Hoe meer vrijheid, hoe interessanter

Bedrijven laten (gerenommeerde) regisseurs graag dure minibioscoopfilmpjes maken voor internet. De filmmakers roemende vrijheid, maar ‘niemand geeft natuurlijk een ton en zegt:zie maar wat je er mee doet.’..

Door Floortje Smit

Vuvuzela’s. DutchDresses. Pletterpetten. Beesies. Bierkoelers. Plastic, lawaai en een scala aan nieuwe begrippen – daarmee strijden bedrijven in en buiten de sterblokken rondom de WK-wedstrijden om aandacht.

Wat een verademing zijn dan de commercials van Nike. Internationaal laten kleine nepdocumentaires van 30 seconden zien hoe Robinho letterlijk een heilige wordt na een goedgemikte trap en Wayne Rooney door een verkeerde pass een loser met baard in een brakke caravan. ‘Hij blijft oefenen om te zien of hij het ook goed kan doen’, vertelt zijn shabby buurman, grijze muts en trui met gaten, zijn vrouw er hoofdschuddend naast. ‘Maar ik weet niet of hij dat ooit voor elkaar krijgt.’

Op tv zouden ze misschien overschreeuwd worden, maar op internet zijn ze eindeloos populair. Ze bleken bovendien het topje van de ijsberg van een grote campagne onder de titel Write the Future. De filmpjes over Robinho en Rooney waren teasers voor een prachtig, peperduur filmpje van Alejandro Gonzáles Iñárritu (21 grams, Babel) waarin in 3 minuten via verschillende spelers wordt getoond hoe slechts een moment in de wedstrijd een speler tot held of staatsvijand nummer een kan te maken. Aan elkaar geweven, natuurlijk, met Iñárritu’s typische mozaïekstructuur. Het minispeelfilmpje werd ook vertoond op televisie, maar op internet brak het records met 7,8 miljoen kijkers in de eerste week.

Zo’n gouden combinatie kan het zijn, reclame, film en internet. En dat geldt niet alleen tijdens het WK. Al jaren schuiven de film- en reclamewereld dichter naar elkaar toe. Commercialregisseurs krijgen een kans in Hollywood. Gerenommeerde regisseurs maken reclames. Televisiespotjes gaan steeds meer lijken op speelfilms – zoals N° 5 the Film, waarmee Baz Luhrmann in 2004 voor Chanel opzichtig aan zijn eigen Moulin Rouge refereerde. En, dit jaar nog, een Schweppes-spotje vol Bollywood-romantiek dat regisseur Shekar Kapur maakte onder het motto ‘expect the unexpected’.

Ook krijgen regisseurs steeds vaker van bedrijven de mogelijkheid een langere film te maken, (in eerste instantie) voor internet. Met de serie The Hire creëerde BMW een internethype. Tussen 2001 en 2003 lanceerde het merk een serie van acht korte films, geregisseerd door grote namen als Iñárritu, Wong-Kar Wai, Ang Lee en Tony Scott. In elk van de – heel diverse – filmpjes demonstreert chauffeur Clive Owen tijdens kogelregens en achtervolgingsscènes wat een BMW allemaal in huis heeft – uiterst krachtige remmen, zo blijkt, een bijzonder goede wegligging, ook bij hoge snelheid, en een stevige body.

Dat is logisch: auto’s verkopen door ze te laten zien. Maar het kan subtieler. Philips zette bij de introductie van de Cinema 21:9 televisie het filmpje Carousel online – dat makkelijk te zien is als een liefdesverklaring aan film en de nieuwste technieken. Het bestaat uit één bevroren moment, middenin een shootout tussen agenten en als clowns verklede overvallers. In een loop draait de camera in 2 minuten en 19 seconden (!) door het versplinterde glas en de verstilde kogelregens. Het is zo’n filmpje waar je met open mond naar kijkt, en dan nog een keer, en vervolgens doorstuurt naar je vrienden.

Het filmpje bleek zo populair dat Philips dit voorjaar met een nieuwe grootschalige filmcampagne kwam, Parallel Lines. Regisseurs uit het productiebedrijf van Ridley Scott (Blade Runner, Gladiator) werden uitgenodigd om een filmpje te bedenken op basis van zes regels dialoog (‘Wat is dat?’ ‘Een eenhoorn.’ ‘Nog nooit een van dichtbij gezien.’ ‘Prachtig.’ ‘Wegwezen! Wegwezen!’ ‘Het spijt me’). Uit de zestig ingezonden plannen koos Philips uiteraard diegene die goed de mogelijkheden van de geluid- en beeldkwaliteit konden laten zien. Het resultaat bestaat uit vijf verschillende genrefilmpjes variërend van sciencefiction (The Gift) tot sprookjesachtige arthouse (El Secreto de Mateo); wie een zesde maakt, kan een stageplaats winnen bij Ridley Scott, die de ingezonden filmpjes ook zal beoordelen.

‘Als producent konden we ooit ‘ogen kopen’’, vertelt Gary Raucher, het hoofd marketing communicatie van Philips en verantwoordelijk voor de Parallel Lines-campagne. ‘Maar nu heeft de consument veel meer invloed. Als je wilt dat ze kijken, moet je ze iets bieden waarmee ze tijd door willen brengen, iets wat ze aan hun vrienden willen laten zien.’

Inderdaad, wie de uiterst kritische nieuwe generatie wil bedienen via sociale media, moet opvallen, weet ook Christel Hofstee. Daarom gaat haar productiebedrijf Christel Palace zich vanaf september – onder een nieuwe naam – meer richten op ‘storytelling’ in plaats van ‘reclames maken’. ‘Je zegt niet meer: dit ben ik, koop mij. Je moet veel verhalender bezig zijn. Dat kan ook beter op internet – een verhaal is snel langer dan dertig seconden – maar het vereist wel een andere manier van werken. En niet elke regisseur kan dat.’

Een van haar ‘verhalenvertellers’ is regisseur Johan Kramer (The Other Final, Johan Primero). Zelf commercials verzinnen doet hij niet meer sinds hij zijn reclamebureau KesselsKramer verliet. Naast het Bloed Oranje-spotje van Nike dat nu te zien is rondom de wedstrijden van het Nederlands elftal, maakte hij korte portretjes van Nederlandse voetballers voor internet. Voor Mercedes maakte hij rondom dit WK een internetdocumentaire van 15 minuten over Duitse voetballers en hun bijgeloof. Het past zo naadloos in zijn oeuvre waarin de beleving van voetbal een grote rol speelt, dat het idee net zo goed uit zijn eigen koker had kunnen komen.

Eigenlijk levert dat de beste internetfilmpjes op: degene waar de regisseur een eigen stempel op kan drukken. Goede filmpjes laten zich niet afdwingen met een vet salaris, maar met creatieve vrijheid. Al is de balans moeilijk. Hofstee: ‘Niemand geeft natuurlijk een ton en zegt: zie maar wat je er mee doet’. De kunst is de onvermijdelijke restricties niet knellend, maar juist stimulerend te laten zijn.’

De zes dialoogregels van Philips gaven regisseur Greg Fey (El Secreto de Mateo) juist creatieve energie, vertelde hij bij de lancering van Parallel Lines. ‘En verder mocht ik doen wat ik wilde. Het was een goede manier om te laten zien wat ik kan.’

Zo zorgt creatieve vrijheid er bij beginnende regisseurs voor dat ze een visitekaartje willen en kunnen afleveren. Dat ze het beste uit zichzelf willen halen, het experiment aandurven. En dat werkt. Het filmpje Momentos van de jonge Portugese filmmaker Nuno Rocha, over een zwerver die geconfronteerd wordt met drie LG-televisies en zijn verleden, wordt momenteel door talloze bloggers doorgestuurd en verspreid.

Bij gevestigde namen zorgt diezelfde vrijheid ervoor dat hun werk herkenbaar blijft. Wodka-merk Absolut gaf Spike Jonze (Where The Wild Things Are) de opdracht een film te maken over hoe creativiteit conformisme overwint. Het resultaat is het 30-minuten durende I Am Here, over twee verliefde robots. Onmiskenbaar Jonze, geen fles wodka te zien. Of de kijker de link met het merk legt, is natuurlijk de vraag. Maar het was juist de bedoeling van Absolut dat het filmpje helemaal op zichzelf stond, om te laten zien dat zij als bedrijf alle ruimte bieden voor creativiteit. Geen ingewikkelde of lange procedures bij fondsen, geen geleur voor budgetten, geen mensen die aan je scenario of idee gaan morrelen: het moet een droomopdracht zijn voor een filmmaker.

En inderdaad, zo laat Jonze weten in het persbericht. ‘Het was een geweldige ervaring. Ze vroegen me iets te maken dat ik belangrijk vond, en ik kon mijn fantasie helemaal laten gaan.’

Dior hield David Lynch iets strakker. Hij kreeg de opdracht ‘iets’ te doen met een tas, de Oriental Pearl Tower en oud-Sjanghai. Dus krijgt Mathilde Cotillard in zijn 16 minuten durende Lady Blue Shanghai wel opeens te maken met een mysterieus rokende handtas in haar hotelkamer (‘en een mooie tas’, zegt een van de hotelbewakers die haar te hulp schiet ook nog), maar in het universum van Lynch zijn wel idiotere dingen gebeurd.

Kortom: hoe meer vrijheid een regisseur krijgt, hoe interessanter het filmpje. En alleen echt interessante films leveren aandacht op, en goodwill.

Daardoor komen steeds meer opdrachtfilmpjes op internet in het grijze gebied tussen kunst en commercie terecht. Veel ervan hebben bovendien aangetoond dat de ze de online-wereld kunnen ontstijgen. The Hire kreeg lovende recensies in onder andere Time Magazine en The New York Times. De serie maakt nu deel uit van de collectie van het Museum of Modern Art in New York; de dvd’s werden in 2003 feestelijk gepresenteerd tijdens het filmfestival in Cannes. Dit jaar werd daar het WK-minispeelfilmpje van Iñárritu gelanceerd – die veel journalisten ook nog ‘beter’ noemde dan diens speelfilm Biutiful, die ook in Cannes in première ging. Spike Jonzes I Am Here werd als eerste vertoond tijdens Sundance, en draaide verder op de filmfestivals in Berlijn en Istanbul. Carousel en het Parallel Lines-filmpje The Gift werden bekroond met de belangrijkste prijzen in de reclame.

Het toont aan dat de nieuwe opdrachtfilmpjes niet alleen bedrijven en regisseurs veel kunnen opleveren; ze zijn ook een verrijking voor het publiek.

Meer over