Het post-9/11-bewustzijn

In september vorig jaar publiceerde Jay McInerney een uitvoerig essay in de Britse krant The Guardian over de vraag of het schrijven van fictie nog zin had na de gebeurtenissen van 9/11....

Hans Bouman

Met zijn nieuwe roman The Good Life geeft McInerney daaraangehoor. Het boek begint op maandag 10 september 2001 en voert eenaantal personages op die we al kenden uit Brightness Falls(1992). Zo komen we op de eerste bladzijde Corrine Callowaytegen, nog altijd getrouwd met literair redacteur Russell. Hetstel, veertigers inmiddels, woont in een loft in New YorksTriBeCa, een huurwoning, want ze hebben bij de real estate boomvan de jaren tachtig de boot gemist, toen Russels poging om deuitgeverij waar hij werkte over te nemen mislukte.

Corrine en Russell hebben een tweeling, geboren nadat bijCorrine eitjes van haar zuster waren geïmplanteerd dievervolgens door middel van IVF werden bevrucht. Om een goedemoeder te kunnen zijn heeft ze haar baan in de effectenhandelopgezegd, een beslissing waar ze inmiddels halfhartig tegenoverstaat. Dat Corrine aan een filmscript werkt - van GrahamGreene's The Heart of the Matter - biedt nauwelijks soelaas, wantdat wordt ongeveer net zo serieus genomen als de klassiekeserveerstersverzuchting dat ze 'eigenlijk' actrice is.

Ook Russells loopbaan is een beetje in de versukkelinggeraakt, en welbeschouwd kunnen de Calloways zich hun levensstijlmaar nauwelijks permitteren. Maar ze blijven hoopvol. Ze moetenwel. Zo geven ze aan het begin van het boek een etentje waarvoordiverse grote namen zijn uitgenodigd, maar een van hen (eneSalman) heeft afgezegd.

Dat is trouwens niet het enige smetje op hun eerste werkdagna hun vakantie op Long Island. Het is tevens de eerste dag datde 6-jarige tweeling naar school gaat, en eigenlijk zou Corrineop tijd thuis moeten zijn om haar kinderen op te vangen en hunverhalen aan te horen. En vervolgens Russell te helpen in dekeuken. Helaas is een afspraak uptown schandelijk uitgelopen enkomt ze pas om kwart over zeven thuis, alwaar...

De tweede verhaallijn in The Good Life betreft Luke en SashaMcGavock. Luke is rijk geworden als bankier in Wall Street enheeft een sabattical van een jaar genomen om een boek teschrijven over Japanse samoeraifilms en en passant eens na tedenken over wat hij nu wil met zijn leven. Hij voelt zich intoenemende mate onbehaaglijk in de wereld van glitter en goud diezijn glamoureuze vrouw zo opwindend vindt, en maakt zich zorgenover de manier waarop zijn vroegrijpe 14-jarige dochter opgroeit.

In een observatie die er misschien iets te dik bovenop ligt,doen de zelfvoldane, met uiterste zorg geklede verschijningen opeen of ander liefdadigheidsfeest dat Luke bezoekt hem denken aande afbeeldingen die hij tijdens zijn recente zomervakantie inPompeï en Herculaneum heeft gezien.

Vervolgens slaat het boek één dag over en is het 12september, 'Aswoensdag', zoals McInerney het treffend noemt.Zowel de Calloways als de McGravocks hebben iemand verloren diein het World Trade Center aanwezig was, en in de stofwolken vanzuidelijk Manhattan lopen Corrine en Luke elkaar tegen het lijf.Beiden gaan om uiteenlopende redenen gebukt onderschuldgevoelens, en hun relatie ontwikkelt zich verder als zezich aanmelden als vrijwilliger in een geïmproviseerdesoepkeuken nabij Ground Zero, die voedsel verstrekt aan dehulpverleners aldaar. Op de pagina's die volgen, worden Corrineen Luke steeds nadrukkelijker de belichaming van een nieuwbewustzijn, een nieuwe levenshouding na de waterscheiding van9/11.

Het is interessant te zien hoe McInerney een verhaallijnafwikkelt waarin hij bewust afstand lijkt te doen van een vanzijn belangrijkste literaire wapens: de ironie. Het gevolg is datpogingen tot ernst en oprechtheid de grenzen van desentimentaliteit geregeld overschrijden. Gezwollen frasen van hettype 'Er staat bij ons te veel op het spel om niet eerlijktegenover elkaar te zijn' doortrekken het boek met eenonaangename sacharinesmaak.

Toen McInerney zijn collega Norman Mailer liet weten dat hijaan een boek over 9/11 werkte, adviseerde die hem daar tien jaarmee te wachten, schreef McInerney in zijn Guardian-essay: 'Zolang zul je nodig hebben om de gebeurtenissen op waarde te kunnenschatten.'

Het is wat flauw McInerney te slaan met een stok die hij onsaldus zelf heeft aangereikt, maar eerlijk is eerlijk: die oudeMailer heeft wel minder zinnige beweringen gedaan.

Meer over