Knappe vertelling over ontvoering in Irak

null Beeld
Beeld

Sherko Fatah is een Duitse schrijver met Iraakse wortels en deze dubbele identiteit weerspiegelt zich in zijn romans. In In andermans handen gaat het om radicale moslimmilities die zich heer en meester over leven en dood wanen in het chaotische, verwoeste Irak na de Amerikaanse invasie.

Het is een roman vol angst en melancholie. Albert, een Duitse journalist, en Osama, zijn Iraakse tolk, zijn ontvoerd door gewelddadige sjiieten, die met hen door de woestijn trekken. Hun angst, honger en dorst worden naar de achtergrond gedrongen door herinneringen, dromen en gedachten. Vooral Albert keert vaak terug naar het DDR-verleden, toen zijn vader als journalist het regime diende.

Fatah is een knappe, maar ook wat trage verteller met veel oog voor details en het landschap. Hij verplaatst zich in de hoofden van Albert en Osama, vertelt beurtelings over hun ervaringen en maakt zo de verschillen in mentaliteit duidelijk. Want ofschoon ze op elkaar zijn aangewezen, blijven ze vreemden voor elkaar. 'Ik weet niet wie je bent', zegt Osama. Albert is ongedurig, maakt al snel vluchtplannen en als er een kans is te ontsnappen, gaat hij alleen op pad. Aan Osama denkt hij nauwelijks. De tolk is voorzichtiger en vooral loyaler. Hij vlucht ook, maar maakt zich zorgen over de Duitser. Osama kan worden gered door zijn ex-vriend Abdoel, die hij toevallig ontmoet in een armzalig dorp. Hij ziet daar uiteindelijk van af en keert terug naar Albert, die weer gevangen is genomen.

Dan voltrekt zich een verrassende, maar ook verwarrende wending. Fatah heeft willen verbeelden wat er met mensen gebeurt als in de krant wordt bericht over een ontvoering door moslim-extremisten. Daarin is hij geslaagd, al heeft hij er enkele minder overtuigende kunstgrepen voor nodig.

In andermans handen, Sherko Fatah, Uit het Duits vertaald door Pauline de Bok.
Fictie, Cossee; 284 pagina's; euro 19,99.

Meer over