achtergrondclubcultuur en nachtleven

Hoe de dansvloeren nog niet zo lang geleden volliepen voor ritmische rockmuziek en onstuitbare indie

In een serie artikelen onderzoekt de Volkskrant het belang van de clubcultuur. Aflevering 3: wat is er toch geworden van de goede oude rockdisco in het nachtleven? De Utrechtse dj St. Paul legt het uit, en vertelt hoe we de betere gitaarmuziek en rockende indie terug kunnen krijgen op de dansvloer.

Robert van Gijssel
null Beeld Elki Boerdam
Beeld Elki Boerdam

Luister naar V’s Radio-Dancecollege

Elke vrijdag om 21.00 uur draait de Volkskrant de fijnste plaatjes uit het nachtlevenartikel van de week op Pinguin Indie. En we praten ze aan elkaar met een smakelijk college over de muziek in kwestie. Deze vrijdag hoor je er de rockdisco uit dit artikel. De uitzending is daarna terug te luisteren op Pinguin Indie, waar ook de eerdere afleveringen te horen zijn (over hoe het nachtleven de popmuziek voorgoed veranderde door op de dansvloer de remix uit te vinden, en hoe acid in 1988 een nieuwe hedonistische tijdgeest inluidde). Of luister de Spotify-playlist.

Het begon zo mooi en meteen al veelbelovend. Toen het moderne poptijdperk ontwaakte en de mens intens begon te dansen op muziek, gingen meteen de armen in de lucht. Ledematen als wuivende rietpluimen in een straffe zomerwind. Een teken van lichamelijke bevrijding: de hersenen konden worden uitgeschakeld en de lichaamsdelen mochten lekker hun gang gaan.

Vanaf eind jaren zestig begon de rock over de festivalweiden te scheuren en we ontdekten dat het lichaam de jankende gitaren kon volgen, en natuurlijk de donderende ritmes van de drums. De lijven kronkelden zich rond de riffs en solo’s van Jimi Hendrix en Carlos Santana, van Monterey tot Woodstock. En de hemel kreeg de eerste vuistslagen in de lucht te verwerken.

Vuistpompen door heel Nederland

Dansen op de betere, hevig rockende gitaarmuziek kan nogal een ontlading zijn, ontdekte iedereen die er zich vanaf die late laren zestig aan waagde. Een fysieke afrekening met tegenslag en alledaags gezeur. Maar hoe fijn ook om te doen, de gouden jaren van het uitgaansgenre lijken voorbij: de rockdans is langzaam uit het nachtleven gesijpeld, als een stroom zweet die traag naar beneden zakt op een klamme clubmuur. Kon je voorheen in elke willekeurige uitgaansstad op minstens drie plekken terecht voor een uitgelaten ‘rock- of gitaardisco’, tegenwoordig moet je die met een lampje zoeken.

Alleen al in Utrecht had je het als liefhebber voor het uitzoeken in het weekend, in de jaren tachtig, negentig én nul. Na een concert in Tivoli aan de Oudegracht kon je de trap op richting bovenzaal, voor een nacht vuistpompen op Nirvana of Faith No More. Of je ging naar nachtcafé Flitz, waar classics van Mother’s Finest werden afgewisseld met de altijd lastige ritmes van de funkende hardcoreband Victims Family. Dan werd er nog ‘eclectisch’ gedraaid in de Vrije Vloer, en later in de baanbrekende nachtclub Pseudo Logica Fantastica (PLF): grunge en raprock naast triphop en techno, waarom niet? De mogelijkheden waren eindeloos. En dat waren ze ook in Amsterdam, in bijvoorbeeld het rockcafé Korsakoff, en van Nijmegen tot Groningen.

Dance rukt op

Het ging langzaam de verkeerde kant op in de jaren nul. Al begon het nieuwe millennium ook nog optimistisch, zegt de Utrechtse dj en kenner van zowel elektronische als gitaargestuurde dansmuziek Paul Nederveen, alias St. Paul. ‘In de zero’s was het heel gewoon om hiphop van producer Timbaland en muziek van The Neptunes af te wisselen met rock. Dat heette toen wat lelijk ‘urban eclectic’, en was echt een grote trend. Ik draaide dat soort sets ineens ook in glamourclubs als de Jimmy Woo.’

Dj St. Paul (Paul Nederveen). Beeld Maan Limburg
Dj St. Paul (Paul Nederveen).Beeld Maan Limburg

Dat er tijdens dit mooie tijdperk voor de grenzeloze dansmuziek tóch de klad in kwam, danken we volgens Nederveen aan de commerciële opmars van de Electronic Dance Music (EDM), vooral in Nederland. ‘Die stroming werd zo dominant, dat die ook de poppodia en de nachten van de popfestivals ging beheersen. Grote dj’s werkten als geoliede bedrijven en de dance-industrie nam langzaam alles over. Het werd steeds minder normaal gitaarmuziek in te bouwen in een set.’ En zo werd het voor een nieuwe generatie dansende mensen minder normaal om nog te bewegen op bas, gitaar, drums en strakke refreinen.

Mannen en duivelshoorntjes

Dat kwam ook omdat er nogal wat aan de hand was met het goede oude genre van de rock. Nederveen: ‘De term ‘rock’ veranderde van betekenis, en ging zeker in Nederland staan voor nogal mannelijke, een tikje ouderwetse muziek. Voor muziek van de Foo Fighters en zo, waarvan de liefhebbers bleven roepen dat het tenminste ‘échte muziek’ was.’ Deze ‘rock’, uitgesproken op z’n Amerikaans en het liefst geïllustreerd met het bekende handgebaar met duivelshoorntjes, zakte af naar het meer nostalgische feestjescircuit.

Maar ook de vernieuwende rock, oftewel: de betere gitaarmuziek van Arctic Monkeys en Franz Ferdinand, kreeg het in de jaren tien ineens zwaar. Nederveen: ‘Omdat je die muziek ook steeds minder hoorde op de voorheen bekende kanalen, met name op de radio. De rol van de radio als bron voor nieuwe muziek raakte uitgespeeld door internet en streaming. Er kwamen dus ook minder onstuitbare hits van de categorie When the Sun Goes Down van Arctic Monkeys of Take Me Out van Franz Ferdinand, waarmee een dansvloer in de jaren nul nog automatisch volliep. En omdat dat soort toch erg dansbare gitaarnummers zich minder naar de voorgrond drong, werd het voor dj’s ook minder voor de hand liggend ze te selecteren voor een set.’

Zonde, vindt Nederveen, die desondanks dapper volhoudt in zijn eigen vaste draainacht Pop-O-Matic in de Utrechtse TivoliVredenburg, en op zijn festivalshows. ‘Ik draai natuurlijk veel elektronische muziek, en hiphop en pop. Maar ik probeer er nog altijd indie en nieuwe rock doorheen te mengen, dat vind ik onmisbaar voor een goede set. Een elektronische, stuwende vierkwartsmaat is mooi, maar heeft zo zijn beperkingen. Het geweldige van indie, of rock, is dat het ritme zo heerlijk los kan zijn, en dat je natuurlijk kunt dansen op het gevoel van een tekst.

‘Ik draaide vorige week Touch Me van The Doors als laatste nummer op het festival Grasnapolsky, en dat werd echt een magisch moment. Ineens een dikke tijdloze hit, niet omdat het moet, maar omdat het mag. Het was een bedankje van mij aan de dansvloer, een beloning voor goed gedrag. Maar het mooie van dat nummer is ook dat het ritme je letterlijk los schudt, het rammelt je helemaal door elkaar. En de flarden tekst worden dan ineens leuzen.’

Strijdliederen voor het oprapen

Het is volgens de dj de onvergankelijke kracht van rock op de dansvloer: de gebalde vuist op een tekst als een statement. ‘Het is prachtig om een nummer te draaien dat werkt als een anthem voor een generatie. Een track waarvan mensen op de dansvloer denken: dit nummer gaat over mij, en over mijn tijd.’ En het hoopgevende van de huidige muziekcultuur, en zelfs een strohalm voor iedereen die méér gitaren wil horen op de dansvloer: die strijdliederen liggen weer voor het oprapen, en hoeven dus niet te worden opgediept uit het rijke rockverleden.

Nederveen: ‘De indie en alternatieve rock zijn momenteel enorm groot, vooral dankzij films en tv-series. In series als Euphoria en Sex Education zit steengoede gitaarmuziek, die mede daardoor weer is gaan leven. Kijk ook naar de liedjes van Sharon Van Etten en Haim in de serie Maid. Die muziek wordt nu groot, niet dankzij de radio of de oude mediakanalen, maar door HBO en Netflix en ook steeds meer door TikTok, waar een nieuwe generatie de rock en de indie leert kennen. In The Batman bijvoorbeeld speelt het nummer Something in the Way van Nirvana een belangrijke rol, dat nummer wordt zo weer ontdekt door een nieuwe doelgroep. Dat betekent dat die muziek nu ook op de dansvloer weer heel urgent kan zijn en iets te vertellen heeft. Er ligt dus een enorm potentieel aan goede rock en indie voor het oprapen. Denk ook aan de grote opkomende indievrouwen, van Phoebe Bridgers tot de band Japanese Breakfast en bijvoorbeeld Wet Leg. De gitaarmuziek is niet meer alleen van zwetende mannen, maar ook van heel jonge vrouwen.’

Tijd om te shuffelen

Het materiaal is er dus. De vraag is hoe we deze om beweging smekende muziek snel terug kunnen brengen naar de dansvloer en de clubnachten. ‘Het is eigenlijk bizar dat het niet allang gebeurt. We blijven maar hangen in die strikte verdeling van de genres in het nachtleven, terwijl nu juist de shuffle-generatie is opgestaan: de jongeren die gewend zijn muziek op hun afspeellijsten door elkaar te husselen. Waarom wordt er dan niet geshuffled in de clubs? Ik kan zelf niet wachten tot ik komend weekend dat nummer Come and Get Your Love van de oude rockband Redbone in kan mixen. Ook dat nummer heeft een nieuw leven gekregen in Marvel-films en is nu een grote hit op TikTok. Het heeft ineens een nieuwe betekenis. Dat ga je merken op de dansvloer, en daar zit ik me dus echt op te verheugen.’

We moeten niet wanhopen: er is volgens Nederveen al iets in beweging. Het vonkje smeult, niet alleen bij zijn eigen draainachten en festivalshows, maar ook in bijvoorbeeld het Amsterdamse Skatecafé en in de Nijmeegse Merleyn, waar steeds meer goede indie wordt gedraaid tot aan het ochtendgloren. ‘Er is veel vraag naar. In het Utrechtse poppodium Ekko organiseerde ik pas een Perfect Indie Disco, en die raakte in twee weken uitverkocht. En er kwamen tot mijn grote plezier heel jonge en enthousiaste mensen op af. Daar gaan we dus ook mee door.’

Misschien moeten de poppodia het voortouw nemen, denkt Nederveen. Waarna de nachtclubs zouden kunnen volgen. ‘Het is eigenlijk heel raar dat de poppodia zijn opgehouden met het draaien van nieuwe gitaarmuziek, rock en indie tijdens hun nachtprogrammering. Want die muziek is echt voor een groot deel hun core business. Het zou toch fantastisch zijn voor een poppodium om de muziek uit de eigen programmering weer terug te zien in de nacht?’

Paul Nederveen alias dj St. Paul draait op zijn vaste clubnacht Pop-O-Matic in TivoliVredenburg in Utrecht. De komende festivalzomer staat hij op vele festivals, en hij is te zien als officieel voorprogramma bij drie shows van de band Tame Impala in de Afas Live in Amsterdam, van 29/8 t/m 31/8.

Meer over