Koefnoen met saus van Gooische Vrouwen

In de reeks Grote steden – Grote verhalen komen tien metropolen aan de orde, geschilderd door grote auteurs. Aflevering 3: het Londen van Martin Amis....

Ik zit op het terras van café De Posthoorn aan het Lange Voorhout in Den Haag. Voor me, op tafel, ligt London Fields van Martin Amis, een van mijn favoriete auteurs. Een dikke pil, dat London Fields. Het ding weegt ruim een kilo, deze hardcover-editie uit 1989.

Vierhonderdzeventig bladzijden telt London Fields. Die ik zojuist heb herlezen, voor de derde keer. Met plezier. Het is een bij vlagen briljant boek.

Wat behelst het verhaal? Een aantrekkelijke jonge vrouw, Nicola Six, wil vermoord worden. Graag zelfs. (Dat zijn zo van die wensen waar je als normaal mens met je pet niet bij kan.) De vraag is: wie gaat de moord plegen? Wie gaat ’t doen, de dirty business? De talentloze draaideurcrimineel Keith Talent? Of toch Guy Clinch?

En wat levert die exercitie op? Om het in televisietermen uit te drukken: Koefnoen-in-vorm, overgoten met een saus van Gooische Vrouwen-cynisme.

Zoiets.

Een uiterst smakelijk gerecht, kortom.

Enige makke van London Fields is dat de auteur ervan, Amis, inmiddels al zijn beste boek ever had afgeleverd, Money, uit 1984. Een boek waar Amis in kwalitatief opzicht niet meer overheen zou gaan. Ongeveer zoals Elvis Costello nooit meer het niveau van zijn eerste drie platen zou overstijgen, hoe hard ie daartoe ook zijn best deed.

Zoals gezegd, je kunt niet álles hebben.

De ober komt. Die me aanspreekt in het Nederlands! Dat is even schrikken, want ik vertoefde in gedachten niet meer op het Lange Voorhout, of in Den Haag, maar wandelde al lang en breed door het Londen van Amis; door Maida Vale, dwarrelde in mijn eentje Elgin Road af, om later op de dag met Nicola Six op weg te gaan naar een trendy eetgelegenheid in Lansdowne Crescent, en nog weer later naar de pubs down Lancaster Road, waar we Keith zouden treffen, en Guy. En ik keek met Amis mee naar de Londense bomen die, einde herfst, ‘al hun bladeren verloren hadden en nu topless door het leven moesten’.

Goed. De ober. Of ik nog iets wil bestellen, in het Nederlands. Ja, dat wil ik. Ik wil graag iets hartigs bestellen, want het belooft een lange dag op het terras te worden. Ik ga London Fields opnieuw herlezen. Voor de vierde keer!

Dat mag in de krant.

Bij deze.Bart Chabot

Meer over