‘Jongeren zijn serieuzer geworden’

De techno-dj betreurt de bijrol die voor dance lijkt te zijn weggelegd. Maar motivatieproblemen heeft hij niet...

Dacht hij alles al wel eens te hebben meegemaakt, werd dj Steve Rachmad onlangs toch nog mooi verrast. Voor een dj-set in de studio van de jongerenzender Radio 538 kreeg hij het verzoek zijn platen thuis te laten. ‘Een radiozender die geen draaitafels meer heeft, dat geloof je toch niet.’

Rachmad is van de uitstervende generatie dj’s die nog uitsluitend met vinyl draaien. ‘Dus heb ik ’s middags voor het eerst wat plaatjes op cd staan branden.’ Vandaag draait de 37-jarige Rachmad op Awakenings, het techno-evenement dat dit weekeinde de tiende verjaardag viert. Extra bijzonder? Niet voor de Amsterdamse techno-dj. ‘Het moet iets van de 34ste keer zijn dat ik daar draai.’

Of er in die tijd veel veranderd is? ‘Door al die heftige drugscontroles durven mensen zelfs geen tictac meer in hun mond te stoppen.’ Terwijl hij er toch ook bij was toen de politie in vol ornaat de dansvloer van de Escape schoonveegde en de Amsterdamse club Mazzo werd dichtgetimmerd na een drugsinval. ‘En heeft het ook maar iets veranderd? Nee dus.’

Wat wel is veranderd: het publiek is niet meer zo enthousiast als vroeger. ‘In Nederland tenminste. In het buitenland is het nog steeds knallen, vooral in Oost-Europa en Japan.’ Naar de reden kan Rachmad alleen gissen. ‘Verzadiging misschien. Het is allemaal al eens eerder gedaan, die feesten.’ Daarbij is ook de hele maatschappij veranderd. ‘Jongeren zijn veel serieuzer tegenwoordig.’

Ook muzikaal gaat het eerder achter- dan vooruit. ‘We zijn weer terug in de jaren tachtig, en dan heb ik het niet over de invloeden van synthesizerpop en electro. New-wave-bandjes zijn weer helemaal in. Daarnaast zie je dat de stadions weer worden gevuld door supersterren als Robbie Williams en Madonna.’ Voor dance is nog slechts een bijrol weggelegd, moet hij tot zijn spijt erkennen. ‘Het wordt vaak gezien als iets oppervlakkigs, net als disco destijds.’

Niettemin blijft Rachmad trouw aan zijn roots, die diep in de jaren tachtig liggen. ‘Via disco en electro maakte ik kennis met house en techno.’ Zijn draaistijl laat zich nog het best omschrijven als Detroit-techno met een vleugje electro.

Al in 1996 bracht hij als zijn alter ego Sterac Secret life of machines uit, nog steeds het beste Detroit-technoalbum van Nederlandse bodem. ‘In Engeland sta ik meestal nog steeds als Sterac op de flyer.’

Deze week verschijnt Neo Classica, het eerste album dat hij onder zijn eigen naam uitbrengt. De plaat bevat onversneden techno op ‘Detroit’-leest geschoeid.

Ouderwets? Dan toch eerder de wegbereider voor een nieuwe lichting dj’s die internationaal furore maakt. ‘Niet trance maar de uitstekende Detroit-techno van producers als Shinedoe en Joris Voorn en labels als Clone en Delsin is waar Nederland nu om wordt geroemd.’

Zelfs de apparatuur die Rachmad gebruikt, bestaat voornamelijk uit analoge synthesizers en echte keyboards. Muzieksoftware is uit den boze. ‘Je hoort gewoon dat het geen ziel heeft. Computers zijn om bestanden op te slaan, anders niet.’ Noem hem een purist, een fantast wellicht – want het geluid van moderne software is werkelijk nog amper van de originele instrumenten te onderscheiden – hij kan nu eenmaal niet anders. ‘Een melodie spelen op een toetsenbord of een drumpatroon uitzetten door een muis heen en weer te schuiven, ik kan daar niet aan wennen.’

Motivatieproblemen heeft de nestor van de poldertechno vooralsnog niet. ‘Ik blijf het draaien geweldig vinden. Maakt me niet uit waar.’ Volgend weekeinde staat hij in een chique club in het oliestaatje Bahrein. Maar net zo makkelijk draait hij een week later in bardancing Manifesto in Hoorn. ‘Vind ik stiekem toch het leukste, gewoon tussen het publiek staan.’ Net als vroeger.

Meer over