Beeldende kunst

Ian Berry kan van de spijkerbroeken waarmee hij zijn ‘schilderijen’ maakt, zelfs glimmende tegels maken

De Britse kunstenaar Ian Berry ‘schildert’ met stukjes denim van oude spijkerbroeken. In Museum Rijswijk is zijn razend knappe werk nu van dichtbij te zien.

Ian Berry: Paradise Lost (Hollywood Roosevelt Hotel), 2020. Beeld
Ian Berry: Paradise Lost (Hollywood Roosevelt Hotel), 2020.

De grote plus van het werk van de Brit Ian Berry (37) is meteen het grootste nadeel. Als je er foto’s van ziet, denk je: och, leuk, decoratief, figuratief, toegankelijk, sfeervol. Het neigt een beetje naar de schilderijen van Edward Hopper en David Hockney en naar de foto’s van Slim Aarons, maar dan in louter blauwtinten. Ook zijn portretten lijken wel foto’s, afgedrukt in alleen blauwe inkt. Fijn om naar te kijken, maar meer niet - op het eerste gezicht.

Maar, en daar komt de sensatie: de doeken van Berry zijn niet met verf gemaakt, maar met denim. Met tientallen, soms honderden stukjes die hij uit oude spijkerbroeken heeft geknipt of gelaserd, om ze daarna met grote precisie op elkaar te plakken – een beetje zoals handige hobbyisten 3D-kaarten maken met papier.

De vraag is natuurlijk: hoe kóm je erop, om kunst te maken van afgedankte spijkerbroeken? Het was stom toeval, vertelt Berry vanachter een blauwwit mondkapje in Rijswijk. Hij was een jaar of vijftien geleden op bezoek in zijn ouderlijk huis in het Noord-Engelse Huddersfield. Zijn moeder had de kast op zijn jongenskamer opgeruimd en kwam met een stapeltje oude jeans aanzetten. Die pasten helaas niet meer, maar Berry vond het zonde om ze weg te gooien.

Ian Berry: Bound by Tradition (2014).  Beeld
Ian Berry: Bound by Tradition (2014).

Hij raakte gefascineerd door alle blauwtinten en pakte een schaar. Toen hij genoeg stukjes had geknipt, pakte hij een tube lijm en begon te plakken. Aan zijn eigen stapeltje broeken had hij al snel niet meer genoeg, aan alle gul gegeven afdankers van vrienden uiteindelijk ook niet.

Berry begon tweedehandswinkels af te schuimen, kocht heel soms een nieuwe broek als de kleur hem fascineerde, tot hij in Pepe Jeans een enthousiaste sponsor vond. Het Brits-Spaanse denimmerk doneert samples en broeken met weeffouten of beschadigingen, Berry maakt er werk van. Veel portretten, maar ook kamerbrede doeken met afbeeldingen van wasserettes, pubs, platenzaken, metrostellen en zwembaden. En kleiner werk, zoals kiosken met tijdschriften en zakjes snoep. Indringend werk, zoals de serie waarin hij mensen afbeeldt in de gang van hun kapitale huizen, zittend op de trap. Eenzaam en ongelukkig, ook al wonen ze in een groot, duur huis met gekrulde houten trapleuningen en designertegels. Glimmende tegels – een huzarenstuk om met stug, mat materiaal als denim de schijn van zwier en glans te wekken.

Zijn werk gaat verder dan fijne kijkplaatjes van stedelingen en rijkelui. Zijn werk is letterlijk en figuurlijk gelaagd: belangrijke thema’s zijn eenzaamheid en de transformatie van steden en hun bewoners. Berry trof na een aantal jaren wonen en werken in Australië en Zweden zijn thuisstad Londen vervreemd aan: waar vroeger locals zaten, zag hij nu toeristen. Platenzaken en wasserettes waren verdrongen door Nutellawinkels en fast fashion-ketens, reden voor Berry om monumenten op te richten voor verdwenen neringen.

Ian Berry: The Morning After (2014). Beeld Ian Berry
Ian Berry: The Morning After (2014).Beeld Ian Berry

Veel werk in Rijswijk is behoorlijk recent, want tijdens de coronacrisis heeft Berry allesbehalve stil gezeten. Tijdens de eerste lockdown maakte hij zijn eigen interieur na in denim, tot zijn bed, zijn sanseveria's en zijn lp’s van The Clash, The Sex Pistols en David Bowie aan toe – alles staat nu opgesteld in de grote zaal van Museum Rijswijk, recht tegenover een denimschilderij dat hij weer van de denimversie van zijn huis maakte – een driedimensionaal droste-effect. Een ander groot project tijdens de lockdown: #iclapfor, waarbij Berry’s applaudiserende handen van denim werden gefilmd en geprojecteerd op gebouwen.

Denk overigens niet dat Berry telkens weer de keuze heeft uit duizend tinten blauw: hij werkt doorgaans met een à twee broeken per werk en verft of bleekt niets. Verder dan een beetje schuren als het absoluut nodig is gaat hij niet, de broeken zijn de basis. ‘Vaak laat ik het denim het werk voor me doen,’ zegt Berry. ‘Ik zie de broeken als mijn fellow artists. Dat is zeer terecht als je bedenkt dat er per spijkerbroek veertig paar handen voor aan het werk zijn geweest.’

Ian Berry: Splendid Isolation, t/m 15 augustus 2021 in Museum Rijswijk

Ian Berry Beeld
Ian Berry

Van denim naar Delfts blauw?

Ian Berry is een beetje verliefd op Nederland. Hij had al een zwak voor Amsterdam omdat die stad, hij zegt het zelf, ‘de denimhoofdstad van Europa’ is. En hij zou dolgraag eens naar Delft gaan, om echt Delfts blauw te bekijken. Kwestie van tijd dus eer we wandborden, vazen en tegels kunnen verwachten van denim – die er levensecht uitzien, en alleen met de neus op de stof van echt te onderscheiden zijn.

Meer over