In Dadaland

Het huis van kunstenaar Danïel Rozenberg, dat hij Dadaland noemt, is even kleurrijk als zijn werk. In het atelier op de benedenverdieping van zijn pand in de Amsterdamse Pijp, ontstaan zijn Dadababy's en Greymannen....

Tekst Milou van Rossum en Productie Nicky Boulton

Op zijn vijftiende doopte kunstenaar Danïel Rozenberg (31) zich om tot Dadara - een naam waar de eerste twee letters van zijn voornaam in zitten, alsmede Dada, de kunststroming waarmee hij zich nog steeds verwant voelt: 'Clownesk, maar tegelijkertijd bloedserieus. Ik ben een bloedserieuze clown.' Net zo clownesk is zijn huis, dat hij wel Dadaland noemt. Een beetje kinderlijk en naïef ook, al ontkent hij dat zelf. 'Ik zie het verband tussen kleurrijk en kinderlijk niet. Waarom moet het als je volwassen bent opeens allemaal wit en design zijn?'

Rozenberg werd geboren in Polen, maar verhuisde al na een jaar naar Ne der land. 'Als joodse intellectuelen hadden mijn ouders in Polen niets meer te zoeken. En in die periode liet de regering alles wat ze eigenlijk niet meer wilde hebben, gaan.' Na de middelbare school studeerde hij kort werktuigbouwkunde aan de tu-Delft. Daarna ging hij naar zes verschillende kunstacademies. 'Als je erg je eigen ding doet, ben je al snel een probleemgeval.' Hij studeerde uiteindelijk af in Rotterdam.

De naam Dadara is onlosmakelijk verbonden met de housecultuur: hij begon in 1993 met het ontwerpen van platenhoezen en flyers voor houseparty's. Inmiddels is hij een internationaal verkopende kunstenaar en doet hij heel wat meer: schilderijen, beelden, animatie, t-shirts, horloges, boeken, mokken, telefoonkaarten, beren, boekensteunen en luidsprekers in de vorm van zijn beroemde Dadababy's. Hij had een tijdlang een eigen giftshop op Schiphol - die wordt nu opnieuw geopend - deed een Absolut-advertentie, en verzorgt de huidige campagne voor Greenpeace. Begin volgende maand wordt in het Weteringplantsoen in Amsterdam zijn eerste openbare kunstwerk onthuld: een zeven meter hoge grote Greyman, Dadara's grijze kantoormuis. Rozen berg kocht in 1994 het eerste gedeelte van zijn huis, een zesenhalf meter hoog, multi split-level benedenhuis in de Amsterdamse Pijp. De woonverdieping, de tweede etage in het hetzelfde pand, voegde hij er een half jaar geleden aan toe. Sindsdien is het onderste gedeelte zijn werkruimte. 'Het was een oude koffieshop, een compleet wrak. Het heeft een halfjaar leeggestaan omdat niemand het wilde hebben. Er stond water in, het was echt een soort grot. De makelaar wilde het me eigenlijk niet eens laten zien, maar toen ik dacht meteen: dit is van mij. Gelukkig wist ik toen nog niet wat een werk het was om het op te knappen. En het is nog steeds niet af. Eigenlijk hoop ik dat het ook nooit afkomt. Mijn huis moet toch een soort work in progress zijn.'

Meer over