lezer niet in twijfel laat omtrent zijn politieke voorkeur. Bij nationale en lokale verkiezingen worden alle kandidaten door de commentatoren gescreend. Met de kanshebbers worden gesprekken gevoerd. Boffey: 'Hoe lager de functie, hoe meer invloed de krant op de uiteindelijke stemming heeft'.

Bruce Dold, opinieredacteur van The Chicago Tribune, bevestigt deze observatie. Zijn krant is van oudsher een Republikeins bolwerk in een door Democraten geregeerde stad. Dold vertelt dat de krant onlangs campagne voerde voor een kandidaat-openbare aanklager van de staat Illinois. De Tribune wist een achterstand van 31 procent om te buigen in een overwinning. Maar aan de andere kant heeft de Lewinsky-affaire de Tribune een vertrouwenscrisis bezorgd. Net als tweehonderd andere Amerikaanse kranten eiste de Tribune het aftreden van Clinton. Maar de lezers haalden hun schouders op. 'We waren veel te radicaal', zegt Dold, 'en dat ging ten koste van onze geloofwaardigheid bij de lezer'.

De commentaren van de Tribune zijn directer dan de geserreerde Times. De lokale politiek wordt van dag tot dag besproken, maar ook het aanhoudend slechte weer werd van een kanttekening voorzien. Naar aanleiding van de moordpartij op Columbine High School in Littleton, Colorado, pleitte de krant hartstochtelijk voor onmiddellijke beperking van het wapenbezit. 'Controleer of uw afgevaardigde een voorstander is van gun control. Trek zijn stemgedrag na', maande de Tribune.

Stephen Rosenfeld is al veertig jaar redacteur bij de The Washington Post, waarvan 35 als commentaarschrijver en columnist. De belangrijkste opdracht van de Post, traditioneel de bron bij uitstek voor alle ins en outs in de federale politiek, is om door te dringen tot de lokale gemeenschap, inclusief de zwarte sloppenwijken. 'Wij zijn in Washington veel belangrijker dan The New York Times in New York. De Times staat vol met advertenties voor dure vrouwenkleren, wij moeten het hebben van de lokale rubrieksadvertenties.' Uitgever Don Graham van de Post was zelfs enkele jaren politieman in Washington, om met het echte leven in contact te komen. The Washington Post heeft in zijn zondagskrant een speciale opiniepagina over de stad.

De opiniepagina's zijn in de Verenigde Staten de plek waar de krant kleur bekent, zowel in internationale, nationale als in lokale kwesties. Buiten de tamelijk uitgebreide brievenrubriek komen lezers en buitenstaanders er nauwelijks aan te pas. Vaste columnisten en door de redactie gevraagde gastschrijvers vullen de pagina's. Ongevraagde bijdragen of debatten bereiken slechts zelden de kolommen.

Toch kunnen maatschappelijke organisaties, belangengroepen, de anti-rookbeweging en ondernemingen hun boodschap op de opiniepagina van The New York Times kwijt. Tegen zeer forse betaling kunnen ze namelijk een ingezonden mededeling plaatsen. Zo betaalde Mobil Oil op 30 september 1990 driehonderdduizend dollar om haar milieuvriendelijke productiewijze aan te prijzen in het jubileumkatern ter gelegenheid van de twintigste verjaardag van de opiniepagina van de Times.

Meer over