Iraanse problematiek in het jasje van een klassieker

Karin Veraart
null Beeld Mehr Theatre Group
Beeld Mehr Theatre Group

Moderne Tsjechov met een indringende lethargische sfeer.

Hij heeft de hele dag een koptelefoon met een talencursus op, want hij wil naar het buitenland, Ivanov. Weg uit Iran. Weg uit zijn uitzichtloze bestaan. Maar voor het overige onderneemt hij niet veel om dat plan ten uitvoer te brengen. Complicerende factor is de toestand van zijn zieke vrouw Anna. Voor haar zou het beter zijn naar zee te verhuizen. Maar dat laat zich moeilijk verenigen met het emigratie-idee.

De Iraanse regisseur Amir Reza Koohestani (Shiraz, 1978) bewerkte Tsjechovs Ivanov tot een verrassend modern verhaal met Tsjechoviaanse trekken. Koohestani's werk, in eigen land en daarbuiten gelauwerd, gaat vaak over 'gewone' mensen, over problematiek die uit het leven is gegrepen, universeel en tegelijk onmiskenbaar met een Iraanse achtergrond.

Zijn ensceneringen waren eerder in Nederland en België te zien, onder meer in het Kunstenfestivaldesarts van oprichtster Frie Leysen. Zij is ook degene die het zogenoemde 'Get Lost'-theaterprogramma heeft samengesteld. In dat kader is Koohestani nu weer hier. Leysen ontving woensdag de Erasmusprijs voor haar verdiensten, heuglijk feit waarbij vóór de Nederlandse première van Ivanov nog even werd stilgestaan.

Censuur

Koohestani hult de hedendaagse Iraanse problematiek in het jasje van een klassieker zou je kunnen zeggen, mogelijk om de censuur in zijn land te omzeilen - maar heel omzichtig gebeurt dat eigenlijk niet. De personages hebben Russische namen, de verhaallijn is die van Tsjechov redelijk trouw, maar het geheel gaat ook gewoon vaak over mensen die wonen in een land waarin de hoop op meer vrijheid en democratie vijf jaar terug opnieuw grondig teniet werd gedaan, en waar sindsdien, aldus de regisseur, een verlamde, lethargische sfeer heerst.

Die wordt op een indringende manier belichaamd door Mohammad Hassan Madjooni als Ivanov. Nauwelijks puf meer om zich aan te kleden, hangt hij in een vaal T-shirt, dikke buik, ongekamd haar, maar wat in het rond. Altijd met die koptelefoon op, inmiddels niet eens meer voor die cursus, maar om zich af te kunnen zonderen van alles om zich heen.

Daar gebeurt aanvankelijk nog veel; vooral voor de pauze fascineert Koohestani's enscenering keer op keer. De doodzieke Anna, de dokter die van haar houdt, de mopperende oom, de roddelende Lebedevs, de levendige Sasja; met sterk spel in een fraai decor ontstaat er een zinderend beeld van deze gemeenschap, waarbij de Tsjechoviaanse wendingen net steeds een andere twist krijgen. Het is geestig soms, hoopvol ook nog, zelfs Ivanov zou misschien...

Maar nee. Niemand heeft uiteindelijk de kracht iets echt te veranderen. Dat wordt uitgewerkt in de scènes erna en die pakken helaas minder sterk uit, wat niet per se te wijten is aan de steeds minder vrolijke inhoud. Nadruk ligt hier meer op de dialogen tussen Ivanov en het buurmeisje Sasja, dat hem aanvankelijk wil redden maar ten slotte voor zichzelf kiest. De tekst is wat langdradig hier en daar en er ontbreekt net dat sprankelende dat het begin zo mooi maakte. Maar een boeiend portret blijft het.

Meer over