Opera

Je glimlach zal niet snel vervagen na het zien van A Midsummer Night’s Dream door Opera Zuid ★★★★☆

Theaterregisseur Ola Mafaalani zorgt voor een sprookjesachtige sfeer in de opera van Benjamin Britten.

Maartje Stokkers
Meiden van de Limburgse Koorschool hebben een glansrol in de opera. Beeld Kurt van der Elst
Meiden van de Limburgse Koorschool hebben een glansrol in de opera.Beeld Kurt van der Elst

Terwijl het publiek nog een zitplaats zoekt, is er op het podium ook al heel wat bedrijvigheid. Er wordt geboord en geklopt aan een ijzeren loopbrug, die aan de linkerkant van het podium uitkomt in een enorme, professioneel ingerichte keuken. Aan de roestvrijstalen werkbladen staan kinderen in kommen te roeren. Van hun pollepels druipt vloeibare chocola.

In Parktheater Eindhoven was de twee jaar uitgestelde première te zien van Benjamin Brittens A Midsummer Night’s Dream bij Opera Zuid. Britten baseerde zijn opera op William Shakespeares gelijknamige blijspel. Theaterregisseur Ola Mafaalani, die haar debuut maakt bij Opera Zuid, heeft het verhaal van een door de maan beschenen elfjesbos verplaatst naar een schemerige keuken met kinderen (de spatzuiver zingende meisjes van de Limburgse Koorschool, bravo!) in schorten.

Britten goot de vier verhaallijnen uit Shakespeares toneelstuk in een drieakter en schreef er gelaagde muziek bij. Karel Deseure leidt de Philharmonie Zuidnederland voortvarend door alle sferen en kleuren die bij de verschillende situaties horen. De percussie bij het elfenrijk is griezelig en sprookjesachtig tegelijk.

Schildknaap

De stemmen van de elfen en hun heersers zijn hoog: kinderen (de elfjes), een coloratuursopraan als koningin Titania en een countertenor als haar gemaal Oberon, een rol van Jan Wouters. Hij zingt goed, maar slaagt er niet in zijn stem de zaal in te krijgen. Wel overtuigt hij met een grote tattoo op zijn borst en zijn macho lichaamstaal als een gefrustreerde Oberon die met Titania ruziet over een page van haar, een weesjongetje dat hij per se als schildknaap wil.

Hiervoor zet Oberon zijn handlangertje Puck in, een spreekrol van de goed gecaste aerialist (luchtacrobaat) Dreya Weber. Met haar donkere, gerijpte stem en gezicht, maar jong ogende, atletische lichaam, waarmee ze hoog in de lucht draait en tolt in stukken stof, is haar leeftijd moeilijk in te schatten. Ze maakt van Puck een fladderig, ongrijpbaar wezentje. De tuimelende trompet als leidmotief zet de acrobatische toeren kracht bij.

Puck moet een magische bloem plukken waarvan het sap, gedruppeld in ogen van slapende wezens, je dolverliefd maakt op de eerste die je ziet bij het wakker worden. In de regie van Mafaalani is er geen magisch bloemensap, wel chocoladesaus, en die voldoet prima.

Sensueel wordt het zoete goed met een houten lepel over de kinnen van de onwetende zielen gesmeerd. Titania – een rol van Kristina Bitenc, krachtig, soepel en aantrekkelijk – wordt wakker en ziet niet Oberon, maar de totaal overweldigde ambachtsman Bottom, die van Puck voor de grap een ezelskop (nu vervangen door het lijf van een teddybeer) heeft gekregen en ineens onderworpen is aan Titania’s wellustige affectie.

De componist die de opera relevant hield

Benjamin Britten (1913-1976) was een Engelse dirigent en pianist, maar bovenal een van de belangrijkste componisten van de 20ste eeuw. Hij hield de opera als kunstvorm relevant met meesterwerken als Peter Grimes en The Turn of the Screw. Weinigen ging het componeren zo gemakkelijk af als Britten: hij was de man die alles kon en zich nooit tot een -isme zou bekeren. Voor collega’s die zich na de oorlog volledig richtten op de atonaliteit en met reeksen gingen werken, was Britten iemand om zich tegen af te zetten. Toch is veel van zijn muziek ook donker en stapte hij over de grenzen van de westerse harmonieleer heen. In A Midsummer Night’s Dream (1960) zet hij die donkerte af tegen lieflijke, kinderlijke muziek, zoals in het slotkoor Now, Until the Break of Day.

Dan maakt Puck nog een vergissing bij vier stervelingen (tweede verhaallijn), zodat die elkaar achterna gaan zitten. De romantische samenzangen krijgen vooral ruggegraat door de uitstekend zingende vrouwen: Liesbeth Devos als Helena en Leonie van Rheden als Hermia.

Het groepje bonkige ambachtslieden dat net nog stond te timmeren, heeft bedacht dat het een toneelstuk wil opvoeren op de bruiloft van Theseus en Hippolyta, dat al die tijd buiten zicht wordt voorbereid. Het is een goede vondst om de hele opera in de keuken – van het paleis van Theseus – te laten afspelen. Zo laat Mafaalani de verschillende intriges mooi overkoepelen. Nadeel is dat je bariton Quirijn de Lang, waardig in de rol van Theseus, en smeuïge alt-mezzo Eva Kroon als Hippolyta niet eerder hoort.

Operaatje in een opera

Het toneelstukje over het mythologische liefdeskoppel Pyramus en Thisbe als opera-in-een-opera (met operette-achtig gespeelde deuntjes) maakt er een lange zit van. Maar zou je dat eruit gooien, dan zou je de grappige Marc Pantus missen als vriendelijke en soms radeloze Bottom, en ook Christopher Gillett, die potsierlijk staat te draaien in een vrouwenrol.

Iedereen is in de laatste akte gehuld in strapless jurken van turquoise tule. Terwijl mannen omstandig het lijfje omhoogtrekken over hun ontbrekende borsten, ontgaat je het waarom van de jurken, maar de glimlach op je gezicht zal voorlopig nog niet vervagen.

Noodlot

De mythe van Pyramus en Thisbe is het enige noodlottige liefdesverhaal dat in A Midsummer Night’s Dream voorkomt. Een Romeo-en-Julia-achtig verhaal: de twee zijn buren, maar contact is verboden. Een stiekem afspraakje onder een moerbei loopt slecht af. Hij denkt dat zij dood is en pleegt zelfmoord. Zij vindt hem en berooft zich van het leven. Hun bloed vermengt zich en kleurt de moerbeien diep rouwend rood.

A Midsummer Night’s Dream

Opera

★★★★☆

Door Opera Zuid. Regie Ola Mafaalani.

22/5, Parktheater, Eindhoven, tournee t/m 21/6.

Meer over