Kiezen tussen Arsenal en Ajax

Er was eens een Amerikaanse oorlogscorrespondente die naar Londen verhuisde, omdat iedereen er zo onverschillig was. Had ze een half jaar in Vietnam gezeten dan vroeg niemand aan haar hoe het was geweest....

Lucas van Grinsven

Een andere buitenlander, uit ander hout gesneden, was stomverbaasd dat hij pas thuis werd uitgenodigd bij een collega aan de vooravond van zijn vertrek naar huis, na een verblijf van enkele jaren. Alsof ze blij waren dat hij vertrok!

Ik denk dat ik weet wat ze bedoelen. Van drinken met de collega's is tot nu toe nog niet veel terechtgekomen. Maar nu ik aan mijn laatste paar dagen ben gekomen, moet er toch wat gebeuren. Dus gisteravond, een dag voor mijn vertrek, gingen we eindelijk met zijn allen naar de drenkplaats.

Die onbewuste onverschilligheid, gecombineerd met afstandelijkheid, kan tamelijk afschrikwekkend zijn voor de empathisch aangelegden. Je kunt het gevoelsarmoede noemen, maar ook beschaving. Iedereen heeft hier recht op zijn eigen vierkante meters privé-ruimte.

Op straat zie ik mensen halsbrekende toeren uithalen om elkaar maar niet aan te raken. In de pubs wijken de massa's alsof ik Mozes ben die door de zee schrijdt, en als de deuren van de tube openen, verstijven de passagiers een seconde, alsof ze eerst willen inschatten hoe ze elkaar het beste kunnen laten in-en uitstappen.

Als iemand die seconde gebruikt om zich onmiddellijk naar binnen te worstelen, kun je ervan op aan dat het een toerist is.

Ik vraag me trouwens af of Nederlanders zoveel warmbloediger zijn - wie loopt de deur eigenlijk plat bij zijn collega's? En eerlijk is eerlijk: zou het leven niet veel aangenamer zijn zonder het hersendodende gewauwel over exotische vakanties gelardeerd met onscherpe kiekjes?

Zoals overal zijn de culturele barrières snel geslecht, als je je maar aanpast. Nederlanders lachen om Duitsers die vaak zeggen dat in hun land altijd alles beter is, maar dat zeggen de Zwitsers ook, en de Fransen, en natuurlijk de Nederlanders zelf. De Britse zelfspot zou je haast op het verkeerde been zetten, maar daarmee onderstrepen ze hetzelfde geloof dat hun natie de maat aangeeft. Een mooi voorbeeld van rotsvast Brits vertrouwen in de toonaangevende rol in Europa ervoer ik de afgelopen weken.

Reuters, het Britse persbureau waar ik in Amsterdam voor werkte voordat ik drieënhalf jaar geleden overstapte naar de Volkskrant, had me benaderd voor een baan in Londen. Mijn collega's bij de Financial Times hebben nooit meer gevraagd of ik had besloten op het aanbod in te gaan. Dat namen ze voetstoots aan. Als je kunt kiezen tussen Arsenal en Ajax? Home & Garden en Ariadne? BBC en NOS? De City en de Zuid-As? Elisabeth en Beatrix? Marmite en hagelslag? Links en rechts?

Waarschijnlijk weten de meeste Britten niet eens wie Beatrix is, laat staan dat ze hebben gehoord van hagelslag, maar dat is natuurlijk precies het punt. Het is trouwens niet alsof de Britten zelf nooit voor een soortgelijke keuze staan om naar Londen te verhuizen. Het verschil is dat ze van tevoren weten wat ze zullen zeggen: ja.

Londen is de piek van de wereld. Dat is de plek waar je het moet maken. Een ex-huisgenoot hier, die met haar zo-zo-baantje geen cent te makken heeft, ziet doorbreken als haar voornaamste streven. Lukt dit niet binnen drie jaar, dan gaat ze terug naar de provincie.

Dat is de reden waarom de demografie van Londen lijkt op te houden bij 45-jarigen. In de stampvolle spitsmetro ontbreekt een hele bevolkingsgroep - de 45/50-plussers. En zie je er een, dan weet je een ding: het is een taaie of een hele goede. De rest die hier nog woont heeft een auto met chauffeur of is binnen.

Deze economie betaalt naar prestatie, dus een twintiger kan net zoveel verdienen als een vijftiger. Cao's en loonschalen? Als je meer wilt verdienen, moet je onderhandelen of solliciteren. Presteer je niet, dan lig je er binnen drie maanden uit - althans bij de zeer zorgzame werkgevers.

Ik moet wel gek zijn dat ik mijn drie maanden durende safari door deze stadsjungle omzet in een permanent verblijf. Misschien ben ik wel vergeten hoe strak en regelmatig de Hollandse polder is. Of misschien ook niet.

Meer over