DagboekGerrit Jan Zwier (1947)

Is het spannende avonturenboek voor kinderen passé?

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Paddeltje, de Scheepsjongen van Michiel de Ruyter, een kinderboek van Johan H. Been. Beeld
Paddeltje, de Scheepsjongen van Michiel de Ruyter, een kinderboek van Johan H. Been.

8 oktober 1992

Als er in de kranten stukken verschijnen over de vraag wat een goed kinderboek is, dan weet je dat de Kinderboekenweek is begonnen. Met de kreet ‘Land in ziiicht!’ sluit deze week mooi aan bij dit Columbusjaar. In het Letterkundig Museum loopt nu een expositie over Paddeltje, De scheepsjongens van Bontekoe en andere maritieme kinderboeken.

Je zou denken dat de commissie die het onderwerp heeft bedacht, een gelukkige hand van kiezen heeft gehad. Maar zo eenvoudig liggen de zaken niet. De critici van kinderboeken staan wantrouwig tegenover de ‘nostalgie’ naar het kraaiennest en de lange deining. Het goed vertelde kinderboek is in hun ogen een gepasseerd station.

Mijn Vlieland-boek viel bij lang niet alle besprekers in de smaak. Men vond dat ik te veel kennis in het boek had verwerkt. Ten tweede vinden ze mijn roman een ouderwets avonturenboek. ‘Het is een manier van schrijven waarbij een pijp in de mond hoort, een slepende stem en een twinkeling in de ogen’, schrijft Aukje Holtrop.

Het dédain voor het ‘ouderwetse’ avonturenboek verklaart de eensgezindheid van de critici. Zij willen dat het kinderboek deel uitmaakt van de echte literatuur. De karakters horen niet zwart-wit te zijn. Het verhaal mag zich niet na één lezing al prijsgeven. De schrijver die zijn hoofdpersoontje laat sterven, krijgt een schouderklopje.

Gerrit Jan Zwier (1947), schrijver en reiziger. Ingekort fragment uit Dagboek van een provinciaal. Atlas, 1999.

Meer over