INTERVIEW

'Je weet pas wat je hebt als je het níét meer hebt'

In de serie Over de helft interviewt Cornald Maas net- of bijna-vijftigers over hun dilemma's. Radio-dj Jeroen van Inkel kreeg een midlifecrisis en ontdekte daarna een onvermoed talent bij zichzelf.

Jeroen van Inkel: 'Deze fase bevalt me beter dan die van een jaar of tien geleden.' Beeld Adriaan van der Ploeg
Jeroen van Inkel: 'Deze fase bevalt me beter dan die van een jaar of tien geleden.'Beeld Adriaan van der Ploeg

'Sinds kort ben ik verhuisd van de middag naar de vroege ochtend. Bij Radio Veronica, waarvoor ik sinds september vorig jaar weer werk. Dat bevalt me erg goed. Kort na mijn 40ste zat ik ook al bij Veronica, maar ik was nog niet klaar voor het type radiostation dat het toen was. Het was een gouwe-ouwestation en ik had het gevoel dat ik er niet thuishoorde, nog erg van de hedendaagse muziek was. Je ontdekt een artiest of bandje, en dat wil je delen met een zo breed mogelijk publiek - dat was mijn missie. Maar die kon ik daar amper verzilveren. Ik belandde op een dood spoor. Het kostte me 's ochtends moeite om te beginnen, tijdens de show keek ik steeds op m'n klokje of het nog niet voorbij was.

Dat is een schril contrast met nu. Ik word om 5 voor 5 uit mezelf wakker, voor de wekker gaat. Ik spring uit bed, neem een douche, check vlug het nieuws en rijd met het grootst mogelijke plezier naar de studio. Bij Veronica is de playlist een stuk gevarieerder geworden - het is niet langer zo dat sommige liedjes vier of vijf keer per week voorbijkomen. Ik hoef zelf ook niet meer zo nodig de allernieuwste muziek te draaien en te verkondigen. Natuurlijk vind ik het leuk om iets als eerste te ontdekken, zoals een tijdje terug de Ierse singer-songwriter Hozier, maar ik kan die opwinding nu ook in beperkter mate delen, alleen in eigen kring, en niet per se op de radio. Ik ben realistischer geworden. Noem het berusting. That's the way of the world, om Earth, Wind & Fire maar 'ns te citeren.

Begrensd

Als kersverse vijftigplusser zie ik mezelf als een ervaren puber. Ik wil niet constant al te serieus en verantwoordelijk in het leven staan, al wil ik dat evenmin cultiveren. Soms voel ik me begrensd: de samenleving is gefixeerd op leeftijd, dat speelt me soms parten.

Waarom wordt boven een artikel achter mijn naam meteen m'n leeftijd tussen haakjes gemeld? Natuurlijk deed ik er ooit ook aan mee, toen ik als 25-jarige iedereen boven de 40 een ouwe lul vond. Maar als je zelf in die categorie bent beland, ervaar je vooral iets anders: dat je nog een hoop dingen wilt ondernemen, maar dat de wereld daar echt anders tegenaan kijkt.

Een voorbeeld: ik ben een groot liefhebber van wat ze tegenwoordig EDM noemen, electronic dance music. Mijn radiocarrière begon ooit in Amsterdam bij Radio Decibel waar we vooral importmuziek uit Amerika lieten horen. Laatst regelde DJ Jose dat ik een avond hippe dancemuziek kon draaien, in een leuke gelegenheid vlak bij Den Haag. Bij aankomst zag ik veel dertigers en veertigers staan - misschien zijn dit de liefhebbers, dacht ik nog. Tot ik na drie platen zag hoe beteuterd ze keken en ik realiseerde me dat dit 'm niet ging worden. Jeroen van Inkel staat voor iets anders, concludeerde ik, namelijk voor muziek uit de jaren tachtig en negentig, en ik gooide het roer om en ging die muziek draaien. Maar ik geef toe dat ik teleurgesteld was.

Rinkeldekinkel

Jeroen van Inkel wordt als Jeroen Hendrik Donderwinkel op 7 juli 1961 geboren in Amsterdam. Hij haalt z'n mavo-diploma, breekt z'n studie aan het Grafisch Lyceum af en debuteert bij de Amsterdamse radiozender Decibel. In 1983 begint hij bij - de toen nog publieke omroep - Veronica, waar hij met Adam Curry de populaire radioshow Curry en Van Inkel presenteert. Later werkt hij samen met dj's Rob Stenders en Gijs Staverman. In 1995 wordt Veronica commercieel en begint hij de ochtendshow Rinkeldekinkel. Vervolgens werkt hij voor Radio 538 en Q-Music, om in 2014 terug te keren naar Radio Veronica, waar hij in februari van dit jaar zijn programma Rinkeldekinkel hervat. In de jaren tachtig presenteert hij op tv het popprogramma Countdown. In 2010 wordt hij onderscheiden met de Marconi Oeuvre Award en in 2014 debuteert hij als schrijver met de thriller Kortsluiting.

Meer rust

Toch bevalt deze fase me beter dan die van een jaar of tien geleden. Toegegeven: het aantal kilo's is toegenomen en ik rook minder dan vroeger - alleen nog elke vrijdag, net voor het weekeinde begint, vijf sigaren. De 5 kilometer loop ik minder snel en de leesbril is een noodzakelijk kwaad geworden - nog een mazzel dat ik altijd al een bril droeg. Tegelijkertijd is de innerlijke rust groter geworden. Mijn energie haal ik uit de mensen met wie ik samenwerk: eerder was ik niet zo'n teamspeler. Thuis in Almere is het stabiel, met mijn vrouw Sandra - met wie ik al sinds mijn 18de samen ben - en onze dochters Isabel en Teddy van 22 en 18 die het ouderlijk huis tot mijn geluk nog niet hebben verlaten.

Zo stabiel is het niet altijd geweest. Dat is een gepasseerd station, ik denk er nauwelijks nog over na. Rond mijn 40ste diende zich een fikse midlifecrisis aan. Ik dacht altijd dat die zich als volgt zou uiten: man koopt een Harley-Davidson, laat z'n haar groeien, traint zich wezenloos op de sportschool en gaat 's zomers bij Bloemendaal op het strand liggen. In mijn geval liep het een beetje anders. Ik begon te twijfelen aan het bestaan dat ik had opgebouwd en vroeg me af of mijn gezinsleven niet saai was. Links en rechts werd ik ingehaald door dj's als Edwin Evers en Giel Beelen, die in korte tijd megapopulair werden.

Misschien was ik verslaafd aan de aandacht en het besef dat ik de nummer-één-dj was. Als dat dreigt te verdwijnen, ga je wankelen. Ik probeerde dat te compenseren. Bijvoorbeeld door met een paar vrienden DJ-café SOL te openen op het Amsterdamse Rembrandtplein, in de ouwe Shorts of London van Manke Nelis. Het was er hip, het zag er goed uit, alles in Ibizastijl. En ik begon stevig mee te doen - ik ben een laatbloeier die pas op zijn 19de zijn eerste biertje dronk. De verleiding van drank, drugs en vrouwen, zo zou je het kunnen samenvatten. Ongelukkig was ik niet, maar ik was niet langer de jonge gast die nog hoop en verwachtingen had voor de toekomst.

Op zoek naar een talent

Ik kwam erachter dat alles zo'n beetje was uitgekomen - leuk werk, een mooie vrouw, mooie dochters, status en aanzien - maar dat er toch iets ontbrak. Ik zag dat sommige mensen in mijn omgeving nieuwe talenten ontdekten, ze gingen schilderen of schrijven - en zoiets ontdekte ik niet. Ik ben als die anderen, dacht ik, waarom kan ik dan niet wat zij kunnen? De tv-productiemaatschappij die ik had opgericht en waarmee we aanvankelijk leuke programma's maakten, zoals een serie met Tatum Dagelet en Jennifer de Jong, was geen lang leven beschoren. SOL hebben we op een zeker moment verkocht.

Ik ben uiteindelijk een paar maanden het huis uit gegaan. Dat was een donkere periode. Ik was verdrietig en eenzaam en ik voelde dat ik op een dood spoor zat. Ik zocht professionele hulp, maar daar heb ik weinig aan gehad. Op een gegeven moment heb je het spelletje van de therapie door. Om een voorbeeld te geven: elke ochtend moest ik op een briefje schrijven hoe ik me voelde. Ik schreef een boodschappenlijstje op met de raarste dingen: een tijdmachine, een lasergun, een opblaaspop. Nooit iemand over gehoord. Ik ontwikkelde een houding waardoor ik niets meer deed met de informatie die via de therapie tot me kwam.

Ik kwam tot inkeer - ik weet ook niet precies waardoor. Je weet pas wat je hebt als je het níét meer hebt, realiseerde ik me, hoezeer dat ook een cliché is. Ik was klaar met de gedachte dat het gras aan de andere kant van de heuvels altijd groener is. Ik ging terug naar vrouw en kinderen en ben nooit meer weggegaan. Ik ben Sandra nog steeds dankbaar dat ze mij zo royaal de ruimte heeft gegeven om een en ander uit te vogelen. Ze is intelligent en nuchter. Het is al met al een periode geweest die ik liever niet had meegemaakt, en die me, ook achteraf, weinig heeft opgeleverd. Ik werd vooral geconfronteerd met mijn eigen beperkingen.

Met mijn ouders heb ik hierover niet gesproken. Ze zijn twintig jaar geleden gescheiden, in goede harmonie. Ze hebben allebei een nieuwe partner en zijn zelfs al met z'n vieren op vakantie geweest. Met mijn leven hebben ze zich nooit nadrukkelijk bemoeid, vanuit het vertrouwen dat ik alles goed voor mezelf zou regelen. Toen ik werd geboren waren ze jong en modern en ze zijn altijd relaxed geweest.

Vooral mijn vader was heel openminded: hij liet me kennismaken met de muziek van de Eagles, de Stones en Loggins & Messina. En hij bouwde een dj-tafel van resthout in mijn kamer; naar voorbeeld van Hilversum 3 met een aparte bak voor de lp's en de singles. M'n ouders vonden het alleen belangrijk dat ik een diploma haalde. Dat werd een mavodiploma. Ze lieten me verder vrij in m'n keuzes.

Mijn moeder zei altijd: 'Het komt wel goed met Jeroentje' - overtuigd als zij ervan was dat ik een goeie babbel had en mezelf kon verkopen en, zoals zij het zei, 'het geluk aan m'n reet had hangen'.

Starstruck

Ze zijn altijd trots op me geweest. Mijn vader heeft plakboeken vol artikelen over me verzameld uit de Hitkrant en andere bladen. Vergis je niet: ik kwam op een gegeven moment ook op tv, en onze radioshow Curry en Van Inkel was midden jaren tachtig razend populair - Adam en ik werden soms onder politiebegeleiding de dorpen in- en uitgeloodst. Tegelijkertijd begrepen ze ook niet helemaal waarmee ik bezig was. 'Wat doe je nou precies in de studio?', vroeg m'n moeder dan. En: 'Mick Jagger, heb je die echt ontmoet? Hoe heb je dat contact gelegd?' Ik snapte die vragen wel. In het begin was ik zo groen als gras. Laatst hoorde ik een interview terug dat ik ooit voor Radio Decibel maakte met Mark King van Level 42. Dramatisch slecht was het - te starstruck was ik, en veel te zenuwachtig.

Mijn vader en moeder waren erbij toen ik in 2010 de Marconi Oeuvre Award kreeg. Dat was een mooie erkenning ja, vooral omdat ik 'm uit handen kreeg van Lex Harding, de man die mij op jonge leeftijd onder zijn vleugels nam en me op mijn 22ste al een eigen radioprogramma gaf - wat in retrospectief een groot risico was. Toen ik hoorde dat ik de Award zou krijgen, zag ik er toch niet zo naar uit en wilde ik het het liefst nog wat uitstellen. Het voelde voor mij te veel alsof ik al met één been in het graf stond, terwijl ik dat niet zo wilde ervaren - één teen was voorlopig genoeg. Het was mijn moeder die zei: 'Pak die erkenning en bedenk: dit is de waardering voor wat je tot nu toe hebt gedaan en vanaf hier gaat het weer verder.'

Ze zal een dubbele agenda hebben gehad, omdat ze het natuurlijk ook wel leuk vond dat haar zoon eindelijk 'ns een prestigieuze prijs in ontvangst zou nemen. Maar ze had wél gelijk.

Sterker nog: rond mijn 50ste heb ik een talent ontdekt waar ik rond mijn 40ste, in die slechte fase, zo naar snakte. Ik vertelde altijd al zelfverzonnen verhaaltjes aan mijn dochters toen ze nog klein waren, uit de losse pols. Die tikte ik dan uit als ik ze in bed had gelegd. Grappige verhaaltjes waren het, bijvoorbeeld over een jongetje dat een gewond hondje van straat opraapt. Op een zeker moment begon ik ze terug te lezen en merkte ik hoeveel plezier het me gaf met woorden te goochelen en langer over zinnen na te denken dan wanneer ik praat.

Daar kwam bij dat ik 's zomers tijdens de vakantie veel boeken las, vooral thrillers, allemaal geschreven door vrouwen. En ze zijn goed hoor, Saskia Noort, Simone van der Vlugt en Esther Verhoef, vooral wat betreft de psychische duiding van karakters. Maar ik dacht toch: ik zou het anders doen, ik zou nooit schrijven dat een misdadiger een pistool in z'n hand heeft, maar precies beschrijven om wat voor geweer het ging - ik miste, met andere woorden, de macho touch.

Kortsluiting

Toen ik tijdens een van die zomers een paar slechte thrillers las, volgde de trigger: dit is zonde van m'n tijd, dit kan ik beter, waarom doe ik het niet zelf? En ik ben begonnen, onder de olijfboom bij m'n huisje op de berg op het Griekse eiland Lefkas, met uitzicht op zee. Elke dag zat ik 's ochtends van negen tot één te schrijven. Het resulteerde in m'n thriller Kortsluiting, een mix van realiteit en fictie. Met als hoofdpersoon Vrank van Houten, een dj die al iets op leeftijd is - daar op die berg in Griekenland hebben we geen internet en kon ik dus niks opzoeken, dan put je al gauw uit je eigen belevingswereld.

Ooit maakte ik de cd Van Inkels Choice, een verzamel-cd met mijn favoriete nummers. Dat was stap één. De verschijning van Kortsluiting voelde als stap twee - nogmaals een bevestiging van m'n zijn, iets tastbaars met meer eeuwigheidswaarde dan alles wat ik voor radio en tv presenteerde. Want dat is toch vluchtig als parfum. Het voelt als een overwinning op mezelf, omdat ik er lang mee bezig was en het veel schaven is - met dank ook aan een Amsterdamse recherchebaas die alles vóór publicatie nauwkeurig las en me voor fouten behoedde.

Ik werk nu bij een radiostation waar ik nog wat ouder kan worden - ik hoef er geen hippe scooters weg te geven of Hardwell aan te kondigen, al zou ik dat soms graag willen. Ik denk dat ik er de ruimte krijg om senior-dj te worden, net als in Amerika, waar oudere dj's in toenemende mate de ochtenduren voor hun rekening nemen. Ik zal zeker ook blijven schrijven. Inmiddels is de opvolger van Kortsluiting af. Verwarring verschijnt komende zomer en ik ben al met een derde boek bezig. Ik denk dat ik daar het meest trots op zal zijn - al zou ik wat ik schrijf nog geen literaire hoogvliegers durven noemen. Maar ik heb iets extra's in mijn leven gevonden wat ik óók kan - en dat is zeer bevredigend,het geeft zelfvertrouwen. Als ik, zoals vorige week, rondloop op zo'n Boekenbal en daar mijn helden Tommy Wieringa, Kluun en Saskia Noort zie, denk ik toch: ik heb nu voor het eerst toegang tot de snoepwinkel. Dit is ook mijn wereld nu.'

Meer over