Kaj keft tegen de kat

Juist degenen die weinig verleden hebben, zijn er vaak erg in geïnteresseerd: peuters mogen graag horen over vroeger toen ze 'nog héél klein' waren en fotoboeken oefenen een grote aantrekkingskracht op ze uit....

Tijn, een peuter van een jaar of twee, neemt zijn babyboek door. In prettig duidelijke illustraties is steeds links de foto te zien die hij bekijkt - baby Tijn die drinkt, of slaapt, of poept, of net leert staan - terwijl rechts te zien is hoe hij dezelfde dingen inmiddels doet. Lag hij eerst aan de borst, nu drinkt hij uit een bekertje, poepte hij eerst in een luier, nu zit hij op de wc.

Voor kleine kinderen is dat allemaal zeer herkenbaar, en met humor opgetekend. Bij het boek hoort een schriftje, Kijk dit ben jij, waarin ruimte is voor eigen foto's en tekstjes.

Ook voor peuters zijn de twee boekjes van de Deen Mats Letén over Kaj, die met zijn speelgoedbeest kleine avonturen beleeft. Kaj wil een appel is een min of meer realistisch verhaaltje over een appel die in een boom hangt, te hoog voor Kaj, en Kaj die de appel probeert te pakken. De tekst is uiterst eenvoudig, maar met korte zinnetjes weet Letén een compleet verhaaltje te vertellen. Op de illustraties kruipt ondertussen een niet genoemde slak langs de boom omhoog, zodat er ook iets meer te zien is dan de tekst meldt.

Letén tekent Kaj als een grappige, bolle peuter met een rudimentair gezichtje tegen steeds dezelfde achtergrond, zodat alle aandacht gaat naar Kaj zelf en wat hij beleeft. In Kaj zegt hai groet Kaj de dingen in een kettingverhaal: 'hai' zegt hij tegen de grote hond, die 'waf' terugzegt, waarna Kaj 'waf' zegt tegen het kleine hondje, dat 'kef kef' keft, zodat Kaj keft tegen de grote kat, enzovoort.

Wie een dergelijk boek aan een peuter of kleuter voorleest, zal als vanzelf de geluiden nadoen van de dieren die Kaj tegenkomt. Ze zijn moeilijk voorstelbaar, de (groot)ouders, peuterleidsters of bibliothecaressen die uitgelegd moeten krijgen dat je kinderen geen plezier doet met monotoon voorlezen, dat het pas leuk wordt als je geluiden maakt, versjes zingzegt, toneelspeelt.

Toch bestaan de tips die Margriet Chorus in Spelen met prentenboeken geeft, voor een groot deel uit dat soort gemeenplaatsen. 'Voorlezen gaat het beste op een rustige plaats.' 'Een bank is een goede plek om voor te lezen.' 'Wanneer er bijvoorbeeld versjes in een tekst zitten, kun je daar een vaste manier van weergave voor vinden, ritmisch of met een melodietje.' 'Je kunt de sfeer weergeven door middel van de geluiden die het boek zelf al aangeeft.'

Chorus geeft van 25 prentenboeken (allemaal van Lemniscaat, waar haar boek ook verschijnt) een korte omschrijving, tips voor het voorlezen en suggesties voor spelletjes die met het boek te maken hebben.

Ook die activiteiten liggen voor iedereen die weleens een klein kind van dichtbij meemaakt, nogal voor de hand. Kringspelletjes, zingen, laten vertellen, kleuren, knippen en plakken: daar komen veel suggesties op neer. Dat maakt Spelen met prentenboeken tot een boek voor onzekere opvoeders op zoek naar een steuntje in de rug.

Hanneke de Klerck

Betty Sluyzer: Kijk dit is Tijn.

Illustraties Pauline Oud.

Vanaf 1,5 jaar.

Kimio; ¿ 19,90.

ISBN 90 71368 67 X.

Mats Letén: Kaj zegt hai.

Uit het Deens vertaald door Karin Kustermans.

Ludion; ¿ 13,50.

ISBN 90 5544 122 8.

Mats Letén: Kaj wil een appel.

Uit het Deens vertaald door Karin Kustermans.

Ludion; ¿ 13,50.

ISBN 90 5544 123 6.

Margriet Chorus: Spelen met prentenboeken.

Illustraties Sandra Klaassen.

Lemniscaat; 117 pagina's; ¿ 24,50.

ISBN 90 5637 086 3.

Meer over