Het straatleven verfilmd

‘Hangen is stilstaan’, zegt acteur Peter Faber. Met zijn zoon Jesse maakte hij een speelfilm over én met jongeren van de straat....

Van onze verslaggeefster Anna van den Breemer

Amsterdam Tijdens de opnames lag er 3 duizend euro cash verspreid over de tafel, vrij om te grijpen. Maar aan het einde van de lange draaidag was het er nog. Zelfs 10 euro meer. ‘Ik weet dat er jongetjes aanwezig waren die een week daarvoor nog de snackbar hadden overvallen voor 100 euro’, zegt gelegenheidsacteur Hamda Belgaroui (30), opgegroeid op de straten van Tuindorp Oostzaan in Amsterdam-Noord. ‘Sommigen zitten momenteel vast. Het zijn zeker geen schatjes.’

Maandenlang werd er door een grote groep straatjongeren uit Amsterdam-Noord, onder wie Belgaroui, gewerkt aan de speelfilm Hangen of Leven, onder begeleiding van regisseur Jesse Faber en zijn vader, acteur Peter Faber. Maandagavond vond de première plaats in het ’t Zonnehuis, het eigen theater van de 66-jarige Faber.

Als jongetje van 16 werd Peter Faber door datzelfde theater gered van het destructieve straatleven. Hij zwierf toen al een tijdje rond. De plaatselijke kapper raadde hem aan om auditie te doen voor Shakespeare’s Midzomernachtsdroom. Tot zijn eigen verbazing kreeg Faber de rol van Oberon en maakte hij zijn debuut als toneelspeler. Met zijn in 2009 opgerichte Peter Faber Stichting probeert hij nu iets terug te doen voor de zogenoemde ‘risicojongeren’ uit zijn oude buurt.

Dat was min of meer toevallig. Een vroegere buurman die als buurtregisseur in Tuindorp Oostzaan werkzaam was, had hem gevraagd eens mee de wijk in te gaan. Als agent probeerde hij het met ouderwets gezag. Misschien kon Faber ze beter bereiken op straatniveau?

De hangjongeren krijgen wel vaker te maken met goedbedoelde hulp. ‘Dan komt er weer een stichting met een budgetje om ons van de straat te halen’, zegt Belgaroui minzaam. Volgens de jongens heeft het geen nut om hen als slachtoffer te benaderen. Dan zetten ze ‘er een elleboog tegenaan’. Met Faber was dat anders. ‘Hij was niet gestuurd door de regering. Hij komt uit dezelfde straat. Hij weet waar we het over hebben.’

Hoewel er vijftig jaar tussenzit, lijkt er weinig in de wijk veranderd. ‘Bij de IJssalon op het plein gingen we gokken’, denkt Faber hardop terug aan zijn jeugd. ‘Wie het geld het dichtst bij de muur kon gooien, had gewonnen.’ Harra Decarlson (17), zwart mutsje over zijn lange haar en ook te zien in de film, begint te lachen. ‘Dat doen we nog steeds, man.’

Een heuse speelfilm met een professionele crew vormt een contrast met de dagelijkse gang van zaken in Tuindorp. ‘Veel jongens hier gaan voor de snelle actie’, zegt Hamda Belgaroui. Het plegen van overvallen bijvoorbeeld, zaakjes waarmee hij zich als 16-jarig jongetje ook bezighield. ‘Het Robin Hood-gevoel is hier altijd geweest. We zijn vrijheidstrijders. We rennen desnoods ergens naar binnen om wat geld te halen.’

Dat was toen. Nu heeft hij met vrienden het succesvolle recordlabel THC. De jongere generatie kijkt naar hem op. ‘Ondanks alles zijn we toch ook een goed voorbeeld geweest. We zijn gaan rappen in een eigen studio in onze kamer. Veel jongens hebben dat overgenomen. Deze jongen hier’, hij wijst naar Harra Decarlson, ‘heeft ook een eigen mixtape op straat uitgebracht.’

De speelfilm gaat over keuzes maken. ‘Hangen is stilstaan’, zegt Peter Faber. ‘Iedereen heeft de keuze om tegen een muur te blijven hangen of iets te gaan doen.’ Maar je kunt ook ‘hangen’ als je een gewone baan hebt waar je niet gelukkig mee bent, meent Hamda. ‘Van binnen ga je stuk, hetzelfde als hangen op straat. Alleen krijg je geen tik van de maatschappij.’

Meer over