Stijlpastoor

Kleding kan ook een symbool van verbondenheid zijn

Of is het een open deur dat kleding een krachtige manier van communiceren kan zijn, zoals Esquire-hoofdredacteur Arno Kantelberg laat zien.

Donald Pols voor het Paleis van Justitie.  Beeld Hollandse Hoogte / Nederlandse Freelancers
Donald Pols voor het Paleis van Justitie.Beeld Hollandse Hoogte / Nederlandse Freelancers

Afgelopen zomer luisterde ik naar het Human-radioprogramma Brainwash, waar Donald Pols te gast was, de directeur van Milieudefensie die we hierboven zien juichen. Wat opviel was diens dictie; Pols bleek geboren en getogen op een boerderij in Zuid-Afrika. Via het internationale World Wide Fund for Nature (WFF, in Nederland bekend als WNF) en een uitstapje naar de SP was hij bij Milieudefensie beland. Bij Human vertelde hij hoe zijn jeugd op de boerderij hem had gevormd. Pols bleek zich niet te laten leiden door de natuuradoratie die stadse klimaatactivisten zo kan kenmerken. Klein voorbeeld dat me bijgebleven is: ‘Zo’n reiger, prachtig zo’n vogel, je ziet pure rust. Maar eigenlijk is hij aan het jagen.’

Pols zien we gefotografeerd voor het Paleis van Justitie, waar Milieudefensie zojuist namens vier Nigeriaanse boeren een zaak tegen Shell heeft gewonnen. Die zaak liep maar liefst dertien jaar, dus de euforie bij de directeur is begrijpelijk, hem nog meer gegund vanwege de vrolijke sjaal. De hoed zou je nog kunnen relateren aan z’n bushachtergrond, vooral omdat hij de fedora draagt met een vlakke rand (vouw de rand achter omhoog en aan de voorkant omlaag, en je transformeert tot Humphrey Bogart in Casablanca). Vanwege de kleur, vorm en omvang is de sjaal een onverwacht accessoire – zo monter en feestelijk zie je het niet vaak in het activistisch milieu. Ik kreeg ineens ook beeld bij de term waarmee hij zichzelf omschreef tijdens eerdergenoemde radio-uitzending: klimaatoptimist.

President Nelson Mandela reikt de wereldbeker rugby uit aan François Pienaar, in 1995.  Beeld Hollandse Hoogte / AP | Sport
President Nelson Mandela reikt de wereldbeker rugby uit aan François Pienaar, in 1995.Beeld Hollandse Hoogte / AP | Sport

De communicerende kracht van kleding is een niet te onderschatten bouwsteen onder het slaan van bruggen. In 1995 reikte Pols’ toenmalige president Nelson Mandela de wereldbeker rugby uit aan François Pienaar, de aanvoerder van het Zuid-Afrikaanse team dat zojuist de finale – verrassend – had gewonnen van Nieuw-Zeeland. Mandela had bij die uitreiking het shirt aan van het nationale rugby-elftal, met nummer 6 op zijn rug (en het bovenste knoopje dicht, net zoals bij zijn Madiba-hemden). Dat was een statement van grote betekenis omdat het nationale team, de Springboks, werden gezien als het sportieve symbool van de apartheid – reden waarom zwarte Zuid-Afrikanen aan voetbal deden in plaats van rugby. Hardliners binnen het ANC wilden de Springboks ontdoen van de naam en de kleuren, maar Mandela maakte het tenue de zijne, zoals hij op Robbeneiland Afrikaans leerde om met zijn bewakers te kunnen communiceren. Bij het laatste WK, twee jaar geleden, wonnen de Springboks weer de wereldbeker. De beker werd uitgereikt aan de Zuid-Afrikaanse aanvoerder, Siya Kolisi. Hij droeg het shirt met nummer 6.

Meer over