J.S. Bach: fluitsonates

Superieur geblazen en geraffineerd begeleid op klavecimbel, viola da gamba en luit

Guido van Oorschot

Op een zwoele zomeravond in de jaren 1720 moet Johann Sebastian Bach hebben gedacht: hoe vang ik de geur van kamperfoelie in tonen? Rond de stut van een delicaat, steeds herhaald basmotief wikkelde hij een etherische fluitmelodie. Alleen al om dit bedwelmende Andante uit de Sonate voor fluit en basso continuo in e-klein verdient Bach wereldroem.

Niet uit te sluiten valt dat de componist, een genie immers, voorvoelde dat er ooit een Frans barokensemble zou komen met de naam Les Musiciens de Saint-Julien. En dat hun voorman, François Lazarevitch, meteen maar al Bachs kamermuziek voor traverso magisch zou inspelen. Vier sonates en de befaamde Partita: superieur geblazen en geraffineerd begeleid op klavecimbel, viola da gamba en luit.

Meer over