Film

In First Cow tellen ook de verliezers van de Amerikaanse geschiedenis mee ★★★★★

Regisseur Kelly Richardts vertelt een schitterend gelaagd verhaal over het ontstaan van VS aan de hand van de eerste geïmporteerde koe.

First Cow Beeld
First Cow

Hoe ontdekt iemand in een film doorgaans een skelet in een afgelegen natuurgebied? Vaak begint dat met een nieuwsgierig snuffelende hond, en zo gaat het ook in First Cow. Maar in Kelly Richardts film is er vervolgens niet de gebruikelijke schrik of paniek of schok bij de eigenaar van het dier. Rustig begint ze in de openingsscène twee geraamten uit te graven. Ze probeert niet iemand te bellen; kalmpjes en met liefdevolle verwondering onthult ze wat er onder de oppervlakte verborgen ligt.

Kelly Reichardt (1964) filmt in understatements. Ze legt de wereld bloot zoals deze vrouw de geraamten: rustig, zorgvuldig, doelgericht. Daarmee wist Reichardt zich bijna ongemerkt als een van de interessantste hedendaagse Amerikaanse regisseurs te ontwikkelen.

First Cow is geen misdaadfilm; dit is de manier waarop Reichardt een schitterend gelaagde én droogkomische parabel over het ontstaan van Amerika begint. In die eerste scène laat Reichardt de hedendaagse werkelijkheid via de bomen en fluitende vogels naadloos overlopen in het verleden. Via een kapotte schoen en handen die een paddenstoel uitgraven, zijn we plots in Oregon, begin negentiende eeuw. In een nederzetting daar arriveren min of meer tegelijkertijd de vriendelijke Cookie, de ambitieuze King-Lu én de eerste koe.

Tussen de eerste twee ontstaat een een innige vriendschap: King-Lu nodigt Cookie uit in zijn huis en terwijl de Chinese immigrant hout hakt voor het vuur, zet de zachtaardige kok een bosje bloemen neer. Vanaf dat moment vormen de twee buitenbeentjes een huishouden, een stukje buiten het fort. Terwijl King-Lu tijdens de dagelijkse bezigheden hardop fantaseert hoe hij snel rijk kan worden, wil Cookie vooral eens iets anders eten dan de gebruikelijke pioniershap. En dáár komt die eerste koe om de hoek kijken, die door een rijke Engelsman is geïmporteerd omdat hij melk in zijn thee wil. Met haar melk, mijmert de kok, kan hij een soort oliebollen maken. King-Lu ruikt meteen handel.

Hij krijgt gelijk. Al snel verdringen de kolonisten zich voor de lekkernij, waar ze grof geld voor neerleggen. Maar het succesverhaal is niet houdbaar, weet King-Lu, en ook de kijker. Het is een kwestie van tijd voordat iemand snapt dat ‘het geheime ingrediënt’ wordt gestolen van de eerste, en enige, koe. En eer gaan nog andere economische wetten spelen: op een dag komen er meer koeien, en daarmee meer concurrenten die deze etenswaar aanbieden.

First Cow legt zo geestig de wetmatigheden van het kapitalisme bloot. Het script bevraagt de Amerikaanse droom, onder andere door Cookie en King-Lu met slimme dialogen tegenover elkaar te zetten. Waar King-Lu een onontgonnen gebied ziet, een plek zonder geschiedenis, merkt Cookie op dat de (door Reichardt zorgvuldig gefilmde) landschappen ‘helemaal niet zo nieuw lijken’. De melkkoe die King-Lu alleen beschouwt als middel, is voor Cookie een levend wezen. ‘Ik hoorde dat je man en kind zijn omgekomen’, zegt hij haar als hij haar voor het eerst melkt. ‘Vreselijk.’

Cookie lijkt een anomalie in een wereld die bruist van bedrijvigheid, waar iedereen bezig is met handeltjes, en waar mannen tijdens een theevisite discussiëren over hoeveel zweepslagen je iemand vanuit financieel oogpunt gezien het beste kunt geven. Maar Reichardt leidt de blik ook naar mensen die je over het hoofd zou zien. De chief die ook bij de discussie op de bank zit en niets verstaat. Zijn vrouw en de tolk die een ontspannen gesprek beginnen zodra de haantjes hun hielen hebben gelicht.

Reichardts oer-Amerika wordt bevolkt door alle nationaliteiten en huidskleuren. Ze laat de camera even talmen bij de jongen die nét de laatste oliebol aan zijn neus voorbij ziet gaan omdat hij wordt weggeduwd. Niet alleen de winnaars van de geschiedenis tellen, de verliezers waren er ook.

Terloops en bedachtzaam verbindt Reichardt mens en natuur, geschiedenis en heden. Wat voor wereld er is gebouwd op die skeletten? Een ieder-voor-zich-maatschappij die geworteld is in kapitalisme en geweld. Gemaakt door mensen die elkaar bedonderen en die vernedering zien als probaat middel om hogerop te komen. Het kan geen toeval zijn dat deze film is ontstaan in de periode dat Donald Trump aan de macht was.

Wat First Cow uniek maakt, is dat Reichardt in die wereld ook vriendschap en zachtheid ziet. Mensen die oprechte verbintenissen aangaan die - evenmin als de liefde - niet met rationele argumenten valt uit te leggen. Over hoeveel ruimte er werkelijk voor die zachtheid is, valt te discussiëren, maar First Cow erkent dat ze er in de basis wél is.

First Cow

Western

★★★★★

Regie Kelly Reichardt

Met John Magaro, Orion Lee.

122 min., in 32 zalen.

Indrukwekkend, onnadrukkelijk

Als Kelly Reichardts doorbraakfilm geldt Old Joy, uit 2006. Sindsdien bouwt ze met films als Wendy and Lucy (2008), Meek’s Cutoff (2010), Night Moves (2013) en Certain Women (2016) aan een indrukwekkend, onnadrukkelijk oeuvre waarin ze mens en wereld, natuur en economie onlosmakelijk met elkaar verbindt. Zonder al te expliciet te worden, weten haar films menselijke relaties ingenieus te ontleden.