Het taboe op lichamelijke liefde

In Yo, también worden knap alle drempels genomen waar een film over liefde en het downsyndroom over kan struikelen...

Van onze medewerkster In Yotambién worden knap alle drempels genomen waar een film over liefde en het downsyndroom over kan struikelen. en  Floortje Smit

Pablo Pineda heeft als eerste in Europa met het downsyndroom een universitaire studie afgerond. Hij heeft werk en vrienden. Hij geniet van klassieke muziek en bezoekt graag musea. Maar wat hij het allerliefst wil, lukt hem niet: een vriendin vinden.

‘Dat is zijn grote probleem: hij mag nog zo slim zijn, maar een gelijkwaardige relatie kan hij niet krijgen. Hij is sociaal misschien geaccepteerd, maar niet emotioneel. Hij is gevangen tussen twee werelden.’

Regisseur Álvaro Pastor leerde Pineda kennen door een tv-documentaire, waarmee hij in Spanje een beroemdheid werd. Samen met co-regisseur Antonio Naharro was Pastor toen bezig met een script over de dansschool van diens zus, die ook het syndroom van down heeft. Door Pineda zagen de regisseurs dat het verhaal moest gaan over het verlangen, de noodzaak en misschien wel het recht op liefde.

In de dwarse romantische komedie Yo, también speelt Pineda zijn alterego Daniel, die als een blok valt voor een meisje met een chromosoom minder.

Knap weet Yo, también alle valkuilen van een film over liefde en het downsyndroom te omzeilen. Pastor en Naharro laten zien wat de voor- én nadelen zijn als je deze kinderen stimuleert het beste uit zichzelf te halen. Ook vertedering wordt vermeden – Daniel benadert de wereld met een flinke portie humor en zelfspot. Deels omdat Pineda meeschreef aan het scenario en op de set grappen improviseerde; deels omdat de crew de complexiteit zo goed kende. Met goede vriend en co-regisseur-van-jaren Naharro regisseerde Pastor acht jaar geleden al diens zus in hun korte semi-documentaire Uno más, uno menos speelde. Producent Julio Medem heeft een dochter met downsyndroom. Pastor: ‘We wilden de film niet maken om te laten zien wat voor mooie mensen het eigenlijk zijn, en hoeveel ze wel niet kunnen. Als je er zo bekend mee bent, omzeil je dat soort paternalisme automatisch.’

Het regisseren van de acteurs met downsyndroom vereiste geen andere aanpassingen dan gebruikelijk zijn bij onervaren acteurs, zegt Pastor. Je moet niet gekke dingen uithalen met licht, of willen dat een acteur al spelend precies van A naar B loopt. ‘En je moet altijd oppassen met emoties. Je wilt je acteurs niet kwetsen. Daarom letten we er goed op of mensen de distinctie tussen echt en spelen kunnen maken. En dat kon Pineda.’

Lastiger was het vinden van de juiste tegenspeelster – het liefst eentje met een onbekend gezicht. Een aantal waren best geschikt; met eentje had Pineda zelfs zoveel chemie dat de regisseurs bang waren dat hij wel gekwetst zou worden. ‘Toen kwam een producent met Lola (Dueñas, FS) op de proppen – natuurlijk omdat ze het prettig vinden om een bekende actrice in die rol te hebben. Maar bij de casting zagen we het meteen: zij heeft Laura in zich. We hebben haar ook tijdens een van de tests voorgesteld aan Pablo en ze communiceerde meteen op een gelijkwaardig niveau – dat was het belangrijkste.’

Het grootste taboe dat de film doorbreekt is het dilemma van lichamelijke liefde tussen mensen met een beperking. ‘Het blijft een ontzettend moeilijk gebied; zelfs als je het als familie niet uit de weg gaat. Omdat je dan iemand moet helpen om seks te hebben. Daarom besluiten de meeste families uiteindelijk: ze kunnen wel zonder. Dat is de makkelijkste weg.’

Toch gaat de film niet zo ver dat de regisseurs de daad ook laten zien – ook naaktheid wordt vermeden. Die keuze is niet gemaakt om het publiek uiteindelijk te ontzien, verzekert Pastor. ‘Integendeel, cinema mag best oncomfortabel zijn. En een seksscène had juist heel mooi kunnen zijn. Ik weet het niet. En dat is het punt: ik weet alleen hoe het eruit ziet hoe mensen zonder downsyndroom seks hebben. Ik heb het onderzocht bij organisaties die gespecialiseerd zijn in seksuele ontwikkeling en volgens hen is het anders. Zijn mensen met downsyndroom zachter, voorzichtiger, liever.’

Het doet er ook niet toe, aldus Pastor. ‘Het ging ons om de weg erheen. Bovendien speelt Pineda natuurlijk wel een alter ego van zichzelf. In de film gaat hij al verder dan hij zelf is gegaan. We wilden ook wat intimiteit voor hem zelf bewaren.’

Meer over