Kijken, beschrijven en doordenken

De Britse rapper Roots Manuva volgt niet de waan van de dag. Wat hij zoekt, is verdieping. 'Veel hiphop blijft steken op microniveau: jonge rappers vertellen over zichzelf, hun straat, hun vrienden.'..

Door Menno Pot

Groot-Brittannië heeft sinds de late jaren tachtig een gestage stroom rappers voortgebracht (denk aan de gloriedagen van Stereo MC's en de Wee Papa Girl Rappers), maar toch: de woorden 'Britse hiphop' klonken altijd een beetje als 'Oostenrijkse reggae'. Het bestond wel, maar leek veroordeeld tot de underground. Zelfs in Groot-Brittannië haalden Britse rappers de hitlijsten maar zelden.

Nee, dan het heden! So Solid Crew, Mike 'The Streets' Skinner en Dizzee Rascal trapten de deur naar het grote publiek in, en sindsdien lijkt het of er elke week wel een nieuwe exponent van de 'U.K. hiphop' opduikt in de charts. Vooral de bron van de grime (een woest mengsel van drum 'n' bass, 2-step en hiphop uit de groezeligste buurten bezuiden de Theems) lijkt onuitputtelijk. Dizzee Rascal en Wiley zijn al groot; succesvolle singles van Lethal Bizzle, Kano, Lady Sovereign en de More Fire Crew kondigen hun doorbraak aan. Britse hiphop is groter dan ooit tevoren.

'En Britser,' zegt Rodney Smith, een vervaarlijk ogende doch vriendelijke Cockney. In de bar van een Amsterdams hotel tikt hij het ene na het andere mierzoete likeurtje weg. We kennen hem als Roots Manuva. Zijn derde album Awfully Deep verscheen begin deze week. Sinds hij in 1994 debuteerde met de single Next Type Of Motion is hij gerespecteerd rapper te Zuid-Londen. Je kunt hem met een beetje goede wil beschouwen als wegbereider voor de huidige generatie 'U.K. rappaz'. Hij brak alleen nooit zo grootschalig door als de snotneuzen van amper twintig jaar die nu top 10-hits scoren. Jaloers? Welnee!

'Absoluut niet. Het debuut van The Streets is het beste dat de Britse popmuziek in jaren is overkomen. Mike Skinner heeft van alledaagse observaties een kunstwerk geboetseerd. Ik ben fan. Ook van ''Dizzee'', trouwens.'

Als je je maar onderscheidt. Smith is een jaar of twaalf ouder dan de grime-kopstukken. Roots Manuva volgt niet de waan van de dag. Wat hij zoekt, is verdieping. Awfully Deep, zoals de titel knipogend beweert.

Even serieus: 'Veel hiphop blijft steken op microniveau: de jonge Britse rappers vertellen over zichzelf, hun straat, hun vrienden. Of ze spreken zich uit over politieke zaken die nu spelen. Je kunt het ze niet verwijten, omdat ze nog zo jong zijn. Ik heb mezelf de taak gesteld een hiphopplaat te maken die niet aan een tijdvak gebonden is: niet alleen kijken en beschrijven, maar ook doordenken over wat je ziet. Reflectie. Meer spirituele diepgang. Dat is de morele plicht van een veteraan. Ha!' - en ták, daar gaat weer een likeurtje.

Awfully Deep gaat over de gemiddelde Brit, en wat hem beweegt. Neem bijvoorbeeld de voorpagina van de ranzigste Britse tabloid, The Sun. Smith: 'Wat er ook voor belangrijks gaande is in de wereld, voorop The Sun staat altijd iemand die seks gehad heeft met iemand anders op een plek of moment waarop hij dat beter niet had kunnen doen. Een bekende man met een hoertje, of een voetballer met een minderjarige, weet ik veel. Waarom verdoen volwassen Britten daar al decennialang hun tijd mee? Die hype-fabriek fascineert me.'

Roots Manuva rapt meer dan ooit over Groot-Brittannië. Op Awfully Deep mogen we bovendien weer horen wat na zijn debuut Brand New Second Hand (1999) langzaam minder duidelijk was geworden, namelijk dat hij van Jamaicaanse komaf is. Zijn ouders kwamen beiden ter wereld in het dorpje met de prachtige naam Banana Hole. Smith groeide op in Stockwell, Zuid-Londen, op de klanken van de kerkmuziek van de Jamaicaanse Pinkstergemeente en de soundsystems op straat.

'Dat mocht toen nog', zegt hij, 'op straat je apparatuur opbouwen en de volumeknop helemaal opendraaien. Plastic dekzeil erover als het ging regenen. De baslijnen dreunden door de hele wijk. Ik voelde ze op mijn middenrif. Duivelse muziek, vonden mijn ouders, maar dat geloofde ik niet. Zulke prachtige muziek kon nooit duivels zijn. Maar toen voerde de regering de Justice of Peace Act in, en was het afgelopen.'

Nee, Jamaicaanse jongens die op straat met soundsystems meerappen, kom je in Londen niet meer tegen. Nu moet je de clubs in, waar grime-jongens 'spitten' op breakbeats en garage. Het kenmerkt de Britse hiphopscene, die van oudsher eclectisch is. Veel minder dan de Amerikaanse houdt Britse hiphop vast aan traditionele beats. 'U.K. rappers' lenen graag ritmen uit andere dansbare popstromingen.

Smith: 'Amerikaanse hiphop is veel nadrukkelijker een uiting van een minderheid die vecht voor zijn plaats in de maatschappij. Hiphop staat voor zwart verzet. Dat wij-gevoel leidt soms tot eenheidsworst. Daarom is een groep als OutKast zo belangrijk: die onttrekken zich daaraan en stralen uit dat je binnen de hiphop ook ánders mag zijn. In de Britse scene is individualisme geen taboe. Als je je laat beïnvloeden door andere stijlen, wordt dat niet gezien als verraad aan de zaak.'

Saillant detail: toen zijn vorige album Run Come Save Me (2001) verscheen, werd Roots Manuva verweten dat hij te veel als een Amerikaan wilde klinken. Onzin, vindt hij zelf. Hij is Brit en geniet van het feit dat Britse hiphop populairder is dan ooit. Als de voortekenen niet bedriegen, zal het succes van Dizzee Rascal en diens leeftijdgenoten ook zíjn verkoopcijfers een impuls geven. Zie het als een wederdienst van de jonge garde. Smith grijnst: 'Doen ze toch nog iets terug voor Ome Rod.' En daar drinkt hij nog maar een likeurtje op.

Meer over