100 jaar de Volkskrant27 mei 1937

In 1937 wist de Volkskrant het zeker: het volk lust Mussert en zijn wolfsangels niet

null Beeld

Als ‘een normale partij’ is de NSB van Anton Mussert nooit beschouwd. En tijdens de Tweede Kamerverkiezingen van 1937, op 26 mei, gedroeg de NSB zich ook niet als een normale partij. In navolging van hun Duitse geestverwanten, die op dat moment de parlementaire democratie al om zeep hadden geholpen, posteerden NSB’ers zich bij stembureaus – waar zij stemgerechtigden lastigvielen en intimideerden. Tijdens de voorafgaande campagne, die de NSB voerde onder de verwachtingsvolle leuze ‘Mussert Wint!’, hadden de nationaalsocialisten al geprobeerd bezit te nemen van de straat. In de verwachting daarmee het succes van de Statenverkiezingen van 1935, waarbij de NSB 8 procent van de stemmen verwierf, te evenaren – zo niet te overtreffen.

De kiezers beschikten anders, stelden alle kranten – die van de NSB uitgezonderd – op 27 mei 1937 met onverholen leedvermaak vast. De partij vergaarde slechts 4 procent van de stemmen, wat welbeschouwd best veel was voor het uiterst stabiele land dat Nederland toen was. Maar de uitslag stak nogal pover af bij de hooggestemde verwachtingen van de NSB. Het Nationale Dagblad, een NSB-periodiek, zag in de verkiezingsuitslag slechts een aansporing om ‘onvermoeid op de Nederlandse volksziel in te beuken totdat de ure van het ontwaken zal geslagen zijn’. NSB-leider Mussert reageerde iets ingetogener: ‘Wij staan alleen. Alles wat bij ons hing en aan ons hing, is verdwenen. Wij staan alleen.’

Zelden zal de Volkskrant Mussert met zoveel instemming hebben geciteerd. ‘Het volk lust hem niet met zijn bloed- en ras- en bodem-theorie, zijn wolfsangels en andere on-Nederlandse dingen. Zo lang hij daar niet van afziet, moet hij niet menen dat hij een enigszins aanmerkelijk deel van het Nederlandse volk in zijn ban gevangen houdt.’ In navolging van de, eveneens rooms-katholieke, Limburger Koerier ging de Volkskrant ervan uit dat ‘de beweging zeker verder weinig of niets meer zal betekenen in onze politieke geschiedenis.’

Voor de Volkskrant, de stem van de katholieke zuil, was de uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen van 1937 ook in andere opzichten verheugend: de (katholieke) RKSP was met 31 zetels (een winst van drie) verreweg de grootste in de Tweede Kamer, die destijds nog honderd leden telde. De commentator volgde dan ook niet de redenering van De Telegraaf dat voortzetting van de bestaande coalitie (de drie confessionele partijen met de liberale partijen LSP en VDB) voor de hand lag. Wat de Volkskrant betreft, zou het nieuw te vormen kabinet (Colijn 4) slechts uit de drie confessionele partijen (RKSP, ARP en CHU) bestaan. Aan die wenk zou metterdaad gehoor worden gegeven.

De Volkskrant stelde ook vast dat veel stemmen niet waren uitgebracht op beginselen maar op personen, ‘sterke man’ Hendrik Colijn – wiens ARP drie zetels had gewonnen – in het bijzonder. Dat kon geen kwaad zolang die personen de parlementaire democratie welgezind waren. Maar hoe anders zou het zijn als de NSB, of een ander ‘dictatoriaal partijtje’, ‘een man van formaat tot leider zou hebben’? Vooralsnog was dit een hypothetisch vraagstuk, ‘maar het blijft van belang deze zijde van de zaak in het oog te houden’.

In een wekelijkse serie kijken we terug op hoe de Volkskrant de afgelopen 100 jaar verslag deed van historische gebeurtenissen. Reageren? 100jaar@volkskrant.nl

Meer over