Beeldende kunstBruce Nauman

Het overzicht van Bruce Nauman is een bij vlagen hels ritje dat je niet meer loslaat ★★★★☆

Het Stedelijk in Amsterdam gebruikt het idee van ‘rotatie’ als ordenend principe in Naumans werk. Een gouden zet. De bezwerende en ontregelende kracht van herhaling is overal.

Carrousel (1988) van Bruce Nauman in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Eigenlijk horen de dieren over de grond te slepen, maar daarvan slijten de beelden te veel.  Beeld Peter Tijhuis
Carrousel (1988) van Bruce Nauman in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Eigenlijk horen de dieren over de grond te slepen, maar daarvan slijten de beelden te veel.Beeld Peter Tijhuis

Zijn we in het museum of op een sinistere kermis? Het is moeilijk te zeggen. Een van de eerste kunstwerken waar je bij Bruce Nauman tegenaan loopt is een draaimolen des doods die verwrongen dierenkarkassen in de rondte zwaait. De spiraalvormige neontekst die ernaast hangt zou ook het uithangbord van een waarzegger kunnen zijn: The true artist helps the world by revealing mystic truths. Vanuit een zaal verderop klinkt maniakaal gelach en geschreeuw.

De Amerikaan Bruce Nauman (1941) is een van de invloedrijkste naoorlogse kunstenaars en zijn werk is goed vertegenwoordigd in Nederlandse collecties. Toch was er tot nu toe nog geen groot Nederlands retrospectief. Het Stedelijk Museum in Amsterdam toont nu ruim veertig kunstwerken die een periode van ongeveer vijftig bestrijken. Het is een samenwerking met het Londense Tate Modern, waar de tentoonstelling vorig jaar te zien was.

Pionier in elk medium

Nauman heeft geen kenmerkende stijl, de constante factor is zijn experimenteerdrift. Hij was een pionier in zo’n beetje elk medium, van video en performance tot (neon)sculptuur, geluid en fotografie. Alleen het penseel liet hij links liggen. Bovendien wil hij zijn werk niet te veel uitleggen. Het komt voort uit een frustratie met de menselijke conditie, zei hij ooit, maar zo’n breed kader geeft bar weinig houvast. Hoe vertaal je dit veelzijdige, ietwat ongrijpbare oeuvre naar een behapbaar en samenhangend geheel?

Anders dan bij het (veel grotere) overzicht in Basel en New York uit 2018, is deze tentoonstelling niet chronologisch opgebouwd. Een strakke thematische indeling is er evenmin; onderwerpen als het lichaam, taal, controle en het kunstenaarschap zwieren losjes door de zalen. Om de dolende bezoeker op weg te helpen, introduceert de eerste zaal het idee van ‘rotatie’ als een lens om Naumans werk door te bekijken.

Dat is een gouden zet. Zodra je het hebt gezien, kun je het niet meer niet zien. De bezwerende en ontregelende kracht van herhaling is overal. Soms grimmig, zoals in de video-installatie Clown Torture (1987), waar een even zielige als angstaanjagende clown steeds dezelfde rijmpjes herhaalt. De ironie druipt er ook van af in Seven Figures (1985), een orgie in neonlicht met zeven silhouetten die vastzitten in de eindeloze herhaling van neukbewegingen zonder hoogtepunt.

Jonge lange slungel

Net als het iets te cynisch wordt, is daar de poëzie van een reeks video’s die Nauman eind jaren zestig maakte in zijn atelier. De kunstenaar, een jonge lange slungel, stuitert eindeloos tegen de muur of loopt overdreven heupwiegend over een vierkant dat hij op de vloer heeft getekend. De verveling en beklemming komen bekend voor. Wie kent na een jaar van lockdowns niet het gevoel tegen de muren op te vliegen? Tegelijkertijd ademt het werk vrijheid. Zo weinig heb je blijkbaar nodig om tot een intrigerend beeld te komen.

Tegen het einde van de rit sta je zelf in een kale kamer. Eén bezoeker per keer mag Get Out of My Head, Get Out of This Room (1968) betreden en zich laten toespreken door de kunstenaar, die steeds dezelfde zin uit de titel herhaalt. Hoewel, toespreken? Eerder toefluisteren, toegrommen, toeraspen. Extra griezelig is dat je maar niet kunt ontdekken waar het geluid vandaan komt. Zit je inderdaad in het hoofd van de kunstenaar, of heeft hij zich intussen in jouw hersenpan genesteld?

Zo doet Nauman dat, hij kruipt onder je huid en laat niet meer los. Je wilt uit die kamer en je wilt er ook blijven. Dat geldt ook voor de tentoonstelling als geheel. Het is bij vlagen een hels ritje, maar wie ervan houdt om in het museum flink door elkaar geschud te worden komt niet van een koude kermis thuis.

Dilemma

In de oorspronkelijke opstelling sleepten de dode jachtdieren uit het sleutelwerk Carrousel (1988) piepend en knarsend over de grond, in het Stedelijk zweven ze er netjes boven. Hoe zit dat? ‘Het slepen hoort bij het kunstwerk, dus dat wilden we natuurlijk graag laten zien’, zegt conservator Leontine Coelewij. ‘Maar het mag niet meer. Het Kunstmuseum Den Haag, dat het kunstwerk uitleende, heeft vastgesteld dat de beelden er te hard door slijten.’ Het is een dilemma voor het Kunstmuseum, zegt hoofd collecties Doede Hardeman: ‘Aan de ene kant wil je het kunstwerk laten zien zoals het is bedoeld, aan de andere kant wil je er voorzichtig mee omgaan zodat ook volgende generaties het kunnen zien. Hoe ga je met die dubbele opdracht om? We zijn er nog niet over uit en onderzoeken momenteel verschillende opties.’ Tot die tijd wordt er niet gesleept.

Bruce Nauman

Beeldende kunst

★★★★☆

Stedelijk Museum, Amsterdam. T/m 24/10.

Meer over