‘Ik heb een missie om te troosten met mijn muziek’

Emil Svanängen, alias Loney, Dear, verkiest de eenzaamheid van het componeren boven toeren met zijn band. ‘Dat is een beetje gestolen tijd.’..

Toeren is best leuk, zeker. Hij geniet ervan op het podium te staan. ‘Maar het is wel een beetje gestolen tijd. Ik heb nu minder ruimte voor andere zaken.’ Wezenlijker zaken. Singer/songwriter Emil Svanängen (28) alias Loney, Dear heeft zoveel ideeën voor nieuwe liedjes. ‘Op tournee heb je geen tijd om te schrijven. Als deze tour is afgelopen, hebben we 180 shows gedaan.’ Hij zegt het niet maar je ziet hem rekenen: 180 keer plusminus anderhalf uur is 270 uur waarin hij in gekoesterde eenzaamheid – ‘inderdaad, vandaar de bandnaam Loney, Dear’ – in zijn ouderlijk huis of in zijn eigen studio in Jönköping zijn lievelingen zou kunnen verzorgen, zien opgroeien en de wereld uitzenden.

Nu niet meer. De Zweed doorliep na jaren muzikaal hobbyisme op hoog niveau, met een piano- en klarinetopleiding als basis, het parcours van zolderkamertje tot wereldpodium in recordtijd. Anderhalf jaar geleden vouwde hij nog hoesjes bij zijn zelf gefabriceerde cd’s en verkocht ze via zijn website. Nu staat hij op het podium van het Parijse Olympia tijdens het Franse Les Inrockuptibles festival.

En dat met liedjes die zachtjes op je slaapkamerdeur kloppen en vragen of je gezelschap blieft. Wat binnenkomt is troost en schittering.

I am John klinkt als ontbottende bloesem die langzaam zijn caleidoscopische schoonheid prijsgeeft. Uit een groeiend bouwwerkje van akoestische gitaar, brushes, xylofoon en achtergrondkoortje maakt zich uiteindelijk een falsetstem los, die als een vuurpijl omhoogschiet en je ademloos achterlaat. Ook de maker wordt wel eens bevangen door euforie. Aan het eind van Le Fever, een smartelijk nummer over liefdesverdriet, verdrinkt Svanängen in grote gevoelens en weet hij niet meer uit te brengen dan amechtig gejammer.

Toen Loney, Dear in 2006 op het festival South By Southwest in Austin optrad, werd hij gelijk gecontracteerd door het hippe Sub Pop label, die zijn laatste twee albums met Braina Wilson opnieuw groot uitbracht. Hij was verbaasd. ‘Ik weet dat mijn muziek goed is. En ik weet dat ik bij elk album het beste heb gepresteerd waartoe ik in staat was. Ik weet ook dat het niet bepaald mainstream is. Voor mij is het een wijze om mezelf te ontwikkelen en mezelf uit te drukken.’ Op zijn minst een paradox. Svanängen placht namelijk als vast ritueel voordat hij zijn huis-, tuin en -keukenalbums voltooide, elk nummer ter goedkeuring voor te leggen aan een kleine schare fans. Naar gelang hun mening paste hij zijn kindjes aan. Oprecht en zonder greintje verontschuldiging: ‘Ik wil nu eenmaal muziek maken waar iedereen van houdt. Ik heb een missie om te troosten met mijn muziek. De nummers veranderen wel, maar op mijn manier. Ik blijf altijd trouw aan mezelf.’

Diepe frons. ‘Omdat ik zelf behoefte heb aan troost en schoonheid, wil ik die ook aan anderen geven.’ De componist die zich in dienst van de mensheid heeft gesteld, lacht een beetje gegeneerd. Dat componist mag je trouwens in de traditionele zin opvatten. Hij spreekt zijn muziektheoretische kennis, opgedaan tijdens zijn opleiding jazzpiano, net zo aan als zijn instinct. Svanängen kan net zo geïnspireerd raken door Bach als door Radiohead of Sufjan Stevens.

Correctie: net zo geïnspireerd door de wijze waarop zij muziek maken. ‘Het gaat om de gedachte achter de muziek. Het is niet voldoende om het alleen te horen. Natuurlijk, je kunt muziek passief consumeren en er plezier aan beleven. Maar je moet het ook vatten.’ Een leraar doceerde hem ooit – de geschiedenis laat de context onvermeld – : ‘Sex is not fun. Het is iets anders, maar je kan er natuurlijk wel lol aan beleven.’ ‘Zo is het ook met muziek. Typeer je het slechts als fun, dan doe je het ernstig tekort.’

Dus hoopt hij op het podium als medium van de troost een staat van euforie op te roepen. ‘Ik heb wel eens het gevoel dat ik niet genoeg mijn best heb gedaan als ik een show doorkom zonder alles eruit te schreeuwen. Als ik uiteindelijk door het dak ga, voelt het geweldig.’ Troost verspreid en missie volbracht.

Meer over