Kledingfabrikant wil mensheid vrede bieden

Kledingfabrikant Diesel verrast tv-kijkers al een paar jaar met commercials waarin de hoofdpersoon binnen één (1) minuut een knots van een avontuur beleeft....

In het laatste filmpje zegt een gladde glamour-cowboy zijn mooie vrouw gedag met een kus. Hij gaat naar buiten, het Wilde Westen in, boeven vangen. De straat is stoffig. Er komt een vieze vette boef aan. Die schopt een hond, spuugt op de grond en schiet de glamour-cowboy dood.

Dit is het. Verder gebeurt er niks. Helemaal niks. Maar die filmpjes zijn altijd om te lachen, ook als je ze voor de tiende keer ziet.

Met de Diesel-catalogus op papier is het eigenlijk niet anders. Fight me, heet de editie waarin de zomercollectie van 1997 is opgenomen. De ondertitel luidt: Diplomacy is a kick in the face. De onder-ondertitel luidt: A beginner's guide to self-defence.

Over de auteur, Wentworth K. Lee, meldt de achterflap dat hij het kind is van ouders uit Korea en Moldavië. Hij groeide op in een voorstad van Ontario. Hij oefende het vak uit van banketbakker, zodat hij zijn vechtsportlessen kon betalen. Hij verhuisde naar Santa Monica en bouwde daar 'voor zichzelf, zijn vrouw Jackie en zijn vele kinderen en huisdieren' een groot landhuis dat ook als trainingscomplex dienst doet. De sterren van het witte doek zijn bij hem kind aan huis. Wentworth K. Lee brengt ze de kunst van de zelfverdediging bij.

Dat probeert hij ook in Fight me. Hij probeert de lezer in 176 bladzijden iets te leren over zelfverdediging. Dat doet hij in heldere bewoordingen ('Conflict-scenario's spelen zich vrijwel elke nacht af in obscure bars en cafés. Als je nieuw bent in de stad, kun je die maar beter mijden als de pest'). Zijn raadgevingen worden ondersteund door duidelijke instructiefoto's.

Wie zichzelf mee laat voeren door Lee, zal niet in de gaten hebben dat de afgebeelde modellen gehuld zijn in het Spider-shirt van Diesel, in de Keetar 735-broek van Diesel of in de Tictac-jumpsuit van Diesel, om maar eens wat te noemen. Wie Lee's adviezen volgt, zal niet zien dat het potentiële slachtoffer op pagina 101 de Nolly-riem van Diesel om de broek heeft gesjord. Dat is het aardige van Diesels reclame: je kunt je er onmogelijk aan storen, want je weet niet waar het om gaat.

Zoiets is misschien leuk voor ons, maar niet zo slim van Diesel. Het is mooi en het kost wat centen, maar het lijkt niet zo doeltreffend: een virus dat bij tijd en wijle om zich heen grijpt, in de reclame.

Hebben ze dat bij Diesel zelf nou ook door? In het nawoord valt te lezen dat Fight me de twintigste seizoenscatalogus is, en ook de allerlaatste. Dat kan een grap zijn, jawel, maar intussen kondigt Diesel aan uit te zien naar 'een toekomst waarin Vrede, Gerechtigheid en Universele Liefde heersen in de levens en de harten van de mensheid'.

Zo wordt een kledingfabrikant de brenger van een blijde boodschap. Dat kan ook best een grap zijn, al zal de filmpjesmaker van Diesel er eerder een knots van een avontuur in zien.

Henrico Prins

Meer over