Het seizoen van de onbeminden

Met een nominatie voor de Gouden Gids Publieksprijs en een hoge score van inzendingen op het Theaterfestival heeft Toneelgroep Amsterdam weer een plek veroverd op het hoofdpodium van het Nederland toneel....

0H ARTELIJK dank, en eh... het is ook erg fijn voor Toneelgroep Amsterdam'

Vorige week vrijdag ontving actrice Sigrid Koetse na afloop van de voorstelling Masterclass in de Stadsschouwburg Velsen de nominatie voor de Gouden Gids Publieksprijs. Ze schoof de eer met een ruimhartig gebaar door naar haar gezelschap.

Het is ook erg fijn voor Toneelgroep Amsterdam, waar aanvankelijk net als bij andere toneelgezelschappen met enig dédain werd neergekeken op de prijs, waarin de smaak van het publiek tot uiting komt. Maar de Gouden Gids Publieksprijs stijgt in aanzien - het is ook niet niks, een bedrag van honderdduizend gulden. Zakelijk leider Korthals Altes was er zelfs voor naar Velsen gekomen. De hele ploeg moest met de meneer van de Gids op de foto, na afloop werd er een glaasje gedronken en een bitterbal gegeten.

Masterclass is met dertien andere producties genomineerd voor de Publieksprijs, die op 28 mei wordt uitgereikt. De in alle opzichten geslaagde voorstelling over Maria Callas in haar nadagen, maakt samen met Schakels van Heijermans, De Twaalf Gezworenen van het NNT en Een Sneeuw van Het Toneel Speelt de grootste kans op die felbegeerde ton.

Er is nog meer erg fijn voor Toneelgroep Amsterdam. Zondag maakte de jury van het Theaterfestival zijn selectie bekend. Twaalf voorstellingen werden aangemerkt als 'de meest belangwekkende van het seizoen' en zijn in september tijdens het Theaterfestival in Antwerpen en Amsterdam opnieuw te zien. Op dat lijstje staan liefst drie producties van Toneelgroep Amsterdam: Ashes tot Ashes (Pinter), Licht (Rijnders) en Een soort Hades (Norén). Dat is opmerkelijk veel voor een groep die de laatste jaren een beetje stuurloos leek, zich terugtrok in de Westergasfabriek, daar de ene na de andere productie maakte, en vervolgens bijna vergat dat de eerste taak van 's lands grootste repertoiregezelschap is: grote zaalproducties maken en schouwburgen bespelen.

In de kranten verschenen kritische stukken over het zwalkende beleid van TGA en over het isolement dat artistiek leider Gerardjan Rijnders vrijwillig opzocht. Die kritiek werd meestal hooghartig weggewoven. Met de kerstvoorstelling Licht joeg Rijnders zelfs een deel van het publiek weg. Maar hij en zijn voltallige groep bleken eensgezind: dit is het, nou ja ons theater van de toekomst. Zwijgende acteurs op toneel, af en toe wat krampachtige danspassen, een lange, ondoorgrondelijke monoloog over de treurigheid van het moderne leven en een rockband. Dat was Licht, een volslagen in zichzelf gekeerde, gesjeesde voorstelling. Maar ook eindelijk weer eens theater om je over op te winden, een mening over te hebben. Maar belangwekkend? Nee, hooguit controversieel, of liever: bewust provocerend.

Voor Licht bracht Rijnders enige tijd door in een psychiatrische inrichting en observeerde daar de bewoners. Dat leidde weer tot Een soort Hades, een tekst van Lars Norén over het leven in een kliniek vol beschadigde mensen. Alleen al door die voorstelling, door dat fantastisch spelende ensemble en die superieure regie van Rijnders verdient TGA weer een plek op het hoofdpodium van het Nederlandse toneel.

Dat is het rare met die groep, die soms zo mateloos kan irriteren met dat gemakzuchtige Srebrenica!, de ongein van de homokomedie Kroonjaar en die almaar optredende huisband Mook'm waarin acteurs lelijk zingen en putten uit een repertoire waarvoor elke derderangs schnabbelband zich zou moeten schamen. Maar het is ook de groep die het klaarspeelde om met de Toneelfabriek op reis te gaan en in steden als Gent en Groningen in één week soms tien verschillende voorstellingen te spelen. Met alle mitsen en maren heeft TGA de reisverplichting in dit land een nieuwe invulling proberen te geven. Zoals het er nu naar uitziet, wacht TGA in de toekomst een nieuwe, schone taak: de bespeling van de Stadsschouwburg op het Leidseplein, waar groep en gebouw tot één organisatie moeten samensmelten. Rijnders kennende zal hij van de schouwburg één grote toneelfabriek willen maken, en eerlijk gezegd: hij gaat zijn gang maar.

Drie producties van TGA op het Theaterfestival is niettemin overdreven.

Opnieuw heeft de jury, bestaande uit vier Vlaamse en drie Nederlandse critici, zich willen onderscheiden met een selectie die vooral elitair is, gericht op de kleine zaal en alleen geschikt voor de kring van theater-ingewijden. Een schouwburgdirecteur mopperde deze week dat hij van de twaalf producties er twaalf niet heeft gezien, een redacteur van een kunstprogramma kwam niet verder dan zes voorstellingen. Terwijl ze toch beiden uit hoofde van hun functie veel toneel zien.

Nog steeds gaat het Theaterfestival met een grote boog om de breedte en diversiteit van het theateraanbod heen. Dat mag, maar laat men dan duidelijk voor die marge en extremiteit kiezen, en niet met veel poeha hét festival van hét Nederlandse theater willen zijn. In de nabije toekomst zou het festival wat dat betreft wel eens in een identiteitscrisis kunnen raken, nu het VSB Fonds hoofdbegunstiger is geworden (het woord sponsor wordt angstvallig vermeden, dat klinkt zo ordinair). 'In het bijzonder hecht het VSB Fonds grote waarde aan de betekenis van het Theaterfestival voor een breder publieksbereik van theatervoorstellingen', zo luidt het uitgangspunt. Het Theaterfestival zal dan een breder samengestelde jury moeten kiezen, want dat breder publieksbereik realiseer je niet met een anderhalf uur durende monoloog van Pasolini.

Naast de drie genoemde TGA-producties zijn de volgende voorstellingen geselecteerd: Twee stemmen (Duras/Pasolini) door Hollandia; HMA of Hiroshima mon amour (Duras), een coproductie van Holland Festival, KunstenFESTIVALdesArts en Toneelschuur; Henry van en door Peter De Graef, Wie... door Dood Paard; Torquato Tasso door 't Barre Land; Noordeloos door De Federatie; Hartstreek door het Kruis van Bourgondië; Bernadetje door Victoria en De Onbeminden (Mauriac) door het Zuidelijk Toneel.

Van dit lijstje is alleen De Onbeminden een typische grote zaalproductie, één van de twaalf dus. In een seizoen waarin de grote toneelzalen eindelijk weer eens wat voller werden, heeft de jury daar dus een steek laten vallen. Met name vrije producties als Schakels, Een goed ontbijt en De Stille Kracht waren avond aan avond uitverkocht. Dat zegt natuurlijk niets over de kwaliteit, die in het geval van De Stille Kracht bedroevend was. Schakels daarentegen (een productie van Joop van den Ende) bleek een traditionele, maar nergens ouderwetse voorstelling, waarin weer eens opviel hoe prettig het is als een ensemble er echt zin in heeft.

Je mag van deze juryleden niet verwachten dat ze Schakels selecteren. Maar waarom Titus Andronicus niet, waarin Johan Doesburgs talent eindelijk op zijn plaats viel? Of Johan Simons' regie van Trojaanse Vrouwen, met een krachttoer van Frieda Pittoors die haar verdriet zo'n mooie knipoog meegaf? Of Een Sneeuw, dat stuk van Willem Jan Otten waarvan velen dachten dat het gedateerd zou zijn, maar dat in een smaakvolle regie van Albert Lubbers een tweede leven kreeg?

Nee, de jury koos voor Wie... van Oscar van Woensel, een puberaal toneelstuk van en over onbegrepen kunstenaars die zich afzetten tegen alles en iedereen zonder er iets anders dan cynisme tegenover te stellen. 't Barre Land is een beginnende groep die sympathie verdient, maar Torquato Tasso hoort toch meer thuis in het door de NES-theaters georganiseerde parallelfestival, bedoeld om kleinere producties onder de aandacht te brengen. Dat Peter De Graef zodra hij een solo maakt als vanzelfsprekend in het festival zit, ach, zelfs aan de Vlaamse lobby wen je. Maar waarom niet gekozen voor Ingeborg Elzevier, die het genre solotoneel met haar Amanda nieuw leven inblies?

De selectie van Bernadetje van Victoria is al even voorspelbaar. Toch is deze voorstelling bij lange na niet zo indrukwekkend als Moeder en Kind, de vorige productie van Alain Platel en Arne Sierens. Bernadetje, dat zich afspeelt op, rond en in echte botsautootjes is bruisend en amusant, maar er zitten ook bedenkelijke kantjes aan. De zogenaamd van de straat geplukte (amateur) spelers worden hier gebruikt op een manier die toch ook iets heeft van aapjes-kijken. Het rauwe straatleven moet de spiegel van het dagelijkse leven zijn, maar het is vooral een slim bedacht en professioneel uitgevoerd spektakel, dat ook commercieel uiterst lucratief is gebleken. Bernadetje reist de komende maanden de wereld rond, langs alle grote festivals. Op de echte kermis is het leven spannender.

Er valt ook wel iets aardigs te zeggen over deze jury, voorzover men daar überhaupt op zit te wachten. Zo is door het selecteren van Noordeloos (De Federatie) en Hartstreek (Het Kruis van Bourgondië) de opkomst van de regio onderstreept. In dit geval Limburg, want beide groepen komen uit Maastricht. Een beetje zuur voor het Limburgse gezelschap Het Vervolg is het wel, want de veel geprezen toneelversie van Reve's De Avonden haalde het niet.

Maar vooral de selectie van Noordeloos, een kaal en in alles origineel stuk van de jonge schrijver Peer Wittenbols is een steun in de rug van een nieuwe lichting toneelschrijvers, die in een onopgesmukte, poëtische taal het drama dichtbij huis zoeken. Dat levert herkenbare voorstellingen op, met absurde trekjes, zoals het leven zelf. 'Als men geen wagenziekte heeft, kan men in nog geen dag in Barcelona zitten. Er zijn oude gebouwen voor wie van oude gebouwen houdt, met binnenin vaak ook nog een museum. Hou je van strand dan ga je naar het strand, het weer zit vaak mee wat dat betreft.' Dat zegt Mon, de hoofdpersoon in Noordeloos die een doodzieke vrouw heeft en een paar boeken over verre landen. 'Ik weet zeker dat ik een van de komende weken een boek ga halen over Spanje, want het is precies zo'n land waarvan je steeds meer te weten wilt komen.' Dat soort zinnetjes, die horen op een Theaterfestival gehoord te worden.

Terecht is ook de nominatie van HMA of Hiroshima mon amour, Guy Cassiers' niet alleen belangwekkende maar vooral ook mooie theaterbewerking van de beroemde film van Marguerite Duras. Met behulp van geavanceerde techniek is het Cassiers gelukt het verhaal van die twee tragische mensen die door het verschil in afkomst, cultuur en levensverwachting niet tot elkaar kunnen komen, opnieuw te vertellen. Het was toch al het seizoen van de mal-aimés, de onbeminden. De aandacht voor die dolende zielen is een constante in de regies van Ivo van Hove die in zijn monumentale producties bij het Zuidelijk Toneel het onbemind-zijn onderzoekt, toelicht en inzichtelijk maakt. De Onbeminden past in die zin in het rijtje Het Zuiden, Gered, Rijkemanshuis en De Tramlijn die Verlangen heet en is in ieder detail betekenisvol.

Was het een goed, een slecht of een matig seizoen?

Het was in ieder geval het seizoen waarin Erik Vos afscheid nam van De Appel en het duo Aus Greidanus/Aram Adriaanse de moeilijke taak krijgt dat gat op te vullen. Mary Dresselhuys werd negentig en vertelde daarover tegen Paul Haenen in een verrukkelijke (eindelijk is dat woord weer eens van toepassing) toneelavond. De prijs voor de beste pr gaat - met dank aan staatssecretaris Nuis - naar theatergroep Toetssteen en Emily, of het geheim van Huis ten Bosch. Arthur Sonnen, directeur van het Theaterfestival, heeft Emily geboekt als openingsvoorstelling en hoopt op die manier alsnog een graantje mee te pikken. Erg origineel is die keuze niet. Hij zou het RO Theater die opening moeten gunnen, met voor de pauze Woyzeck (regie: Peter de Baan) en na de pauze Elektra (regie: Koos Terpstra). Na afloop mag het publiek dan uitmaken wie van de twee in Rotterdam artistiek leider mag blijven. Het is een treurige crisis die het RO Theater treft, juist op het moment waarop de groep zich sterk ontwikkelt als stadsgezelschap.

Beter vergaat het Ivo van Hove die naast directeur van het Zuidelijk Toneel ook artistiek leider van het Holland Festival wordt. De vraag is alleen of zo'n duobaan vol te houden is. Die andere wonderboy uit Vlaanderen, Dirk Tanghe, liet het een beetje afweten. Glazen Speelgoed, dat zijn debuut moest worden bij de Utrechtse Paardenkathedraal werd op de dag van de première van het repertoire genomen. Zijn onlangs uitgebrachte Fröken Julie bleek een merkwaardig statement, met briljante maar ook tenenkrommende momenten.

Heel eigenwijs en ook traditiegetrouw mis ik een paar voorstellingen in deze selectie. Fred van Carver (vanwege het boodschappenlijstje van Beppie Melissen), Heden Toekomstmuziek van het Onafhankelijk Toneel (een lichte tekst van Erik-Ward Geerlings over de zware relatie tussen Wagner en Nietzsche), Het Huis van Bernarda Alba van Carrousel (al was het maar om Marlies Heuer weer eens op dreef te zien), Mijn Hondemond van De Trust (als hartverscheurend afscheid van Werner Schwab) en bovenal Drie Zusters van De Tijd. Ieder theaterseizoen heeft recht op een goede Tsjechov, en Lucas Vandervost presteerde het in deze liefdevolle regie toch weer een nieuw licht op de zusters te werpen.

Er waren ook heel erge voorstellingen. Jozef Trilogie van Theater van het Oosten was er zo een, geregisseerd door Leonard Frank die Vondel lekker modern liet spelen door een stelletje aftandse cowboys. Woyzeck van het RO Theater: erg saai en overbodig, Lucifer van het Zuidelijk Toneel: groteske verspilling van moeite.

In Engeland is de relatie tussen theatermakers en critici verziekt. Zozeer zelfs dat ze daar kortgeleden de rollen hebben omgedraaid. The critics - Up for review heette het project waarin vier toonaangevende critici een stuk regisseerden en vier regisseurs daarover een recensie schreven. Meer begrip voor elkaars werk, dat moest ervan komen. Na afloop lieten de deelnemers weten het erg verhelderend te hebben gevonden, maar toch liever in hun eigen vak te blijven.

Aan de Nederlandse variant van deze uitwisseling zou ik best mee willen doen. Lekker om elf uur koffie drinken in Café Cox en dan aan het werk. Eerst alle acteurs die bijschnabbelen in reclamespotjes eruit gooien. En dan zou ik in het repetitielokaal Chris Nietvelt willen zien. Maar ik zou geen woord kunnen uitbrengen, omdat ik alles wat ze deed mooi zou vinden.

Meer over