DagboekCaroline Kirkland (1801-1864)

Het Vierwoudstrekenmeer is iets ­onbeschrijflijks

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Gravure van Caroline Kirkland. Beeld Getty
Gravure van Caroline Kirkland.Beeld Getty

Gstaad, 27 juli 1848

Om half elf vertrokken we in een bootje naar Gstaad. Het was uitzonderlijk heet en de aanblik van drie mannen die staande roeiden was voldoende om onder ons zonnescherm in zwijm te vallen.

Toch hadden we wel de hele dag op dit spiegelgladde water willen blijven, terwijl we de zacht glooiende lijn van de oever volgden en menig schaduwrijk baaitje en romantisch uitzichtpunt bezochten.

Over de schoonheid van dit meer, dat door velen als het mooiste van Zwitserland wordt beschouwd, hoeven we verder niet uit te weiden. Door lieden die daartoe bekwaam zijn is het al zo vaak onbeschrijflijk genoemd, dat minder bekwame geesten hier horen te falen. Het Vierwoudstrekenmeer is ongeveer stervormig en je hebt de neiging te veronderstellen dat elk deel daarvan het geheel vormt. Daardoor is het een verrukkelijke verrassing als je meent het einde te hebben ­bereikt, je een scherpe bocht maakt en je nóg een meer ziet, met nieuwe bergen en een nieuw spel van licht en schaduw.

Onmisbaar voor het Zwitserse effect is een besneeuwde bergtop, en in elk deel van het Vierwoudstrekenmeer zijn die voorhanden. Onder de hete julizon blikten wij in diepe, door bevroren watervallen gekoelde schaduwen en op verre sneeuwvelden, die het idee gaven dat je vuur met je handen zou kunnen aanpakken. In de gewijde stilte roeiden wij verder.

Caroline Kirkland (1801-1864), Amerikaanse schrijver. Ingekort fragment uit Holidays Abroad – or Europe from the West. Baker and Scribner, 1849.

Meer over