'Ik ben een agressieve schrijver'

James Ellroy was 10 toen zijn moeder werd vermoord. Het vormde de opmaat tot een leven waarin het criminele en het spirituele niet meer vallen te ontwarren....

‘Good evening, motherfuckers!’ Een kleine zaal, Cinema Zuid, in Antwerpen. Vrijdagavond, 22 december. James Ellroy, lang, kaal, bleek, bril, staat met de benen wijd uiteen neergeplant, achter een lessenaar. Als hij het de moeite waard vindt, begint hij ook wel eens met: ‘Good evening, peepers, prowlers, pederasts, panty-sniffers, punks and pimps. I’m James Ellroy, the demon dog, and the slick trick with the donkey dick.’ En dat is nog maar een ingekorte versie. Met zijn pik mag hij graag pronken. Zijn pik en zijn pen, de ene groter dan de andere, zijn zijn kostbaarste bezittingen.

Het publiek is er klaar voor. Een sterker woord dan zwart moet nog worden uitgevonden voor zijn boeken. Hij schiet met scherp, met de beerput van de Amerikaanse geschiedenis als mikpunt. Het boek dat hij schreef over zijn moeder, die vermoord werd toen hij 10 jaar was, My Dark Places, deed pijn aan de ziel. Nu is hij in Europa om het derde, vertaalde, deel van zijn Underworld USA-trilogie, Het bloed kruipt (Blood’s a Rover) voor te stellen.

Het eerste deel van de trilogie, American Tabloid, besloeg de jaren 1958-1963, de strijd om het presidentschap, John F. Kennedy die kwam en ging. Citaat: ‘Het wordt tijd om een tijdperk te ontmythologiseren en een nieuwe mythe op te trekken van de goot tot aan de sterren. Het wordt tijd om slechte mensen en de prijs die ze betaalden om in het verborgene hun tijd vorm te geven, te omarmen. Op hen.’

En daar kwamen ze: politici, politiemensen, gangsters, vooraanstaande of laaggeplaatste smeerlappen – deugen deden ze geen van allen. Ook niet in deel twee, The Cold Six Thousand, 1963-1968, waarin Martin Luther King en Robert Kennedy sneuvelden in een poel van samenzweringen, bloedgeld, en andere maatschappelijke drek.

‘America,’ roept Ellroy bezwerend tegen zijn Antwerpse gehoor, als een waarschuwing voor wat er komt. ‘Los Angeles, february 24th, 1964. SUDDENLY: The milk truck cut a sharp right turn and grazed the curb. The driver lost the wheel. He panic-popped the brakes. He induced a rear-end skid. A Wells Fargo armored car clipped the milk truck side/head-on.’

Dit begin van het derde deel, 1968-1972, grijpt even terug naar een eerder jaar. De gewelddadige overval op een geldwagen in 1964, die nog jaren sporen zal achterlaten. Ellroy leest krachtig, spannend. Er wordt ademloos geluisterd, naar het ploppen van de kogels in achterhoofden, het in de fik steken van de lijken, en de gemaskerde moordenaar die in zuidelijke richting wegrijdt.

Tijdens het vraaggesprek dat volgt worden de interviewer (van weekblad Humo) en het publiek listig ingepakt. Jullie zijn net als ik toch ook allemaal geïnteresseerd in dezelfde vuiligheid? roept hij de zaal in. ‘Moord, seks, perversiteiten, ontken het maar niet.’ Maar hij heeft verschillende gedaanten, waaronder een godvruchtige. Dus: ‘Je weet nooit wie je voor je hebt, de geestelijke James Ellroy, of de geperverteerde James Ellroy.’

De volgende dag is hij in Amsterdam. Hij ziet er hetzelfde uit, maar gedraagt zich anders, weg is de macho uitgelatenheid, de luide toon, hij formuleert zorgvuldig. Waar bleef de motherfucker?

‘Als je indruk wilt maken op een publiek, als je het wilt verbazen, verbijsteren, shockeren, lees dan iedere keer dezelfde scène. Zodat je die bijna uit je hoofd kent en mensen kunt aankijken. Lees kort, zo’n twaalf minuten. Dan krijgt het steeds meer dramatische kracht.

‘En je kunt lol hebben of niet. Je kunt je tot het idee beperken dat schrijvers verlegen zijn, teruggetrokken, en niet hoeven te amuseren. Of je kunt entertainer zijn. Mijn act mag grof zijn, het voorlezen zal geladen blijven, desnoods nog dertig jaar, maar de verandering zit in mijn boeken. Mijn laatste boek is een zacht boek, tederder dan de voorafgaande.’

In Het bloed kruipt is binnen een historisch raamwerk ruimte voor samenzwerende, moordende, gedrogeerde, racistische, paranoïde, corrupte, seksueel en anderszins verknipte, witte, zwarte, zondige stervelingen. Naast de FBI, de maffia, zwarte militante groeperingen, figureren de excentrieke miljardair Howard Hughes, FBI-baas J. Edgar Hoover – minstens zo gek – en president Richard Nixon. ‘Racist, antisemiet, maar wel een goed gevoel voor humor.’

Drie fictieve personages doorkruisen gewelddadig de gebeurtenissen. FBI-agent Dwight Holly, ex-politieman en drugskoerier Wayne Tedrow Jr., en Don Crutchfield, een jonge wannabe detective. Daarnaast zijn er twee buitengewoon sterke, links geëngageerde vrouwen, onder wie Joan, ‘de rode godin’.

Tijdens en na het schrijven was Ellroy completely fucked up. ‘Dat kwam door de vrouwen, de liefdesverhalen. Dit is zó’n ander boek. Het is een historisch liefdesverhaal, mijn eerste. Het gaat over slechte mannen, maar de enige verlossende eigenschap die ze hebben is dat ze bereid zijn zich te laten veranderen door vrouwen. Alleen door vrouwen. Ze kozen de verkeerde kant in het leven. De geschiedenis hielp daarbij. Ze zagen laat de noodzakelijkheid in hun ziel te offeren. Omdat vrouwen het hun leerden.

‘Bijna op iedere pagina zie je de macht van mensen die een transcendente ervaring zoeken. Of ze het nu toegeven of niet: mensen zijn op zoek naar God. Zelfs degenen die het ontkennen.

‘Voor mij is God een wezen. Een wezen dat alles ziet. Dat verlangen naar transcendentie plaats ik midden in een schokkende misdaadroman. Tot de meeste lezers zal het niet doordringen. Het is mijn taak er een paar te overtuigen.

‘Wat betekent het geloof in mijn eigen leven? Het zorgt ervoor mijn wangedrag, waar ik sterk naar neig, in bedwang te houden. Het houdt me op een recht en smal pad. Als God me in de gaten houdt, dan moet ik uitkijken wat ik doe. En een paar geweldige boeken schrijven.’

Hij gebruikt het woord misdaadroman, hoewel hij al vaker beweerde het genre ontstegen te zijn. Is literaire thriller een betere aanduiding? ‘Literaire thriller vind ik goed. Het zal mij eigenlijk een zorg zijn. Mijn uitgever weet hoe hij boeken moet verkopen, dus hoe hij het ook noemt, het is prima. Het genre heeft me gemaakt, en heel langzaam ben ik iets anders geworden. Ik ben dankbaar voor mijn carrière.

‘Misdaad stelt je in staat de krachten bloot te leggen die de maatschappij op grote schaal vormen. Een zeer diverse schaal, die alle lagen van de samenleving bestrijkt. Mijn boeken gaan over de samenvloeiing van kleine en grote politici, gangsters, afvallige politiemensen, corrupte privédetectives, politieke blindgangers en moordenaars. Dus zal het niet lang duren voor er een misdaad plaatsvindt. Het is het grote mannelijke drama van de twintigste eeuw. Vroeger of later, en meestal vroeger, is er een moord, een vrouw door wie een van de mannen geobsedeerd raakt, en een politieke samenzwering.’

Het bloed kruipt, zoals al zijn boeken geschreven in de veelgeprezen staccatostijl, kort en dodelijk, bevat ook documenten, krantenknipsels, telefoongesprekken, dagboekfragmenten, een vloed van vormen. Van sensationele tot belerende aard.

‘Ze dienen allemaal de plot van een groot, complex verhaal en verschaffen de lezer ook informatie. ‘Miljardair/kluizenaar Hughes tot Clark County: Ik wil jullie kopen’ of: ‘Moord-zelfmoord schokt zwarte gemeenschap.’

‘Als een van de linkse vrouwen in haar dagboek schrijft: ‘We leven in een leugenachtige wereld. We hebben de plicht die te ondermijnen’, dan is dat een vrouw die quaker is, pacifist, en die monumenten opblaast. Haar minnaar is een rechtse misdadiger. De symbiotische relatie tussen links en rechts, ze hebben elkaar nodig. Het is een spel, ze kunnen niet zonder elkaar bestaan.’

Zwarte fictionele militante groeperingen, de echte Black Panthers, het racisme dat welig tierde; Ellroy wordt wel eens racistisch taalgebruik verweten.

‘Mensen hebben vaak een vreemd idee van racisme. Heb jij wel eens een racistische grap gemaakt? Ik wel. Heb je wel eens om homoseksuelen gelachen? Ik wel. Big deal. Het is niet hetzelfde als een zwarte man lynchen of een homoseksueel in elkaar slaan. Taal is taal. Mensen willen hun racisten exclusief gedefinieerd zien. Bij mijn personages kan racisme ook een terloops attribuut zijn. Als ze dat niet helemaal begrijpen, oké.

‘Ik heb kleine zwarte groeperingen bedacht om mezelf meer vrijheid te geven, zoals ook bij andere onderwerpen. De Black Panthers deugden niet en Eldridge Cleaver was een verkrachter. Er was een groot verschil tussen die groepen en Martin Luther King en de Civil Rights Movement. King was een groot man. Een anti-geweldsapostel. Hij behoort tot de grootste Amerikanen. Het is dus terecht dat twee van zijn moordenaars in het boek, Wayne Tedrow en Dwight Holly, verteerd worden door schuld.’

Hij schrijft met de hand. ‘Omdat ik zo ben begonnen. Ik wil geen nieuwe dingen leren. Ik hou niet van technologie. Hoe eenvoudiger ik mijn leven houd, des te beter voel ik me.’ Hij kijkt ook geen televisie, ziet geen films, leest geen boeken. ‘Ik heb alleen mezelf als referentiepunt. Mijn boeken zijn verbazingwekkend ambitieus. Ik ben een heel agressieve persoon, ik ben een agressieve performer, ik ben een agressieve schrijver en een agressieve promotor van mijn eigen werk. Dat is alles wat ik kan zijn.’

Hij gaat andere boeken schrijven: The Hilliker Curse – My Pursuit of Women. Hilliker was de achternaam van zijn vermoorde moeder, oorzaak van zijn lange tijd ontspoorde leven. Nu betreurt hij dat hij haar commercieel gebruikt heeft, en door haar dood een onwezenlijke verhouding tot vrouwen had. Ook al kan hij nog zo smakelijk vertellen hoe hij vrouwen obsessief begluurde.

Sinds kort heeft hij een nieuwe vrouw. Dit keer de ware liefde, meent hij. Zijn bijna maniakale bewondering voor het grote genie Beethoven blijft. Met hem en met God is hij spiritueel verbonden. Nee, rock-’n’-roll heeft hij altijd gehaat, al in de jaren zestig. Geïnstitutionaliseerde rebellie. Hoewel, heel af en toe is er wel een rock-’n’-rollsong die hij kan hebben.

Zijn personage Don Crutchfield kreeg wat autobiografische trekken van hem mee. Don raakte zijn moeder kwijt en probeert krankzinnige dingen om vrouwen van hem te laten houden. In het bijzonder die ene, om wie het verhaal draait, Joan, activiste, de rode godin. Hij volgde haar drie jaar, negen maanden, twaalf dagen en toen hij als 23-jarige één keer met haar naar bed ging, was het leeftijdsverschil achttien jaar, vier maanden, vijf dagen.

Ook Dwight Holly doet Joan een ultieme liefdesverklaring. Joan: ‘Wat wil je? ‘Dwight: ‘Ik wil vallen. En ik wil dat jij me onderweg opvangt.’

Ellroy: ‘Het boek brak mijn hart. De vrouw Joan brak mijn hart in het echte leven. Het bloed kruipt is aan haar opgedragen. God heeft een baan voor me. Ik moet nog vijf boeken schrijven. Ik ben een heel gezonde man van 61 en niets kan mij tegenhouden.’

Twee van de belangrijkste dingen in zijn leven, zei hij in Antwerpen, zijn ‘broeden en smachten’. Hij broedt op een tweede Los Angeles Quartet, dat zich zal afspelen in LA tijdens de Tweede Wereldoorlog, waarin belangrijke en minder belangrijke personages uit zijn boeken nog jonge mensen zijn.

En de volgens hem leukste mop van de wereld zal hij ook nog menigmaal vertellen: ‘In de jungle krijgen een zebra en een leeuw een verhouding. Op een dag, net als hij haar bestijgt, ziet de zebra haar man aankomen en raakt in paniek. Snel, snel, zegt ze, doe net of je me vermoordt.’

Meer over