DE GIDSLuisterboeken

Jongetjes als Shuggie Bain wandelen al veel langer door de (luister)literatuur

null Beeld Sabine van Wechem
Beeld Sabine van Wechem

Een greep uit de canon van getroebleerde jongetjes.

Shuggie Bain. Alleen al vanwege de naam van de hoofdpersoon zou je het boek pakken, kopen, lezen, verslinden. Denk ik, want ik heb het nog niet gelezen en ik maak geen deel uit van de leesclub van de Volkskrant die na vandaag, onder de bezielende leiding van recensent Hans Bouman, begint met het lezen van de vertaling van het boek (zie ook zijn interview met schrijver Douglas Stuart, deze week). Ik pik even een graantje mee, want afgelopen vrijdag verscheen ook het luisterboek van de Nederlandse vertaling, die is voorgelezen door Willemijn de Vries. Wie liever naar een Schotse stem luistert, kan ook nog kiezen voor de oorspronkelijke versie met de acteur Angus King.

Hugo Blom leidt u door de wereld van het luisterboek. Pjotr van Lenteren doet dat volgende week over jeugdboeken, Rob van Scheers praat u daarna bij over thrillers.

In deze roman, waarmee Douglas Stuart de Booker Prize 2020 won, volgen we het jongetje Shuggie, dat opgroeit in Glasgow tijdens de jaren tachtig, van zijn 6de tot zijn 15de. Shuggie is niet het eerste jongetje in de literatuurgeschiedenis dat we zien opgroeien en wiens ontwikkeling wordt afgezet tegen een decor van maatschappelijke treurnis. Hij heeft een moeder die haar uiterste best doet de uiterlijke schijn op te houden, maar die helaas ook aan de drank is. Shuggie zelf zal op jongens vallen, maar zijn omgeving heeft dat eerder in de gaten dan hij.

Douglas Stuart: Shuggie Bain. Beeld Nieuw Amsterdam
Douglas Stuart: Shuggie Bain.Beeld Nieuw Amsterdam

Jongetjes met een carrousel van gedachten, onbegrepen en onvolwassen, zijn niet zelden de (herinnering aan en van de) schrijver zelf en wandelen al veel langer door de literatuur. Neem bijvoorbeeld onze eigen Woutertje Pieterse. Van Multatuli mochten de verhalen van Woutertje nooit als roman worden uitgegeven, maar omdat zijn weduwe daar maling aan had, bestaat de jonge held ook 130 jaar later nog wel degelijk als boek. Zelfs als voorgelezen boek, maar dan wel in de vorm van niet meer verkrijgbare cd’s uit 2007, waarop Ivo de Wijs zijn ingekorte bewerking van het verhaal voorleest.

Er is ook een Librivox-opname op YouTube van meer dan 25 uur, gratis, voorgelezen door Carola Janssen. Me dunkt dat daar wel een nieuwe, professionele uitvoering naast mag. Al was het alleen al omdat het boek, zo formuleerde H. Timmermans in een studie uit 1987, ‘een unieke kijk’ geeft op de vroeg-19de-eeuwse maatschappij, met de ‘dufheid van de middenklasse, de bruutheid van de lagere bevolkingsgroepen, de hypocrisie van de burgerij en de lichtzinnige zelfstreling bij de hoogst geplaatsten’. Alsof de tijd heeft stilgestaan.

Een van mijn persoonlijke favorieten uit de canon van getroebleerde jongetjes die voortdurend het zorgelijke hoofd boven water moeten houden is Paddy Clark ha ha ha van de Ierse schrijver Roddy Doyle uit 1993, die daarvoor destijds ook de Booker Prize kreeg. Doyle werd bekend met de Barrytown-trilogie (The Commitments, The Snapper en The Van), boeken die alle drie met veel succes zijn verfilmd. Paddy Clarke hoort in zekere zin ook in dit rijtje thuis, omdat het verhaal zich in dezelfde fictieve stad afspeelt.

Roddy Doyle: Paddy Clark ha ha ha. Beeld Random House
Roddy Doyle: Paddy Clark ha ha ha.Beeld Random House

Natuurlijk is dit boek voorgelezen, maar wel alleen in de oorspronkelijke taal, door acteur Aidan Gillen (voor de fans: Littlefinger uit Game of Thrones). Het is een opname uit 2009 en Gillens stem heeft precies de licht opgewonden toon die een 10-jarige held moet hebben, omdat alles nog een avontuur kan zijn, omdat alles nog mogelijk is. Van Doyle verscheen vorig jaar oktober zijn nieuwste roman Love, die hij zelf voorlas. Een verhaal waarin twee mannen die elkaar al hun hele leven kennen een avond in de pub doorbrengen en praten in een repeterende dialoog, waarin wat ze elkaar niet zeggen het hele boek onder de oppervlakte blijft. Tot het eind, en dan lijken de zorgen van 10-jarige jongetjes opeens heel ver weg.

Meer over