InterviewRuba Zai

‘Ik wil dat mijn dochters vaker vrouwen in de media zien die lijken op hun moeder’

valentina vosBeeld valentina vos

Als het aan Ruba Zai ligt, zien haar dochtertjes straks veel vaker vrouwen in de media zoals hun moeder: een succesvolle, modieuze moslima met hoofddoek. Met ruim een miljoen volgers is het rolmodel goed op weg.

Ruba Zai (26) heeft bijna 1,2 miljoen volgers op Instagram, maar ze vermijdt het woord ‘influencer’. Ze noemt zich liever een online content creator, iemand die gestylede foto’s met een onderschrift ‘creëert’ en deelt op haar eigen socialemediakanalen. ‘Niet alles is betaald. Ik plaats ook content over mijn struggles als jonge moeder.’

De ontwerpers van het Italiaanse modehuis Dolce & Gabbana dachten daar anders over. Zij zagen een modieuze en hoofddoekdragende moslimvrouw die wel degelijk invloed heeft die niet onbenut kon blijven. Met haar grote schare volgers en voorkeur voor ‘modest fashion’ (bedekte mode) had ze genoeg potentie om een nieuwe markt onder welgestelde vrouwen in het Midden-Oosten aan te boren. En zo gebeurde het dat Stefan Gabbana de Afghaans-Nederlandse ondernemer in 2017 via privébericht benaderde met de vraag of ze een ‘samenwerking’ wilde aangaan. Via de mail en telefoon dachten ze vervolgens een exclusieve ‘ramadanmodelijn’ uit, gericht op vrouwen uit het Midden-Oosten, met een oriëntaalse fotoshoot waarvan Ruba Zai het gezicht werd. Sindsdien stromen de aanbiedingen van commerciële bedrijven binnen en blijft haar volgersaantal groeien.

Het klinkt als een sprookje in de wereld van influencers. Zelf zegt Ruba Zai, getrouwd en moeder van twee jonge dochters, nuchter te blijven onder haar succes en internationale bekendheid. Ze reist de wereld over om modeweken te bezoeken, draagt de duurste merken en sierde de cover van Cosmopolitan. Maar thuis, in haar geboortestad Rotterdam, gaat ze nog geregeld in joggingpak en zonder make-up naar de supermarkt.

In haar luxeappartement aan de voet van de Erasmusbrug, met fluwelen meubels in de woonkamer en een Gucci-tas die aan de kinderwagen hangt, herinnert alleen een glazen bokaal aan haar begindagen op sociale media. Het aandenken ontving Ruba Zai toen ze zes jaar geleden in rap tempo 100 duizend volgers aantikte op YouTube met haar korte video’s over make-up en modieuze hoofddoeken. Haar filmpjes bleken een gouden formule: vooral in het buitenland trok ze de aandacht van jonge islamitische en vrouwelijke liefhebbers van fashion, die tot dan toe een verwaarloosde doelgroep vormden binnen de mode-industrie. Inmiddels staat de teller op ruim 400 duizend volgers op YouTube en een dikke miljoen op Instagram. En het komende jaar wil de ambitieuze socialemediaster haar naam nog nadrukkelijker als merk uitbouwen.

Beeld Valentina Vos

Waarom noem je jezelf liever geen influencer?

‘Het is een raar woord. Het heeft een negatieve bijklank die mij belangrijker dan anderen lijkt te maken. Jij kan me ook influencen zonder dat je een officiële influencer bent.’

Maar jij hebt meer dan een miljoen volgers op Instagram.

‘Dat betekent nog steeds niet dat ik actief bezig ben om mensen te influencen. Ik verleid mensen niet om een product te kopen. Ik prijs iets aan, en alleen als ik het product zelf goed vind. Als je een product dat ik aanprijs wil kopen, prima. Niet? Ook prima.’

Wat doe je dan als ‘online content creator’ die niet wil influencen?

‘Mooie foto’s delen om mensen te inspireren en om mijn eigen beeld van een moslima neer te zetten: gedreven, ondernemend en niet zielig of onderdrukt. Een moslima die net als zo veel andere vrouwen op de wereld van mode en make-up houdt.’

Haar Engelstalige YouTube-filmpjes en Instagramposts begonnen als een onschuldige hobby: bij gebrek aan representatie van moslimvrouwen in de mode-industrie besloot Ruba Zai zelf content te maken voor jonge vrouwen uit haar eigen doelgroep. Na twee jaar stopte ze met haar studie communicatie aan de hogeschool om het succes van haar socialemediakanalen te verzilveren. Haar echtgenoot werkt inmiddels ook voor haar bedrijf, naast zijn studie fiscaal recht.

Ruba Zai ziet haar gedrevenheid als een ‘familietrekje’. Ze is geboren in een Afghaans gezin en heeft twee jongere zusjes. Haar moeder heeft psychologie gestudeerd en haar vader werkte als marine-ingenieur op schepen. In haar tienerjaren besloot ze zelf om een hoofddoek te dragen, als een ‘verdieping van het geloof’ – meer uitleg wil ze niet geven. Ze krijgt als moslima al genoeg shit over zich heen.

Is je hoofddoek, naast een verdieping van je geloof, inmiddels ook een verdienmodel?

‘Gekke vraag. Beschouw jij jouw krullen als verdienmodel? De hoofddoek is onderdeel van mijn identiteit, niet mijn verdienmodel.’

Wat vind je ervan dat journalisten, ook in dit geval, doorzagen over je hoofddoek?

‘Het maakt me moe. Iedereen is vrij om te zijn wie ze zijn en om te dragen wat ze willen. Ik denk dat het vanzelfsprekend is dat ik hem draag vanuit mijn geloofsovertuiging. Ik voel mij heel fijn bij mijn hoofddoek en meer hoeven mensen ook niet te weten.’

Iets anders dan: heb je Stefan Gabbana nog persoonlijk ontmoet?

‘Twee keer tijdens de modeweek in Milaan.’

Hoe verliep die eerste ontmoeting?

‘Ik ben geen fangirl-type, dus ik ben niet snel onder de indruk.’ 

Zai zet een gemaakt hoog stemmetje op: ‘Hé hoi, leuk dat je bent gekomen. Ja, leuk dat ik erbij mocht zijn. Fijn dat we de campagne hebben gedaan. Wat is het mooi geworden, hè?’ Zo ging het ongeveer. Een typisch zakelijk onderonsje.’

Ben je altijd zo zakelijk?

‘Ik heb het mezelf moeten aanleren sinds ik mijn eigen merk ben. Ik ben erg jong begonnen en kreeg vroeg door dat ik ervoor moet zorgen dat zakenpartners mij serieus nemen. Anders krijg je geen deal rond of haal je geen samenwerking naar binnen. En ik moet extra alert zijn, want er bestaan stereotypen over hoofddoekdragende moslimvrouwen. Het komt voor dat ze denken dat ik dom ben of niet voor mezelf kan denken. Alsof mijn hoofddoek mijn hersenen afknelt.

‘Maar ik vind het nog steeds lastig als ik moet onderhandelen over geld. Ik zit ook niet bij een agentschap dat namens mij de onderhandelingen voert. Ik wil de touwtjes in handen houden en zelf bepalen met welke merken ik in zee ga.’

Beeld Valentina Vos

Je viel pas op in de Nederlandse media toen je gevraagd werd voor de Dolce & Gabbana-campagne.

‘Zo gek is dat eigenlijk niet. Bij de Nederlandse pers komen moslimvrouwen vaak pas in beeld als er ergens een aanslag is gepleegd door terroristen. Dan mogen ze daar hun zegje over doen in een talkshow. Ook na de Dolce & Gabbana-campagne werd ik – no offence – vooral door traditionele media gevraagd om een item over een of andere Fatima in een ander land vol te praten. Dan denk ik: serieus, who cares? Al woont ze in Nederland, bij mij moet je dan niet zijn. Ik hou me bezig met lifestyle en fashion.

‘Op sociale media ben ik allang niet meer de enige hoofddoekdragende Nederlandse vrouw die veel volgers heeft. Maar probeer maar eens om al die vrouwen op tv in een reclamespotje te krijgen. En zie dan maar eens of ze geen gezeik krijgen van kijkers die het vreselijk vinden om een moslima over een luchtig onderwerp op tv te zien. Dat durft de televisiewereld niet aan.’

In 2018 werd je door RTL boulevard gevraagd om wekelijks aan te schuiven als lifestyledeskundige. Kennelijk zijn er nog wel media die het aandurven.

‘Met alle respect, veel kijkers gingen toen helemaal door het lint. Iemand had zelfs geklaagd dat het voelde alsof een vrouw met hoofddoek opeens in zijn woonkamer stond. Ik dacht: what the hell? Ik had in eerste instantie niet eens wat van de ophef meegekregen. GeenStijl lees ik nooit, dus ik word ook niet zo snel met die kortzichtige doelgroep geconfronteerd. En op mijn eigen Instagrampagina kreeg ik overwegend lovende reacties. Pas toen iemand van RTL boulevard belde om te vragen hoe het ging en ik bezorgde appjes kreeg van Beau van Erven Dorens en Peter R. de Vries, wist ik wat er aan de hand was.’

Hoe ging je om met die haatreacties?

‘Het doet me geen pijn, maar het maakt me wel boos. Ik kan er slecht tegen als iemand niet nieuwsgierig is naar een ander of die ander zelfs niet als mens kan zien. Dat is toch ziek? En het slaat ook nergens op. Ik heb nooit ergens geroepen dat ik anderen wil bekeren tot de islam. Het kan me niks schelen of iemand islamitisch is of niet. Ik praat niet eens over mijn persoonlijke geloofsovertuiging.’

Na vier uitzendingen verscheen je niet meer aan de desk bij RTL boulevard. Was dat vanwege de hatelijke reacties?

‘Ik laat me niet stoppen door haatreacties. RTL boulevard is een actueel programma, dus ik moest direct kunnen opdraven als dat nodig was. Maar de studio is in Amsterdam, en ik woon nu eenmaal in Rotterdam. Het paste niet meer in mijn drukke agenda. We hebben afgesproken dat ik weer naar de studio kom als ik een keer zelf een interessant onderwerp en de tijd heb.’

Ook vanuit de islamitische gemeenschap in Nederland zijn de reacties niet altijd even lovend, zei je eens in een vlog.

‘Vanuit die hoek vind ik de negativiteit eigenlijk nog erger. We komen uit dezelfde gemeenschap, we hebben dus allemaal te maken met moslimdiscriminatie. Ik krijg al heel veel over me heen van niet-moslims en ik moet tien keer harder werken om mezelf te bewijzen. En dan krijg ik nare reacties van moslims over mijn make-up die ze ongepast vinden, of over een stukje haar dat te zien is.

‘In Nederland veroordelen moslims elkaar harder dan in andere landen, is mijn ervaring. Ik ben vaak in Maleisië geweest. Daar zag ik vrouwen in korte rokjes in de shoppingmall lopen. Wanneer de gebedsoproep klonk, pakten ze net als de rest hun spullen bij elkaar om te bidden. Geen haan die ernaar kraaide, iedereen deed zijn eigen ding.’

Beeld Valentina Vos

Raak je niet afgestompt door al dat commentaar vanuit verschillende kanten?

‘Ik begin er ongevoelig voor te worden. Maar soms kruipt het toch onbewust onder mijn huid. Op dagen dat ik lelijke comments heb gelezen voel ik me kwetsbaarder en reageer ik geïrriteerder. Pas als mijn echtgenoot mij vraagt wat er toch is, realiseer ik me waar het door komt. Er is ook niemand met wie ik hier echt over kan praten. Mijn man luistert goed en vangt me altijd op, maar hij zal nooit helemaal kunnen begrijpen wat er op me afkomt.’

Dat klinkt best eenzaam.

‘Dat is het soms ook. In Nederland heb je nog geen hoofddoekdragende vrouwen met een vergelijkbaar volgersaantal. Het is niet alleen eenzaam in mijn vak, maar ik heb ook weinig aansluiting met mijn leeftijdsgenoten. Ik level soms beter met een vrouw van 40 jaar die al wat werkervaring en een gezin heeft.’

Waarom ben je jong moeder geworden?

‘Dat heb ik altijd gewild. Op mijn 23ste vond ik dat ik eraan toe was om moeder te worden: ik had alle kansen en mogelijkheden om voor een kind te zorgen.’

Maar je vond het eerste jaar best heftig, schreef je onlangs op Instagram.

‘Moederschap is heel pittig. De spontaniteit verdween, we konden niet meer zomaar een terrasje pakken of een weekendje weg. Maar het was de kraamtijd die ik pas echt had onderschat. Die was zó heftig. Ik had geen idee hoe je voor een kind moest zorgen. Ik kreeg hulp uit mijn omgeving, maar de onzekerheid en de hevige emoties moest ik zelf ondergaan. Soms dacht ik gek te worden van de liefde die ik voor mijn kind voelde. Dat ging zo ver dat ik anderen nauwelijks toeliet om mijn dochter aan te raken, zelfs mijn eigen familie niet.’

Beeld Valentina Vos

Na de geboorte van je eerste kind was je minder aanwezig op Instagram. Was dat een bewuste keuze?

‘Als online content creator ging ik vaak op persreisjes waar ik altijd wel mooie fotoshoots deed. Vroeger kon ik me niet voorstellen dat ik, als zeer zelfstandige vrouw, niet zonder mijn kind op reis wilde gaan. Toch werd ik precies zo’n moeder. Dan wordt de content natuurlijk ook vanzelf minder. Pas na vier maanden durfde ik weer naar een modeweek in het buitenland. Maar ik nam wel mijn dochtertje mee. Het heeft lang geduurd voordat ik weer lekker in mijn vel zat. Alles veranderde toen ik afgelopen zomer beviel van ons tweede kind. Ik was beter voorbereid, ontspannen, durfde haar meer los te laten. Ik kreeg weer zelfvertrouwen.’

Nu Ruba Zai haar ‘rust en balans’ weer heeft gevonden, werkt ze weer elke dag aan haar bedrijf. Als ze niet op persreis is, ziet haar gemiddelde werkweek er ongeveer zo uit: een bezoek aan een evenement of twee van bedrijven waarmee ze samenwerkt, twee meetings per dag en dagelijkse mail- en belsessies die zeker vier uur duren.

‘Soms krijg ik de vreemdste verzoeken via de mail. Iemand vroeg me eens om reclame te maken voor een lingeriemerk. Het komt ook regelmatig voor dat haarextension-merken me benaderen.’ Ze lacht. ‘Dan snap je mijn profiel niet helemaal, denk ik. Dat zijn bedrijven die niet verder kijken dan je volgersaantal.

De samenwerking met Coca-Cola is tot nu toe een van mijn beste ervaringen geweest. We voerden interessante gesprekken over hoe je inclusie en diversiteit op de juiste manier moet inzetten.’

Wat is die ‘juiste manier’ volgens jou?

‘Inclusie en diversiteit moeten duurzaam zijn en niet alleen tijdens de ramadan of het suikerfeest uit de kast worden getrokken. Kijk maar naar de NPO: tijdens de ramadan besteden ze wat aandacht aan moslims met een ramadanjournaal, maar de rest van het jaar lijkt het alsof islamitische kijkers niet meer bestaan. Albert Heijn doet dat veel beter. Die heeft een speciaal assortiment tijdens de ramadan, maar moslims kunnen daar ook tijdens andere maanden halalproducten kopen.’

Wil je nog eigen producten ontwikkelen?

‘Ik werk momenteel aan een huidverzorgingslijn die ik volgend jaar wil uitbrengen. Maar mijn missie op langere termijn gaat wat dieper: ik wil dat mijn kinderen ook op televisie en in de krant vaker vrouwen zien die lijken op hun moeder. Dat ze zien dat daar niets mis mee is en dat hun niet steeds wordt gevraagd waarom hun moeder een hoofddoek draagt – of waarom zij zelf geen hoofddoek dragen.’

CV

1994 Geboren in Rotterdam.

2006-2012 VWO.

2012-2014 Opleiding Communicatie aan de Hogeschool Rotterdam.

2014 Eerste YouTube-filmpje dat viraal ging (ruim vier miljoen hits).

2014 Genomineerd voor de Islamitische Miss World-verkiezing.

2017 Gezicht van modelijn van Dolce & Gabbana.

2018 Lifestyledeskundige bij RTL boulevard.

2018 Op de cover van de Nederlandse Cosmopolitan.

Ruba Zai woont met haar echtgenoot en twee dochtertjes in Rotterdam.

Het Volkskrant Magazine blikt terug op dit jaar aan de hand van tien interviews; tien persoonlijke portretten van iemand voor wie 2019 echt zijn of haar jaar was. 

Ajax-trainer Erik ten Hag – ‘Ik heb me aangeleerd geen aandacht te besteden aan iets wat ik niet meer kan beïnvloeden’

Ladies Night-host Merel Westrik – ‘Ik vind het zo’n bullshit om te doen alsof carrière een geplaveid pad is vol rozenblaadjes’

Trumps ex-woordvoerder Anthony Scaramucci – ‘Ik nam de vooroordelen van mijn omgeving over. Daar schaam ik me voor’

Atleet Sifan Hassan – ‘De pijn zat in mijn hoofd. Ik liep alle boosheid eruit’ 

Strafrechter Frank Wieland – ‘Ik ben er altijd op bedacht dat ik een klap voor mijn harses kan krijgen’

Keepster Sari van Veenendaal  – ‘Mijn moeder vindt dat hele voetbal eigenlijk maar niks’

Schrijfster Manon Uphoff – ‘Het is hárd werken om een persoon te worden die niet ten diepste denkt dat ze alleen maar chaos verdient’

D66-voorman Rob Jetten – ‘Een jonge politicus loopt het risico dat fouten worden uitvergroot en dat hij vroeg opbrandt’

Boegbeeld van het boerenprotest Sieta van Keimpema – ‘We kunnen elkaar tegenwoordig niet vinden, pratenderweg. Het lontje is kort’

Meer over