Jack London, de onmatige

TOEN JACK LONDON in 1916 op 40-jarige leeftijd overleed, had hij 47 boeken op zijn naam staan (waarvan er zeven nog moesten worden gepubliceerd)....

HANS BOUMAN

Het verhaal van Jack London als een man van uitersten is deels door hemzelf in de wereld geholpen, deels ook door zijn biografen. Met name de 'biografische roman' Jack London - Sailor on Horseback van Irving Stone uit 1938 heeft veel bijgedragen aan het beeld van de zuipende macho-avonturier. Pas in meer recente jaren hebben publicaties van onder anderen Andrew Sinclair (Jack - A Biography of Jack London, 1977) een genuanceerder beeld van London geschapen. Kershaw werkt in deze minder sensationalistische traditie, al geeft ook zijn boek ruim baan aan de meer exuberante kanten van Londons persoonlijkheid.

Want ook als je de feiten onopgesmukt op een rijtje zet, liegen ze er niet om. Wat het roken betreft: in zijn laatste jaren rookte London zestig sigaretten per dag. En hoewel de Californische historica en London-kenner Clarice Stasz in haar voorwoord bij Londons 'alcoholische memoires' John Barleycorn aantoont dat de auteur geen 'day in day out drinker' was, staat vast dat London zijn eerste kater op zijn vijfde had, en als tiener aan de drank ten onder dreigde te gaan. Tegen zijn 35ste waren zijn nieren zo goed als op.

Maar ondanks zijn drankgebruik, waarbij later nog de morfine kwam, was London uiterst actief. Hij was de eerste Amerikaanse auteur die zich in de belangstelling van de reclamewereld mocht verheugen, werd het boegbeeld van de socialisten in Amerika, droeg met John Barleycorn bij tot de Drooglegging en haalde met zijn boeken record-oplagen. Zijn roman The Call of the Wild is tot de dag van vandaag de meestverkochte roman in de Verenigde Staten.

Net als bij Charles Dickens worden Londons productiviteit, energie en geldzucht door de biografen verklaard uit een harde en armoedige jeugd. Het boek van Kershaw vormt hierop geen uitzondering. Jack London werd in 1876 in San Francisco geboren als John Chaney. Zijn vader, de Ierse journalist, advocaat en astroloog William Chaney, verliet zijn vrouw kort na Londons geboorte. Moeder Flora Wellman trouwde daarop met John London, een gedeeltelijk invalide veteraan uit de Burgeroorlog, en Jack kreeg zijn naam.

Al op jeugdige leeftijd werd hij uit werken gestuurd. De ervaringen die hij opdeed in een conservenfabriek, zouden zijn opvattingen over de 'industriële machinerie' beïnvloeden en van hem een propagandist van de socialistische partij maken. London was oesterstroper in de baai van Oakland, had een baan bij de kustwacht - waardoor hij jacht moest maken op dezelfde lieden die kort tevoren nog zijn maatjes waren geweest - en ging mee op zeehondenvangst. De auteur van wereldberoemde 'dierenromans' als The Call of the Wild en White Fang, knuppelde in deze periode menig zeehondje dood.

In 1897 trok hij, net als velen bevangen door de goudkoorts, naar het Canadese Yukon Territory nabij de Klondike-rivier. Een enerverende tocht, waaraan de gelouterde gelukszoeker - hij overleefde in een primitieve blokhut een winter met veertig graden vorst - voor vierenhalve dollar goudstof overhield. Zijn echte winst was een andere: zijn kennismaking met de 'witte stilte' van de Sub-Arctische winter leidde tot klassieke verhalen als 'To Build a Fire' en 'To the Man on Trail' en was de inspiratiebron voor een groot deel van zijn bijna vijftig boeken tellende oeuvre.

Hij had onmiddellijk succes, niet in de laatste plaats doordat zijn lezers in hem een authentieke stem herkenden, een man die wist waarover hij schreef, omdat hij alles aan den lijve had meegemaakt. Uiteraard is dat geen literair criterium, maar het droeg onmiskenbaar bij tot zijn grote populariteit. Het zou president Theodore Roosevelt er niet van weerhouden London voor 'nature faker' uit te maken. Hij beschuldigde London ervan niet te weten waarover hij schreef. Een paar jaar later zouden critici zich beklagen over de geringe geloofwaardigheid van de roman Martin Eden (1909), nota bene een verkapte autobiografie.

Mede beïnvloed door Darwin en Nietzsche (van wie hij de ideeën gemakkelijk naar zijn hand zette) bedacht London de theorie van 'The Law', die bestond uit een reeks niet-uitgesproken 'oerregels', waaraan de helden van zijn verhalen onverkort voldeden. Strijd en het uitschakelen van tegenstanders waren noodzakelijk om zelf te kunnen blijven bestaan. Hij beschouwde kracht, agressie, sluwheid en wreedheid als positieve eigenschappen. Een typische Jack London-held is kapitein Wolf Larsen uit de roman The Sea-Wolf (1904), die wel met de nietzscheaanse Übermensch is vergeleken.

Londons faam bereikte in 1903 een hoogtepunt met het verschijnen van The Call of The Wild, het verhaal van de hond Buck die wordt gestolen en als sleehond gebruikt in de Klondike, maar na een reeks verwikkelingen uitgroeit tot leider van een troep wolven. Drie jaar later publiceerde hij een soort spiegelvariant: White Fang, over een wolfshond die wordt gedomesticeerd.

Eveneens in 1903 verscheen The People of the Abyss, waarin London de sloppenwijken van Londen beschreef. Hij deed dat als de radicale socialist die hij was, een socialist die intusen schatrijk was geworden en dat ook liet merken. Hij was de beroemdste schrijver ter wereld, liet zich fêteren door de rich and famous, en bouwde zijn befaamde jacht de Snark, waarmee hij zijn even befaamde reis door het Stille Zuidzeegebied maakte, op zoek naar de wereld van Melville en Stevenson.

De enorme bedragen die hij spendeerde aan de bouw en het onderhoud van de Snark - ondanks zijn forse inkomsten goed voor durende geldzorgen - markeren de neergaande lijn in zijn leven. Hij begon steeds meer te drinken en gebruikte steeds meer morfine. Zijn werkkracht bleef niettemin groot. Nog steeds schreef hij zo'n duizend woorden per dag. Hij brak met de socialistische partij, omdat deze in zijn ogen te gematigd was geworden. Op 22 november 1916 stierf hij, hoogstwaarschijnlijk ten gevolge van een overdosis morfine.

Althans in één opzicht is London zijn hele leven consequent gebleven: matigheid was hem absoluut vreemd. Die karaktertrek, door hem zelf met verve uitgedragen, heeft sterk aan zijn reputatie bijgedragen, maar gaandeweg is het belang van Londons werk en leven tot meer realistische proporties ingekrompen. Als schrijver heeft hij Ernest Hemingway, John Steinbeck, Jack Kerouac en Norman Mailer beïnvloed, wat niet wil zeggen dat hij hen ook overtreft. Alleen als onderwerp van een biografie kan hij nog altijd met hen wedijveren, zoals Alex Kershaw met een juiste dosering van gretigheid en respect bewijst.

Hans Bouman

Alex Kersaw: Jack London - A Life.

HarperCollins, import Nilsson & Lamm; 335 pagina's; ¿ 75,-.

ISBN 0 00 255585 9.

Meer over