Beeldende kunst

Je hoeft de oorsprong niet te snappen om toch verliefd te worden op de beelden van Arturo Kameya ★★★★☆

‘Drylands’ is als een verzameling visuele fabels die tegelijkertijd vreemd en bekend ogen, en die allerlei luiken in je fantasie opentrekken. Juist door de soms wat duistere ondertoon treft Kameya een mooi evenwicht tussen humor, poëzie en ernst.

Sarah van Binsbergen
Voor: de installatie 'I request the floor' (2021). Achter: Schilderijen 'Gas smell I' en 'Gas Smell II' (2021). Beeld Courtesy of the artist and GRIMM, Amsterdam & New York
Voor: de installatie 'I request the floor' (2021). Achter: Schilderijen 'Gas smell I' en 'Gas Smell II' (2021).Beeld Courtesy of the artist and GRIMM, Amsterdam & New York

Verspreid door de tentoonstellingsruimte zijn kledingstukken neergegooid. Een T-shirt, een spijkerbroek, nou ja, het zijn geen echte kledingstukken maar schilderijen met de afbeelding en de omtrek daarvan. Op die kledingstukken staan kleibeeldjes van serviesgoed, ieniemienieborden, bekers en kommen met noedels. Daaromheen hangen wat plastic kakkerlakken rond. Sommige zijn gekleed in capuchontruien van klei, andere zitten op kleine gele stoeltjes. De kledingstukken zijn het vloerkleed van hun woonkamer. Wat gebeurt hier?

‘Alsof een onbekend sprookjesboek tot leven gewekt is’, zo omschreef de Volkskrant eerder de kunstwerken van Arturo Kameya (1984). Dat was naar aanleiding van zijn presentatie bij de Open Studios van de Rijksakademie, waar de van oorsprong Peruaanse kunstenaar de afgelopen twee jaar werkte. De woorden zijn ook van toepassing op zijn eerste museale solotentoonstelling. Drylands is als een verzameling visuele fabels die tegelijkertijd vreemd en bekend ogen, en die allerlei luiken in je fantasie opentrekken.

Kakkerlakkendiner, detail uit 'Ghosts are Another Mouth to Feed' (2021). Beeld Courtesy of the artist and GRIMM, Amsterdam & New York
Kakkerlakkendiner, detail uit 'Ghosts are Another Mouth to Feed' (2021).Beeld Courtesy of the artist and GRIMM, Amsterdam & New York

De kleine maar fijne tentoonstelling combineert oudere sculpturen, installaties en schilderijen met nieuwe kunstwerken die Kameya speciaal voor de gelegenheid maakte. Ze zijn grotendeels gebaseerd op jeugdherinneringen en rituelen die te maken hebben met zijn culturele achtergrond: Kameya is Peruaans-Japans. Een beeldje van een kat op een ladder is een eerbetoon aan zijn vroegere kat Pinky. Een gehalveerd olievat waar een zingende vis in rondzwemt, verwijst naar een herinnering aan een autogarage in de Peruaanse hoofdstad Lima.

Bol staat het van persoonlijke anekdotes waarvan de betekenis je als kijker deels ontgaat. Het knappe is: dat maakt geen zier uit. Je hoeft de oorsprong niet te snappen om toch helemaal verliefd te worden op deze beelden, zoals ik direct werd op die dinerende kakkerlakken. Dat kunstwerk, Ghosts are Another Mouth to Feed (2021), verwijst naar de Japanse feestdag Obon, waarop mensen bij huisaltaren eten achterlaten voor de doden. Het is leuk om te weten, maar al voor je dat leest is je verbeelding met dit gekke tafereel aan de haal gegaan.

Detail uit 'Dinner is served' (2019), een eerbetoon aan Pinky, de kat waarmee Kameya opgroeide. Beeld Courtesy of the artist and GRIMM, Amsterdam & New York
Detail uit 'Dinner is served' (2019), een eerbetoon aan Pinky, de kat waarmee Kameya opgroeide.Beeld Courtesy of the artist and GRIMM, Amsterdam & New York

Net als in de betere sprookjes is de wereld van Kameya niet alleen lieflijk. Door de tentoonstelling zoemt ook iets onheilspellends dat lekker botst met het lieve kleurenpalet. Alle schilderijen en beelden hebben vale pasteltinten: roze, zachtgeel, kleigroen, stoffig grijs. Alsof de kunstwerken door jarenlange blootstelling aan te veel zonlicht zijn verbleekt. De muren van de tentoonstelling zijn niet wit maar grijs. Daardoor voelt het alsof de hele ruimte in een lichte schemering gehuld is.

Door die zachte kleuren duurde het even voor ik doorhad dat de hondenkoppen in I Request the Floor (2021) niet zomaar een mooie roze schuimbaard hebben (het is een sprookje, dus waarom niet). Ze zijn echter – ja, natuurlijk – aan het schuimbekken. Via een plastic slangetje wordt zeepsop rond hun bekken gespoten. Zo nu en dan valt het in vlokken naar beneden, in een emaillen pan, om van daaruit weer door een slangetje opgezogen te worden. Wellicht een verwijzing naar het straathondenprobleem in Lima? Of gaat dit beeld over hoe woede en ophef zichzelf soms eindeloos en zinloos rondpompen? In het Spaans betekent ‘rabia’ zowel hondsdolheid als woede, zo blijkt.

Je kunt je eindeloos verwonderen in dit universum. Juist door die soms wat duistere ondertoon treft Kameya een mooi evenwicht tussen humor, poëzie en ernst. Ja, dit is intens dromerig werk. Toch wordt het nergens soft. Jammer dat deze tentoonstelling maar een zaal beslaat. Ik had graag nog heel lang door dit sprookjesboek willen dwalen.

Ook te zien in het Dordrechts Museum

Als u dan toch in het Dordrechts Museum bent, sla dan ook zeker de tentoonstelling In het licht van Cuyp niet over. Het is een jubileumexpositie ter ere van de 400ste geboortedag van de 17de-eeuwse Dordrechtse landschapsschilder Cuyp. Het Dordrechts Museum presenteert zijn schilderijen in een internationale context en laat zien hoe Cuyps werk vooral in Engeland gretig aftrek vond. Daar inspireerde zijn karakteristieke lichtval schilders als Thomas Gainsborough, John Constable en William Turner, van wie een aantal mooie bruiklenen te zien zijn.

Nog een jubileum: Elisabeth en de vloed herdenkt de Sint-Elisabethsvloed van 600 jaar geleden. In 1421 zette de vloed meerdere dorpen rond Dordrecht in het water: de Biesbosch was geboren. Twee decennia later lieten nakomelingen van de vluchtelingen een altaarstuk maken voor de Grote Kerk in Dordrecht, nu opgenomen in de collectie van het Rijksmuseum. Ter gelegenheid van 600 jaar Elisabethsvloed zijn de vier bijzondere Elisabethspanelen samen terug in Dordrecht.

Arturo Kameya - Drylands

Beeldende kunst

★★★★☆

Dordrechts Museum, Dordrecht. T/m 24/4/22

Meer over