IRT-aanpak ook gebruikt bij smokkel kunst

De Criminele Inlichtingendienst (CID) in Amsterdam heeft als dekmantel voor kunstsmokkel gefungeerd. Daarbij werd dezelfde methode toegepast als bij het doorlaten van drugs, die tot de IRT-affaire heeft geleid....

Twee maanden geleden zegde de CID de samenwerking op met Michel van Rijn, de informant. Dat gebeurde nadat de CID-officier van justitie in Amsterdam mr. F. Teeven was vervangen door een nieuwe officier, mr. A. Maan.

Van Rijn, die tegenwoordig ook als auteur van detectives over kunstsmokkel naar buiten treedt, was verbaasd en verbolgen over het stopzetten van de samenwerking. 'Ik heb zes jaar voor die jongens gewerkt en heel veel voor ze gedaan. En plotseling, zonder uitleg, mogen ze niets meer met mij te maken hebben', verklaarde hij.

Volgens ingewijden, die anoniem willen blijven, had Van Rijn zijn CID-contactpersonen om de vinger gewonden. 'Ze waren bijna idolaat van hem', aldus een zegsman.

Steevast ging het initiatief voor een operatie uit van Van Rijn. Hij hield de CID voor dat hij gestolen kunstwerken zou terugbezorgen of een crimineel netwerk zou helpen oprollen. Intussen ging hij, zeggen deze ingewijden, onder toezicht en dekking van de politie er met een deel of een groot deel van de buit vandoor. Van Rijn ontkent verdiend te hebben aan zijn samenwerking met de CID. 'Ik doe het om aan de goeie kant te staan', zegt hij.

De laatste transactie die Van Rijn aanbood aan de CID betrof verdwenen werken uit de collectie-Chardzjiëv, waarvan het leeuwendeel opgeslagen is in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Van Rijn werd naar zijn zeggen door de Amsterdamse advocaat J. Fruytier benaderd met de vraag of hij belangstelling had voor twaalf kunstwerken, van onder anderen de Russische futurist El Lissitzky. De stukken konden ergens in Zuid-Frankrijk worden bekeken.

Van Rijn toonde interesse, maar stapte met de informatie naar zijn contactpersonen bij de CID. De CID'ers waren enthousiast en wilden graag via Van Rijn bewijsmateriaal in handen krijgen tegen Fruytier. Ook waren zij geïnteresseerd in het verzamelen van bewijsmateriaal tegen de Amsterdamse ex-notaris C. Privé, die samen met Fruytier in de affaire-Chardzjiëv was betrokken.

De uitvoering van de transactie onder politietoezicht liet echter op zich wachten, omdat de CID-top geen toestemming gaf om in actie te komen. Op 1 oktober was Teeven, de Amsterdamse officier van justitie verantwoordelijk voor zware criminaliteit, vervangen door mr. A. Maan. De opvolger van Teeven liet uitzoeken wie Michel van Rijn was en besloot om alle contact met hem te verbreken, aldus ingewijden. Dit werd Van Rijn in december meegedeeld.

Niet meer gebonden aan afspraken met de Nederlandse overheid kocht Van Rijn in januari van dit jaar naar eigen zeggen van Fruytier een aantal kunstwerken uit de collectie-Chardzjiëv.

'Op verzoek van de CID heb ik de band met Fruytier weer aangehaald', meldde hij in januari. 'Nu de CID mij heeft laten vallen voor een onduidelijk hoger belang, zal ik daar zeker geen schade door willen ondervinden.' Nu ontkent hij weer dat hij de aankoop heeft gedaan.

Behalve met de CID heeft Van Rijn zaken gedaan met politiediensten uit andere landen. Ook Scotland Yard liet Van Rijn onlangs vallen, nadat hij jarenlang undercover voor de Britse dienst had gewerkt. Van Rijn kondigde vervolgens op zijn eigen website aan onthullingen te zullen doen over zijn activiteiten voor de Yard.

Meer over